Een wc-rol met weetjes over Oekraïne, maar wat klopt er van?

Over precies drie weken, op woensdag 6 april, wordt in Nederland een referendum gehouden over het verdrag dat de Europese Unie heeft gesloten met Oekraïne. Dat gaat grotendeels over handel, maar ook deels over politieke toenadering. Tegenstanders van het verdrag presenteerden dinsdag een wc-rol met ‘weetjes’ over Oekraïne. NRC checkte enkele beweringen.

Bewering 1:

ToiletrolWeb punt 6
De maker van de wc-rollen lijkt hier twee dingen door elkaar te halen. De EU heeft al eerder met Oekraïne afgesproken dat Oekraïners op den duur, als het land aan de eisen voldoet, visumvrij naar Europa mogen reizen voor kort verblijf. Een van die eisen is dat Oekraïne actie onderneemt om illegale emigratie naar Europa tegen te gaan.

Ook als de visumplicht wordt afgeschaft, mogen Oekraïners namelijk niet langer dan negentig dagen in de EU verblijven. Dat eventuele visumvrije reizen heeft niets te maken met werken in de EU. Dat zou pas mogen als Oekraïne al jaren lid zou zijn van de Unie. Maar in het associatieverdrag staat niets over lidmaatschap. Daarvan is voorlopig absoluut geen sprake. We beoordelen deze bewering daarom als onwaar.

Bewering 2:

ToiletrolWeb vrouwen politiek
Wie kent niet ‘de vrouw met de vlechten’, oftewel Joelia Timosjenko? Tegenwoordig is ze de oppositieleider namens de partij Batkivsjtsjina (Vaderland) en eerder was ze zelfs premier van het land. Van de 421 parlementsleden in de Verchovna Rada zijn er 51 vrouw (=12,1 procent). Dat is een aanmerkelijk hoger percentage dan bij grote buur Rusland. Van de 450 leden in de Russische Doema zijn er 34 vrouw (=7,5 procent).

Zo is de vice-voorzitter van het Oekraïense parlement ook een vrouw. In het 18-koppige kabinet der ministers zitten ook twee vrouwen. De belangrijkste is tevens een van de vijf belangrijkste politici van het land: minister Natalia Jaresko van Financiën. De president van de Centrale Bank is overigens ook een vrouw: Valeria Gontareva. Stellen dat er geen vrouwen zijn in de Oekraïense politiek is dan ook complete onzin. We beoordelen de bewering als onwaar.

Bewering 3:

ToiletrolWeb
Dertig miljoen is inderdaad het bedrag dat het kabinet voor dit referendum heeft uitgetrokken. Overigens: het zijn juist de tegenstanders van dit verdrag die handtekeningen hebben verzameld om het referendum te laten plaatsvinden. Zij, en niet het associatieverdrag, hebben er dus ‘schuld’ aan dat hieraan 30 miljoen euro belastinggeld wordt uitgegeven. Maar het bedrag klopt, dus beoordelen we de bewering als waar.

Bewering 4:

ToiletrolWeb staatsschuld
De staatsschuld van Oekraïne is inderdaad snel gestegen. Maar niet zo hard als hier wordt beweerd. De schuld ten opzichte van de omvang van de economie ligt niet boven de 100 procent. Schattingen van het IMF lopen uiteen van 70 tot 94 procent, afhankelijk van welk reddingsprogramma wordt meegerekend. We beoordelen de bewering als grotendeels onwaar.

Bewering 5:

ToiletrolWeb inflatie
De economie van Oekraïne staat er zonder twijfel slecht voor, maar niet zo slecht als geschetst. Dit zijn verouderde verwachtingen van het IMF. De voorspelde inflatie van 46 procent gold voor 2015. Voor 2016 rekent het IMF op een aanmerkelijk beter beheersbare 12 procent geldontwaarding. De krimp betrof eveneens een verwachting van vorig jaar. Voor komend jaar rekent het IMF op een economische groei van 2 procent. We beoordelen de bewering als grotendeels onwaar.

En wat betekent je stem?

30 procent van de kiezers moet gaan stemmen, wil het referendum officieel rechtsgeldig zijn. Het referendum is overigens raadgevend: partijen en kabinet zijn niet verplicht de uitslag over te nemen. Bij een opkomst van 30 procent is het kabinet wel verplicht zijn steun te heroverwegen. Politici en kiezers staan nu voor de keuze: meedoen in de hoop dat de meerderheid naar hun wens uitvalt, of afzijdig blijven (geen campagne voeren, niet stemmen).

Eenmaal in het stemhokje, is de keuze: ‘ja’ als je voor dit Europees verdrag met Oekraïne bent, ‘nee’ als je daar tegen bent. Als de regering en het parlement het verdrag alsnog afkeuren, moet op het niveau van de Europese Unie een oplossing worden gezocht. De handelsafspraken blijven dan waarschijnlijk alleen ‘voorlopig’ van toepassing, zonder verdragsstatus. Dat is sinds 1 januari 2016 al het geval.