Wat ging er mis bij het pop-up restaurant van DWDD?

Niet alleen het eten was slecht, blijkt uit onderzoek van NRC. Er werden meer dan eens regels overtreden. En niet alleen bij het restaurant.

Foto Olivier Middendorp

Op zondagavond 5 juli om 21.24 uur komt er een e-mail binnen bij het Commissariaat voor de Media, de toezichthouder in Hilversum. Een omroepmedewerker van BNN-VARA meldt vlak voor zijn vakantie een nieuwe ‘nevenactiviteit’. In december wil de omroep een tijdelijk restaurant openen en een kookboek uitgeven, DWDD kookt met Kranenborg. Restaurant en boek komen voort uit de kookrubriek van chef Robert Kranenborg in De Wereld Draait Door (DWDD).

Een restaurant? Waarom wil omroep BNN-VARA een restaurant beginnen?

Nevenactiviteiten van omroepen worden complexer. De toezichthouder krijgt allang niet meer louter aanvragen voor de verkoop van sleutelhangers en cd’s. Omroepen moeten geld verdienen, méér geld, zo luidt de opdracht van staatssecretaris Sander Dekker (Media, VVD).

Het gevolg: omroepen gaan meer risico’s nemen met geld dat bestemd is om radio, tv en online producties te maken. Dat de risico’s toenemen, illustreert het pop-up restaurant van DWDD. Afgelopen winter opende BNN-VARA de deuren van hun tijdelijke restaurant in Amsterdam-West. In plaats van drie weken, moest de zaak al na twee dagen dicht. Hoeveel verlies wordt geleden, wil BNN-VARA niet zeggen. Zeker is dat men minstens 240.000 euro misliep: er werden drieduizend gasten verwacht à 79,95 euro per couvert.

In de dagen rond de sluiting ging het steevast over het menu. De haas, schreef een recensent van de Volkskrant, was „mythisch gortdroog”. Maar achter de schermen ging ook het nodige mis, blijkt uit informatie die NRC heeft verkregen na een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Veel bedragen zijn weggelakt in de verkregen documenten, wel wordt duidelijk dat BNN-VARA het Commissariaat een onjuiste voorstelling gaf van de financiële risico’s.

Lees wat NRC van het restaurant vond: Debacle van afbakken en opwarmen

Er werden meer dan eens regels overtreden. En niet alleen bij het restaurant – ook bij andere nevenactiviteiten gebeurde dat. Het Commissariaat waarschuwde ettelijke malen, maar gaf uiteindelijk geen boete. Wel plaatste het de omroep onder „intensief toezicht”. Dit kan, zegt het CvdM, alsnog tot een boete leiden.

Financiële risico’s? „Die zijn er niet”

Bij de mail over het restaurant, die de medewerker van BNN-VARA in juli stuurt, zit ook de standaard vragenlijst voor een nevenactiviteit in ‘categorie zes’: de ‘niet-programmatische evenementen’. Een summier ingevuld dossier. „De vaste rubriek uit het televisieprogramma DWDD ‘Vergeten Recepten’ krijgt een eigen restaurant”, staat er. Het restaurant zou twintig dagen open zijn, van 3 tot en met 22 december. Er was een optie op het Machinegebouw, een pand tegenover de DWDD-studio op het Westergasterrein in Amsterdam. Er zou „sowieso” samengewerkt worden met Kranenborg. En: „er zullen gasten uit het programma aanwezig zijn”.

Hoe de omroep dat ging bekostigen? De financiële risico’s werden rooskleurig voorgesteld: die zijn er namelijk niet, schreef de medewerker. „Nee, we lopen geen financieel risico omdat we werken met een voorinschrijving.” Iedereen die wilde komen eten, zo was het idee, kon vanaf september vast een plek reserveren. Zo moest duidelijk worden hoeveel „animo” er was en „welk budget we te besteden hebben”. En de verwachte concurrentie met andere restaurants in de omgeving? „N.v.t.”, aldus de omroep.

