Kiezer VS heeft buik vol van vrijhandel

In blue collar-staten als Ohio en Michigan kiezen zelfs Democraten soms voor Trump. De reden? Vrijhandel.

Ruzie om Donald Trump: een tegenstander (links) een een aanhanger van Trump wilden elkaar zaterdag te lijf bij een bijeenkomst van Trump in Cleveland, Ohio. Foto Michael Henninger/AP

Keith Strobelt, een vakbondsman uit de stad Canton in Noordoost-Ohio, is er niet gerust op. De leden van de vakbond United Steelworkers stemden doorgaans voor de Democraten. Maar deze keer gaat het anders. „Het zou zomaar kunnen dat een paar honderd van onze leden op Trump gaan stemmen”, zei Strobelt onlangs tegen persbureau Reuters.

„Veel mensen vinden hem verfrissend. Hij zegt veel dingen die zij ook zeggen als ze onder elkaar aan tafel zitten.”

Dinsdag is een belangrijke dag in de Amerikaanse voorverkiezingen. In vijf grote staten wordt gestemd, en bij de Republikeinen gaan in drie staten álle gedelegeerden naar de winnaar (Ohio, Illinois en North Carolina). Als Donald Trump deze staten wint, zoals de peilingen voorspellen, betekent dat dat hij een definitieve voorsprong kan nemen.

Veel aandacht gaat uit naar Florida, waar Marco Rubio van Trump dreigt te verliezen, ook al is Florida Rubio’s thuisstaat. Maar minstens zo interessant is de situatie in Ohio, waar Trump in een nek-aan-nekrace verwikkeld is met de gouverneur van die staat, John Kasich.

Net als andere staten in de zogeheten ‘roestgordel’, postindustriële noordoostelijke staten die ooit met hun auto- en staalindustrie de ruggengraat van de Amerikaanse economie vormden, viel Ohio ten prooi aan een industriële meltdown. In 1990 telde Ohio nog ruim één miljoen fabrieksbanen, nu nog maar 680.000, volgens officiële statistieken. Alleen al tijdens de crisis tussen 2007 en 2009 verdwenen er 200.000 banen.

Inmiddels herstelt de economie zich weer enigszins, maar niet voor laagopgeleiden. „Je ziet dat in deze staat nog heel duidelijk”, zegt Matt Mayer, directeur van de conservatieve plaatselijke denktank Opportunity Ohio, aan de telefoon.

„De situatie in de voormalige industriegebieden in het noorden is dramatisch. In de steden scheppen ziekenhuizen, universiteiten en creatieve ondernemers nieuwe banen in diensten en technologie. Maar laagopgeleiden hebben daar weinig aan.”

De (voor)verkiezingen tot nu toe, en de komende maanden:

Amerikanen stemmen al jaren met hun voeten, zegt Mayer. De bevolking van Ohio groeit niet; de noordelijke buurstaat Michigan heeft zelfs krimpgebieden.

Maar de bewoners van de roestgordel uiten hun woede ook door in de voorverkiezingen te stemmen op buitenstaanders. En dé kwestie die de buitenstaanders voor hen onderscheidt van het establishment is vrijhandel.

Dat bleek vorige week duidelijk in Michigan, dat een vergelijkbare geschiedenis heeft als Ohio. Donald Trump won bij de Republikeinen met overmacht. En volkomen onverwacht kaapte bij de Democraten Bernie Sanders de overwinning weg voor de neus van Hillary Clinton.

Economische ineenstorting

Sanders en Trump verzetten zich beiden luidkeels tegen NAFTA, het vrijhandelsverdrag met Mexico en Canada uit 1994 en tegen het in 2015 door president Obama gesloten TPP met 11 landen rondom de Stille Oceaan. Volgens hen zijn die verdragen de oorzaak van de economische instorting van de roestgordel. Trump noemt TPP ‘waanzin’. Tijdens het laatste Republikeinse debat zei hij:

„Ik vind dat we vreselijke onderhandelaars hebben, vreselijke verdragen. De banen in dit land verdwijnen, vooral de goede banen.”

Bij de Democraten valt Sanders Clinton steeds aan op het feit dat zij het door Bill Clinton tijdens zijn presidentschap afgesloten NAFTA indertijd steunde, en dat ze lang aarzelde voordat ze haar steun aan TPP introk. „43.000 mensen uit Michigan verloren hun baan door NAFTA”, twitterde hij pal voor de verkiezingen daar.

In Michigan waren de verkiezingen daarom dit: een revolte van de werknemer tegen de werkgever. De kiezer nam wraak over het uitblijven van de zegeningen van vrijhandel en maakte duidelijk dat hij niet meer gelooft in de consensus in Washington: dat op de economische schok die een vrijhandelsverdrag veroorzaakt, uiteindelijk groei en verbetering volgt.

De verwachting is dat andere roestgordelstaten, zoals Ohio en Illinois, hetzelfde patroon zullen laten zien. „Grote delen van de Amerikaanse bevolking hebben de snelle economische veranderingen niet bij kunnen benen”, zegt Mayer.

„Mensen zoeken houvast. In postindustriële staten met is het de kwestie vrijhandel. In staten met veel landbouw is het de kwestie migratie die kiezers in beweging brengt.”

Handelsverdragen zetten de belangentegenstelling op scherp tussen werknemers en werkgevers, tussen laag- en hoogopgeleiden, tussen hoofdwerkers die winnen bij mondialisering en overal hun laptops kunnen openklappen, en handwerkers die klem komen te zitten in staten met een gedecimeerd banenaanbod en een verkruimelende infrastructuur.

Democraten die tegen vrijhandel zijn kunnen voor Bernie Sanders kiezen. Maar velen voelen zich meer aangetrokken tot de branie en het showmanschap van de man die zegt dat hij, doordat hij zelf zo rijk is, immuun is voor de bedrijfslobby’s die vrijhandel afdwingen. In roestgordelstaat Pennsylvania, waar 26 april gestemd wordt, lieten al 50.000 Democraten zich als Republikein registreren.

Ook Trumps rivalen Cruz en Rubio zijn teruggekrabbeld op het gebied van vrijhandel, een dogma dat ze in het recente verleden nog ruim steunden. Ze doen dat niet alleen uit opportunisme.

Opkomst Tea Party

Onder Republikeinen in Washington is de steun voor het klassiek-liberale vrijhandelsargument (leg bedrijven zo weinig mogelijk in de weg en groei volgt vanzelf), afgenomen, bleek onlangs uit een inventarisatie door The Wall Street Journal. Slechts 28 Republikeinen stemden afgelopen zomer voor een wet die het Obama mogelijk maakte TPP af te sluiten. De opkomst van de Tea Party heeft handel ook onder Republikeinen controversieel gemaakt: het wordt gezien als inmenging door de overheid. En alleen al omdat Obama en gematigde Democraten vóór zijn, zijn Tea Party-Republikeinen tegen.

Handel splijt zo bij zowel Democraten als Republikeinen het pragmatische midden van de ideologische flank. Het argument waarmee de op consensus en pragmatisme gerichte Republikein John Kasich vrijhandel blijft verdedigen, is hetzelfde als dat van de Democraat Obama in een interview dat deze onlangs aan The Atlantic gaf. Protectionisme, de deuren van de Amerikaanse economie op slot doen, zal volgens Kasich en Obama de prijzen uiteindelijk opdrijven en consumenten nog verder in de problemen brengen.

Michigan gelooft dit niet langer. Dinsdag blijkt of Ohio en Illinois dat nog wel doen.