Hoe de baas digitaal met je mee kan gluren

Petjes die vermoeidheid meten, liften met gezichtsherkenning: bedrijven gaan steeds verder met het in de gaten houden van werknemers. Dat kan ook contraproductief werken.

Illustratie Tomas Schats

Stappentellers, slaapcyclus-apps en fitnesstrackers: handig voor wie fitter wil worden en meer inzicht wil krijgen in zijn eigen gedrag. Maar wat als je baas dat soort quantified self-gadgets en -apps gaat gebruiken om te meten of jij wel hard genoeg werkt of gezond genoeg leeft?

Een groeiend aantal bedrijven houdt zich bezig met de zogeheten quantified employee, de gekwantificeerde medewerker. Met hulp van allerlei sensoren, camera’s en data-analysesoftware kunnen zij werknemers steeds nauwkeuriger in de gaten houden – binnen en buiten werktijd. Dat dat soms te ver gaat, bleek vorige week toen de Autoriteit Persoongegevens (AP) twee bedrijven dwong te stoppen met het verzamelen van medische informatie over hun werknemers via wearables.

Beide bedrijven – de privacytoezichthouder vertelt niet welke – hadden hun werknemers een armband gegeven waarmee ze inzicht kregen in hun lichaamsbeweging, en sloegen die informatie vervolgens op. Volgens de AP zijn dat privacygevoelige gegevens die niet zomaar mogen worden bewaard.

Niet alles is dus toegestaan, en nog los van eventuele privacybezwaren rijst de vraag hoe verstandig het is om alles van je medewerkers te meten en kwantificeren. Een eerder deze maand gepubliceerd onderzoek van de Amerikaanse Duke University in het wetenschappelijke tijdschrift Journal of Consumer Research suggereert dat dat geen goed idee is.

De studie wijst erop dat mensen minder gemotiveerd raken om taken uit te voeren als ze weten dat hun activiteit constant wordt gemeten. Of het nou gaat om iets inkleuren, hardlopen of lezen: de intrinsieke motivatie om die taken te volbrengen nam af op het moment dat iemand nauwkeurig bijhield hoe diegene het deed. Wie werknemers constant digitaal op de vingers kijkt, zou weleens het omgekeerde kunnen bereiken van wat de werkgever wil, denken de onderzoekers. Voorlopig lijken hun resultaten werkgevers er niet van te weerhouden om het toch te blijven proberen. Hoe doen ze dat zoal?

1 Via wearables

Pols- en fitnessbandjes zijn niet de enige wearables die werkgevers aan hun werknemers geven. De Brits-Australische grondstoffengigant Rio Tinto laat zijn vrachtwagenchauffeurs bijvoorbeeld rondrijden met speciale ‘smart caps’. Die zien eruit als normale baseballpetjes, maar zitten vol sensoren. Door allerlei metingen op het voorhoofd houden die in de gaten of een chauffeur tekenen van vermoeidheid vertoont. Als een chauffeur ongeconcentreerd lijkt, registreert de pet dat.

Begin dit jaar lanceerde het Japanse technologiebedrijf Fujitsu zelfs een heel systeem van wearables, locatietrackers, camera’s en andere sensoren om werknemers live in de cloud te kunnen volgen: Ubiquitousware heet dat programma. Het systeem bestaat onder meer uit clips vol sensoren die medewerkers op hun kleding moeten dragen. Fujitsu verkoopt Ubiquitousware voorlopig alleen nog in Japan, bijvoorbeeld in de zorg en fabrieken waar productiewerk nauwkeurig gemonitord moet worden.

De Autoriteit Persoonsgegevens zegt goed te letten op dit soort nieuwe diensten en wijst erop dat bedrijven niet zomaar privégegevens mogen opslaan, zeker niet als het om informatie gaat die iets kan prijsgeven over bijvoorbeeld gezondheid. Maar wat precies wel en niet mag verschilt behoorlijk per situatie en is vooral afhankelijk van de proportionaliteit: is het nodig om die gegevens te verzamelen om het werk goed te laten verlopen?

2 Met ‘slimme’ kantoorgebouwen

Sensoren om medewerkers in de gaten te houden kunnen ook in het kantoorgebouw zelf zitten. Philips verkoopt bijvoorbeeld plafondverlichting voor kantoren die bomvol sensoren zit. Die led-lampen kunnen onder meer live bijhouden hoe druk het op bepaalde afdelingen is. Vooralsnog worden deze technieken met name gebruikt voor het beheren van de kantoorruimte, maar ze kunnen ook de aanwezigheid van individuele medewerkers meten.

Sommige van de sensoren in de verlichting communiceren namelijk met de smartphones van werknemers.

Een proeftuin voor dit soort snufjes is The Edge in Amsterdam, het hoofdkantoor van onder meer adviesbedrijf Deloitte. De bedrijven achter The Edge ontwikkelen ook diverse nieuwe technologieën. Vastgoedontwikkelaar OVG Real Estate werkt bijvoorbeeld aan nieuwe toepassingen van gezichtsherkenningscamera’s in liften.

Daarmee kunnen gebouwbeheerders – en werkgevers – precies bijhouden wie naar welke verdieping gaat. Ook technologiebedrijven Microsoft en Google experimenteren met dit soort slimme liften.

3 Via apps

Werkgevers hoeven niet per se wearables uit te delen of hun gebouw vol te hangen met sensoren en camera’s om medewerkers te volgen. Die hebben namelijk tegenwoordig bijna allemaal standaard een ontzettend handige verzameling sensoren op zak: hun eigen smartphone.

De Gemeente Rotterdam lanceerde vorige week samen met automatiseerder CGI een speciale smartphone-app, bedoeld voor professionele chauffeurs. Onder meer bezorgbedrijf DHL Express gebruikt de app. Met behulp van data uit systemen in de auto houdt de app de locatie en het rijgedrag van een bestuurder bij: onder meer hoe snel hij rijdt, zijn brandstofverbruik, en hoe vaak hij remt, schakelt of stationair draait.

Als een chauffeur zich niet goed genoeg gedraagt, krijgt hij via de app een waarschuwing. Diverse technologiebedrijven werken ook hard aan dit soort apps voor andere bedrijfstakken.

In een eerdere versie stond dat de app van CGI ook data uit smartphonesensoren gebruikt, dat is niet het geval.