Als Rotterdammers vertellen over hun stad

Het vertellen over hun beleving van de stad blijkt een confrontatie met het verleden te zijn die geen enkele Rotterdammer onberoerd laat.

De keet waarin de persoonlijke herinneringen van stadsbewoners worden opgenomen. Foto Verhalenhuis Belvedere

Hoe gemêleerd het gezelschap ook is dat ze wekelijks ontvangen in hun mobiele verhalenstudio, het gaat telkens om Rotterdammers die anders nooit zouden zijn gekomen. Dat staat als een paal boven water voor Linda Malherbe, initiatiefnemer van Verhalenhuis Belvédère, en projectleider Laura Schalkwijk. Ze trekken sinds 20 januari met een rode bouwkeet op wielen door de stad op zoek naar persoonlijke verhalen van Rotterdammers. Dit in het kader van wederopbouwfestival Rotterdam viert de stad!

In interviews van een uur vertellen de Rotterdammers hun verhaal. Indrukwekkend, zegt Schalkwijk. „Veel mensen zeggen bij binnenkomst dat ze eigenlijk niks te melden hebben maar als ze eenmaal zitten en beginnen te vertellen dan komen de herinneringen los. Ineens voelen ze ook de betekenis van hun verhaal voor de stad. Iedereen raakt geëmotioneerd. Zij doordat het vaak de eerste keer is dat ze er over spreken – en dan ook meteen zo lang – en wij omdat hun verhaal opeens verbonden is aan de geschiedenis van de stad. De ontmoetingen scheppen zo’n band dat we bij het afscheid vaak geen handen meer schudden maar drie zoenen geven.”

De teller staat inmiddels op 72 verhalenvertellers. Rotterdammers van alle leeftijden en uit alle lagen van de maatschappij. De eerste Chinezen en Italianen in de stad, de tekenaars van de Euromast, en bekende namen zoals van de gebroeders Ter Meulen van het gelijknamige warenhuis en postorderbedrijf, de familie Engels van het vermaarde café-restaurant in het Groothandelsgebouw en Patricia Tang wier vader elf jaar lang snackloket Japie runde aan de Nieuwe Binnenweg na de tent in 1998 te hebben overgenomen van de oude Japie.

Vernieuwingsdrift

Maar ook de vernieuwingsdrift van nieuwkomers die naadloos aansluit bij de wederopbouw. Zoals Kaapverdianen die zich hier in de jaren zeventig vestigden in de veronderstelling dat ze eindelijk in een ontwikkeld land kwamen te wonen maar tot hun verbazing woningen kregen zonder badkamers. Of de Bosnische vrouw die vluchtte voor het oorlogsgeweld in haar vaderland maar zich onmiddellijk verbonden voelde met Rotterdam na te hebben geleerd dat de stad ooit in het hart was getroffen.

Malherbe: „Ze zei: dat de stad nu zo mooi is geworden, geeft hoop, dat het met mensen ook zo kan gebeuren.”

Het idee voor de ‘werken aan verhalen studio’ komt uit Amerika. De organisatie Storycorps verzamelt er al 25 jaar verhalen. Malherbe ontdekte dit op reis en wist meteen dat er een Rotterdamse versie moest komen. „De verhalen verbinden de mensen en samen verbinden ze de stad.”

De mobiele verhalenkeet reist tot en met dinsdag voorlopig voor het laatst door de stad. Tijdens Opzoomer Mee gebruikt Verhalenhuis Belvédère de rode bouwkeet op wielen voor een soortgelijk project in de Rotterdamse straten. „Je zuigt levenservaring op van de verhalenvertellers. Dat geeft ontzettend veel energie.”

De mooiste fragmenten worden gebundeld tot vier voorstellingen van ongeveer een uur. De eerste vindt op 18 mei plaats in onder meer Museum Rotterdam. Er komt ook een luisterboek met vier cd’s. Alle opnames krijgen een plek in het Stadsarchief.