Boosheid verhuld in mooie sprookjes

De Portugezen zijn nu armer en slechter af dan voor de crisis. Die situatie komt terug in de sprookjesverhalen van Arabian Nights.

Sheherazade en de Grootvizier in een avontuurlijke vertaling van1001 nacht naar hedendaags Portugal.

Vrijwel meteen na het begin van Arabian Nights verschijnt een tekst in beeld met een waarschuwing voor wie erotisch getinte, sprookjesachtige verhalen vol exotisme verwacht: dit is géén verfilming van De vertellingen van duizend-en-een-nacht, de beroemde verzameling Arabische legendes. Wel leende de Portugese regisseur Miguel Gomes de structuur van de verhalen en voert hij in enkele episodes heldin Sheherazade op. In de oorspronkelijke sage is zij de vrouw die haar doodvonnis uitstelt door het vertellen van tot de verbeelding sprekende verhalen. Die betoveren koning Sjahriaar zodanig dat hij keer op keer vergeet dat hij Sheherazade zou executeren. Het idee dat verhalen betoveren vormt de drijfveer achter Arabian Nights, evenals het idee dat je middels het vertellen van verhalen je eigen bestaan betekenis geeft.

Wat Gomes in Arabian Nights doet is ambitieus. Zo beslaat zijn film drie delen die elk (ruim) twee uur duren; wie alles wil zien is dus zes uur kwijt. Elk deel bestaat uit een aantal verhalen, met soms ook weer een verhaal in een verhaal. Gomes’ andere ambitie is om iets over het hedendaagse Portugal te zeggen, dat net als veel andere landen hevig te lijden heeft onder de economische crisis. Volgens een titelkaart zijn alle Portugezen nu armer en slechter af dan voor de crisis. Arabian Nights heeft overduidelijk een politieke agenda. Woede over de verregaande bezuinigingen, deels afgedwongen door de EU, staat aan de basis van het project.

Een deel van die boosheid is rechtstreeks verwerkt in Arabian Nights, vooral in het eerste deel, ‘The Restless One’. Het eerste verhaal toont de gevolgen van de sluiting van een grote scheepswerf. Daarna volgt een satirische sketch over de harde onderhandelingen die de trojka van de Europese Unie voert met de Portugese regering. Een sketch die machtsgeilheid rechtstreeks koppelt aan libido: de titel van het verhaal zegt alles: ‘The Men with Hard-Ons’. Gomes eindigt het eerste deel met de persoonlijke verhalen van drie werklozen die allemaal meedoen met een zwemwedstrijd op Nieuwjaarsdag. Eén relaas wordt onderbroken door een sequentie waarin een zeemeermin uit een ontplofte walvis kruipt. Het tekent de vertelstrategie van Gomes, waarbij documentaire elementen keer op keer onderbroken worden door verbeelding; soms krijgt de werkelijkheid de overhand, soms de fantasie. Deze mengvorm zorgt er ook voor dat somber sociaal-realisme à la Ken Loach grotendeels vermeden wordt. Gomes schakelt moeiteloos van komedie naar tragedie, en wisselt realisme af met surrealisme. Dit houdt de zes uur verrassend, en daardoor ook draaglijk. Ook blijkt uit alles een voorliefde voor allegorie, wat Arabian Nights soms lastig te duiden maakt.

Het tweede deel, ‘The Desolate One’, kan wellicht het beste op zichzelf staan. Gomes vertelt hierin drie verhalen; vooral het laatste is een meesterlijk miniatuurtje dat draait om zwerfhond Dixie. De hond gaat van bewoner naar bewoner: de een is te depressief om voor hem te zorgen, de ander heeft geen geld om eten voor Dixie te kopen. Gomes weet hier de droefenis wonderlijk licht te houden, deels door de speelse vorm, deels door de schattigheid van Dixie, die dan ook de Palm Dog won op het filmfestival van Cannes.

Ondanks de Portugese sociaal-economische realiteit is Gomes in Arabian Nights net zo avontuurlijk als de aloude sprookjes die hij aanroept. Niet alles is even scherp en de verveling ligt soms op de loer, maar toch is dit een project dat meestentijds tot de verbeelding spreekt en zowel hoofd als hart beroert.