Moeilijke patiënt krijgt vaker een verkeerde diagnose omdat zijn gedrag de arts afleidt

Artsen maken meer fouten bij het stellen van een juiste diagnose als de patiënt die zij tegenover zich hebben ‘moeilijk’ doet. Vooral bij complexere aandoeningen gaat het vaker mis. Dat blijkt uit een vergelijkende studie waarin huisartsen-in-opleiding patiënten moesten beoordelen met dezelfde klachten, maar waarbij het enige verschil zat in hun gedrag. Onderzoekers van het ErasmusMC in Rotterdam publiceerden de resultaten maandag in The British Medical Journal Quality & Safety.

‘Moeilijke’ patiënten zijn niet zeldzaam. Naar schatting 15 procent van de mensen die op een consult komen vallen in die categorie. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen die bijzonder veeleisend, agressief, wantrouwend of hulpeloos zijn.

Vooral bij ingewikkelde diagnoses die onder tijdsdruk gesteld moeten worden raakt de arts zo afgeleid dat hij verkeerde conclusies trekt, resulterend in wel 42 procent meer fouten. Bij eenvoudige kwaaltjes valt de invloed van lastig gedrag mee: 6 procent meer fouten.

In een tweede onderzoekje naar de oorzaak van dit fenomeen concluderen de Rotterdammers dat de fouten gemaakt worden doordat de arts ‘emotioneel uitgeput’ raakt van het gedrag van de patiënt. Achteraf kan de arts zich meer details van het gedrag van de patiënt herinneren, maar minder van de symptomen.