De afgelakte begroting van het pop-up restaurant

 

Drie dagen na de opening komt haar ploeg de hele inboedel weer halen.

De geldstromen in Hilversum zijn, op papier, overzichtelijk. De publieke omroep krijgt belastinggeld om programma’s te maken. Méér geld daarvoor kunnen de omroepen verdienen met nevenactiviteiten. Zo is de regel: alles wat de cd’s, dvd’s en sleutelhangers opbrengen moeten de omroepen laten terugvloeien naar radio- en tv-programma’s. En is bij een nevenactiviteit sprake van verlies, dan moet dat worden opgevangen met de opbrengst uit andere nevenactiviteiten.

Om te zorgen dat dit gebeurt is er het Commissariaat. Dat bepaalt of de nevenactiviteit er komt – of niet. Zij geven pas toestemming als aannemelijk is dat een activiteit kostendekkend is. Er mag geen publiek geld „weglekken met dit soort activiteiten”. Tweede eis: ‘de relatietoets’. De activiteit moet een relatie hebben met het programma of de omroep. Ten derde: een activiteit moet ‘marktconform’ zijn. „Partijen die met publiek geld gefinancierd worden, betreden de private markt”, zegt een woordvoerder van het Commissariaat. „We willen er zorgvuldig op toezien dat zij niet de markt verstoren.”

Op 22 september, tweeënhalve maand na de eerste e-mail, stemt het Commissariaat in met het restaurant. Nog diezelfde avond besteedt DWDD daar uitgebreid aandacht aan. Kranenborg mag uitleg geven over zijn eendenpaté en Matthijs van Nieuwkerk wijst de kijker de weg naar de site om een reservering te maken. „Mag ik jullie bedanken voor een geweldige paté”, zegt hij aan het eind van het item. „Kijk voor meer informatie over het pop-up restaurant op onze site!”

En dat mag nou net niet. Om concurrentievervalsing tegen te gaan, mag de omroep niet in eigen zendtijd reclame maken. Kijkers beklagen zich bij het Commissariaat. Dat grijpt in – zonder daar overigens ruchtbaarheid aan te geven, er volgen geen sancties. DWDD krijgt een (informele) waarschuwing: het programma mag géén aandacht meer besteden aan het restaurant en kookboek.

Een lichtplan? Niet over nagedacht

Het Machinegebouw is met 330 vierkante meter één van de kleinere gebouwen op het Westergasterrein, maar fors voor een restaurant. De omroep benadert daarom Petri Raymakers – eigenaar van Neef Louis, een enorme loods met vintage meubels. Zij is gewend aan grote projecten, filmdecors, pop-up winkels – en ook aan de constructie: meubels in bruikleen, die je ter plekke kunt kopen. „Honderdtachtig stoelen? Ik schrik daar niet voor terug.”

Raymakers vindt het Machinegebouw een „geweldige ruimte” en DWDD een mooi programma, bovendien is het niet Jan met de pet die op zo’n restaurant af komt. Ze zegt toe, maar wel tegen een vergoeding. „Lampen, snoeren, tafels, transport. Ik kán dat niet gratis doen.” Ook schuift ze een artdirector naar voren. „Er moest een plattegrond komen. Een lichtplan. Een tentje voor de ingang, rode loper, een bloemstuk. Daar hadden ze toen nog helemaal niet over nagedacht.”

Hoe krijg je al die stoelen bezet, als je er geen reclame voor mag maken in het programma? De omroep ziet een oplossing, blijkt uit de documenten. Eind oktober benaderen ze het Commissariaat. Als de omroep de winst overmaakt aan een goed doel – „zoals Stichting Vluchtelingenwerk” – mag DWDD dan wel op tv aandacht besteden aan het restaurant?

