Son en Breugel moet meer stembureaus openen

Volgens de rechter moeten er meer stembureaus open om de opkomst niet negatief te beïnvloeden.

Op 6 april is het Oekraïne-referendum. Robin van Lonkhuijsen/ANP

De gemeente Son en Breugel moet op vier extra locaties stembureaus openen voor het referendum op 6 april over het associatieverdrag met Oekraïne. Dat is bepaald door de rechtbank Oost-Brabant in een zaak die was aangespannen door het Forum voor Democratie. Bij eerdere soortgelijke rechtszaken hoefden gemeenten niet extra stembureaus te openen.

De Brabantse gemeente wilde maar drie stembureaus openstellen, zeven minder dan tijdens de laatste verkiezingen voor Provinciale Staten in 2015. De rechter oordeelde dat de drempel om te gaan stemmen een stuk hoger wordt als er zoveel stembureaus komen te vervallen. “Er moet zorgvuldig worden omgegaan met de organisatie van het stemmen bij verkiezingen en referenda om te vermijden dat daarmee de uitkomst, al dan niet onbedoeld, wordt beïnvloed”, zo oordeelde de rechter.

Oldenzaal hoeft geen extra stembureaus te openen

Van de rechter moet Son en Breugel op 6 april nu zeven stemlokalen openen. Drie stembureaus die tijdens de verkiezing voor Provinciale Statenverkiezing wel open waren, mogen dicht blijven omdat die volgens de gemeente “door feitelijke omstandigheden” niet kunnen functioneren. In een reactie zegt de gemeente de uitspraak te zullen respecteren.

De gemeente Oldenzaal kreeg eerder van de rechter te horen dat zij geen extra stembureaus hoefde te openen dan de eerder geplande vijf. De Zwolse rechtbank wees een eis daartoe van GeenPeil af. De stichting kon volgens de rechter onvoldoende weerleggen dat de stemming bij een referendum simpeler is dan bij reguliere verkiezingen. Volgens de rechter bepaalt de wet alleen dat er één of meer stembureaus moeten zijn. Daarmee heeft een gemeente grote vrijheid zelf te bepalen hoeveel locaties er nodig zijn.

Minstens 30 procent opkomst

Volgens de stichting Forum voor Democratie is de kans heel groot dat de opkomst minder wordt naarmate er minder stembureaus beschikbaar zijn.
Het referendum op 6 april gaat over een overeenkomst tussen de Europese Unie en Oekraïne. Daarin worden afspraken gemaakt over nauwere samenwerking op politiek, cultureel en economisch gebied. Voor- en tegenstanders geloven niet in ‘een Europese crisis’ als gevolg van een afwijzing door Nederland. De opkomst moet ten minste 30 procent zijn, alleen dan wil de regering het referendum bij haar afwegingen betrekken.