Verdwenen Venezolaanse mijnwerkers dood gevonden

Begin maart verdwenen 28 mijnwerkers. Nu zijn veertien lichamen gevonden. De nabestaanden eisen feiten.

In het zuidoosten van Venezuela zijn maandag de lichamen van veertien mijnwerkers gevonden. Ze maken onderdeel uit van de groep van 28 mijnwerkers die sinds 4 maart wordt vermist.

De lijken werden aangetroffen in een massagraf, in een andere plaats dan waar ze vermoedelijk zijn vermoord. Sommigen lichamen waren in stukken gezaagd. De slachtoffers zijn nog niet geïdentificeerd.

Na de verdwijning verklaarden de autoriteiten dat de mijnwerkers, die illegaal naar goud zochten in de regio, zijn vermoord door buitenlandse paramilitaire groepen.

Familieleden wijzen echter naar lokale bendes, nadat de groep een grote hoeveelheid goud vond. In lokale media vertellen ooggetuigen dat ze zagen hoe bendeleden het vuur openden op de mijnwerkers.

De provincie Bolivar, waar het bloedbad plaatsvond, staat bekend om zijn goud- en diamantvoorraden. Buitenlandse bedrijven exploiteerden verschillende mijnen in de regio, maar zij trokken weg en de laatste jaren wordt het gebied beheerst door criminele bendes.

De verdwijning van de groep leidde tot grote commotie in Venezuela. Het land kent een van de hoogste moordcijfers ter wereld en er heerst veel straffeloosheid. Familieleden beschuldigen de autoriteiten ervan de zaak af te schuiven op buitenlandse daders, zonder gedegen onderzoek te doen naar de zaak.

Parlementariër en lid van de oppositie Americo de Grazia beschuldigt de Venezolaanse regering van betrokkenheid en vergelijkt de zaak met de verdwijning van 43 Mexicaanse studenten, een zaak waarbij de Mexicaanse politie betrokken was.

„Herinnert u zich de slachting van 43 studenten in Ayotzinapa, Mexico, toen de gouverneur de slachting eerst ontkende en vervolgens zijn verantwoordelijkheid erkende?” zei De Grazia in een lokale krant.