Halte bij de vergeten brandgrens

Koud hè?Ja, koud én vies. Er wordt heerlijk gemopperd in de tram. De druppels glijden langs het raam. Buiten trappen moedige fietsers tegen de wind in. Tram 4 staat stil op de Nieuwe Binnenweg voor een dubbelgeparkeerde auto, maar vanmiddag lijkt niemand haast te hebben. Met dit weer is het fijner om samen te mopperen, af te geven op onbetrouwbare voorspellingen, en elkaar advies te geven over de droogste route naar huis.

De tram gaat de Lage Erfbrug over, de Schiedamseweg op. Ik ken deze straat goed, met de oude geveltjes die het bombardement hebben getrotseerd. Daar zit de fijnste sigarenwinkel van de stad. En daar, verstopt in een zijstraatje als een goed bewaard geheim, de tweedehands boekwinkel van Jannie, die altijd verse koffie voor haar vaste klanten heeft. Verderop het Visserijplein, Pier 80, en het kunstwerk ‘Marconi Waltz’; drie betonnen witte vierkanten die op elkaar leunen.

We zijn vlakbij de brandgrens, het ‘vergeten bombardement’ van 31 maart 1943 heeft hier duidelijke sporen nagelaten.

Niet eerder bleven er zoveel mensen zitten tot de eindhalte, Marconiplein. We stoppen voor het wit met rode gebouwtje, de ingang van de metro. Daar gaan de mopperaars uiteen.

In de prullenbakken zijn afgedankte paraplu’s gepropt. Er zit een groep duiven op een bankje. Onverstoorbaar, met ingetrokken nekken en natte veren. De mensen schuilen binnen. Ook in groepjes, dicht bij de schuifdeuren, met ingetrokken nekken en gewatteerde jassen.

Ik laad mijn ov-chipkaart op bij een van de automaten. In het bakje ligt wisselgeld, bij elkaar nog geen euro, achtergelaten voor de gelukkige vinder. Ik laat het liggen en stel me verdekt op in een hoekje.

Er is een broodjeszaak en een loket waar je sigaretten en snoep, sjaals en schoolagenda’s kunt kopen. Op het krantenrek een handgeschreven bord: Deze kranten zijn niet gratis.

Bij de oplaadautomaat staat een jongen met een koptelefoon. Hij stopt net zijn portemonnee in zijn broekzak, staat op het punt om weg te lopen. Maar dan zet hij zijn koptelefoon af en kijkt snel om zich heen. Zijn hand verdwijnt in het bakje met wisselgeld. Met grote passen haast hij zich door de poortjes, de roltrap af. Hij heeft geluk vandaag.

    • Dahne Huisden