Zonder het antwoord af te wachten stuurt BNN-VARA kort daarop een persbericht uit. Laatste zin: ‘Eventuele winst van het DWDD pop-up restaurant gaat naar de Antoni van Leeuwenhoek Foundation’. Het Commissariaat belt direct daarop met de omroep. Ze zijn „verrast” – ook met een goed doel mag er geen aandacht aan het restaurant worden besteed. En ze zijn niet eens met de laatste zin. „Dit is niet hoe het werkelijk zal gaan”, schrijft de toezichthouder in het gespreksverslag van het telefoontje met de omroep. Regel is dat geld dat met nevenactiviteiten wordt verdiend, terugvloeit naar de programma’s.

De omroep had een oplossing bedacht: de winst zou uit eigen middelen, gelden van de Vereniging VARA, aan het Antoni van Leeuwenhoek worden overgemaakt. Maar ook dát kan niet zomaar, zegt het Commissariaat. Beslissingen over uitgaven van de Vereniging moeten passen binnen de begroting van dat jaar en binnen de regels van de wet. Dat kan het CvdM pas achteraf beoordelen aan de hand van de jaarrekening. „Dat is wat anders dan wanneer de winst gelijk door gestort zal worden aan het goede doel.”

De buitenwereld pakt het nieuws ondertussen op. Niet in het minst omdat voor die tijd kritiek was geweest op de menuprijs (79,95 euro) en de winst. Het Antoni van Leeuwenhoek spoort mensen op Twitter actief aan te reserveren voor het restaurant. BNN-VARA zegt in een reactie dat al vanaf het begin de bedoeling was de opbrengst aan het goede doel te schenken.

BNN-VARA heeft echt pijn geleden

Het restaurant vlak voor de opening.
Foto’s Olivier Middendorp

Raymakers van meubelzaak Neef Louis trekt ondertussen haar winkel leeg: begin december laadt ze honderdtachtig stoelen in een vrachtwagen. Vier tienpersoonstafels en een heleboel kleintjes. Verlichting, snoeren, een bar, kasten, een voorzetwand, en een opgezette kraanvogel – een knipoog naar de chef.

Drie dagen na de opening komt haar ploeg de hele inboedel weer halen. Jammer. Balen. „Maar bij de omroep hebben ze echt pijn geleden”, zegt Raymakers. „Ze hebben hun ziel en zaligheid erin gelegd. Ze zijn hard gestraft.”

Toch kan je stellen dat de omroep er bij de toezichthouder genadig vanaf komt. Want ook bij andere nevenactiviteiten werden regels overtreden. Zo was de ticketverkoop voor het festival De Wereld Draait Buiten (2014) al begonnen „reeds ruim” vóór het Commissariaat toestemming had gegeven voor het evenement. En waren in 2012 al „meerdere” cd’s en dvd’s op de markt gebracht vóórdat er toestemming was. Boetes werden overwogen, niet opgelegd. „Boetes zijn geen doel op zich”, zegt het Commissariaat.

Vraag je de betrokken partijen naar de afloop, dan zeggen ze, áls ze al willen praten, dat ze er „keurig netjes”, „fantastisch” zijn uitgekomen met de omroep. De enige die er echt bij inschoot: BNN-VARA zelf. „Het betreft hier een incidenteel negatief resultaat op een nevenactiviteit”, schrijven ze op 8 januari 2016 aan het CvdM over het verlies van minstens 240.000 euro.

„Overeengekomen financiële verplichtingen met betrokken partijen” zijn voldaan, schrijft de omroep aan de toezichthouder „Bij de start van het restaurant waren ongeveer drieduizend reserveringen gemaakt. Voor deze omvang heeft BNN-VARA gerechten afgenomen [...] De drieduizend couverts zijn enkele dagen voor de opening van het restaurant bereid. Voor het restant van deze voorraad is BNN-VARA [...] op zoek naar partijen die deze gerechten willen overnemen.”