‘Meer politie op zee nodig tegen drugsmokkel’

Zeeuwse burgemeesters maken zich zorgen over de smokkel van drugs via zee. Ze willen meer politie op het water.

In januari strandt een vissersbootje op het strand van Cadzand. Later blijkt er 1.200 kilo cocaïne aan boord. Straatwaarde: 30 miljoen.Foto Peter Nicolai 

De opsporing van criminelen op de Zeeuwse wateren schiet tekort. Door het gebrek aan controle wordt het drugssmokkelaars te makkelijk gemaakt cocaïne via Zeeland het land binnen te krijgen. Dat zeggen de burgemeesters van zes Zeeuwse gemeenten. Om de drugssmokkel effectief aan te pakken is volgens hen vooral meer politie op het water nodig.

De Zeeuwse havens zijn aantrekkelijk voor drugscriminelen. Er zetten veel grote containerschepen uit Zuid-Amerika koers richting de havens van Vlissingen en Terneuzen. Omdat het water in de provincie zo uitgestrekt is, laten drugskartels kleine motorbootjes de drugs oppikken. Alleen al dit jaar is er in Zeeland voor minstens 75 miljoen euro aan drugs gevonden. Om de problemen aan te pakken is er sinds half februari een speciale officier van justitie aangesteld, die zich bezig moet houden met de aanpak van ondermijnende criminaliteit in de Zeeuwse havens.

Zo’n speciale officier van justitie is niet genoeg, zo stellen de burgemeesters van Vlissingen, Goes, Middelburg, Terneuzen, Borsele en Noord-Beveland tegenover NRC. Om de drugssmokkel echt aan te pakken is meer capaciteit in de opsporing nodig. Sinds de reorganisatie bij de Nationale Politie is er in Zeeland nauwelijks nog politie te water actief, zegt burgemeester René Verhulst van Goes. „Er is gewoon nauwelijks toezicht op het water. Daardoor kunnen criminelen heel eenvoudig met kleine bootjes drugs oppikken, zonder dat iemand dat door heeft.”

Zijn collega Jan Lonink van Terneuzen: „Landelijk wordt het probleem van drugscriminaliteit in Zeeland veel te weinig onderkend.”

We gingen eerder dit jaar een nacht mee met de zeepolitie: De drugs komt in kleine bootjes