Het Korps Commandotroepen moest vechten in een ‘echte oorlog’

Het hele Korps Commandotroepen kreeg een onderscheiding van de koning. „U bent door het vuur gegaan voor vrede en veiligheid.”

Koning Willem-Alexander tijdens de ceremonie op het Binnenhof. Foto Remko de Waal/ANP

Koning Willem-Alexander bracht dinsdag de Militaire Willemsorde niet aan op een uniform, maar op een vaandel. Het hele Korps Commandotroepen heeft de dapperheidsonderscheiding gekregen voor de inzet in Afghanistan van maart 2005 tot en met september 2010.

Voor de speciale eenheid van de Koninklijke Landmacht zal de Willemsorde als erkenning voelen. De politiek had een rooskleuriger beeld van de situatie in Afghanistan dan de militairen. „De onderscheiding zal dat bijstellen”, denkt Arthur ten Cate, wetenschappelijk medewerker van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie. Maandag verscheen de Engelstalige versie van Callsign Nassau, het boek dat hij met Martijn van der Vorm schreef over de moderne geschiedenis van de commando’s.

„Het was toch echt een oorlog”, zegt Ten Cate. „De commando’s hebben zich uitzonderlijk getoond in vergelijking met andere Nederlandse eenheden. Ze vochten ver in vijandelijk gebied. Ze hebben de vijand veel verliezen toegebracht, met opmerkelijk weinig verliezen aan eigen kant. Daarin zie je het vakmanschap.”

Zesduizend keer uitgereikt

De Willemsorde werd in 1815 ingesteld door koning Willem I en geldt als „een erkenning van uitstekende daden van moed, beleid en trouw in de strijd”. De onderscheiding werd, in verschillende varianten, meer dan zesduizend keer uitgereikt. Na 1955 gebeurde dat tientallen jaren niet. Meest recent kregen Gijs Tuinman (2014) en Marco Kroon (2009), later beschuldigd en vrijgesproken van drugsgebruik, de onderscheiding. De laatste keer dat een eenheid de Willemsorde kreeg was in 2006, toen de Poolse parachutistenbrigade werd geëerd voor het optreden bij de Slag om Arnhem. De laatste Nederlandse eenheid die de Willemsorde kreeg, was de Onderzeedienst, in 1947. Ook vijf andere Nederlandse eenheden kregen het ereteken voor hun werk in de Tweede Wereldoorlog.

Dinsdag is in de toespraken meer bekend geworden over de reden dat het korps de onderscheiding krijgt. Van Kroon en Tuinman – beiden van het Korps Commandotroepen – maakte Defensie destijds bekend voor welke acties zij waren onderscheiden. Ten Cate spreekt nu van een „optelsomprijs” voor de ‘groene baretten’; individuele acties werden ditmaal niet genoemd. Eerder kregen zes commando’s al een Bronzen Kruis omdat ze de gesneuvelde Kevin van de Rijdt hadden opgehaald terwijl ze onder vuur lagen; hij was de enige commando die in Afghanistan sneuvelde. Ten Cate: „Deze Willemsorde is een erkenning dat mensen als Tuinman en Kroon het niet alleen deden.”

Koning Willem-Alexander noemde bij de ceremonie dinsdagochtend drie acties waarbij de commando’s hun moed hadden getoond. Een daarvan was een landing per parachute achter vijandelijke linies, „de eerste operationele vrije val in 60 jaar”.

Tijdens de missie in Afghanistan zei de koning dat de commandotroepen meer dan 110 keer in gevecht zijn geweest – soms dagen achtereen of op meerdere fronten tegelijkertijd. „Wie de verslagen hoort, krijgt diep ontzag. [...] U bent door het vuur gegaan voor vrede en veiligheid. Vandaag eren wij dit excellente teamwork.

Minister Hennis (Defensie, VVD) zei: „Deze onderscheiding is voor iedereen die bij het korps dient, en heeft gediend.”