De onvoorwaardelijke loyaliteit van de voetbalsupporter

Als alles tegenzit, zoals bij FC Twente, dan blijkt hoe trouw de aanhang is.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Als Toon Heupink vroeger een auto zag rijden met een vaantje van FC Twente achter het raam, dan keek hij even wie er achter het stuur zat. Vast een bekende. De club had nu eenmaal geen duizenden supporters, dus de meest fanatieke leerden elkaar snel kennen.

Hoe anders was het zaterdag, toen hij onmogelijk kon weten wie al die supporters waren in de mars richting stadion de Grolsch Veste. Daar won zijn club later op de avond van PEC Zwolle (2-1), maar die zege was van minder belang. Voor de circa vierduizend mensen die meeliepen in de optocht was het belangrijker te laten zien wat FC Twente voor hen betekent. Een teken van leven in een tijd dat hun club strijdt om haar voortbestaan.

„Ik heb twee zekerheden in mijn leven”, zegt de 46-jarige accountmanager. „Dat mijn zoons mijn zoons blijven en dat Twente voor altijd mijn club blijft.”

Voor hem is de band met zijn club als een huwelijk. Eenmaal trouw, altijd trouw, in goede dan wel kwade dagen. Dus ook nu het voetbal tegenvalt en Twente voor drie jaar is uitgesloten van Europees voetbal en niks heeft om voor te spelen. Om te zwijgen over de mogelijkheid dat de proflicentie wordt afgenomen als straf voor financieel wanbeheer.

Wie dit gevoel begrijpt, snapt waarom een man in Haarlem zaterdag ook een huwelijksterm gebruikte. Hij begaf zich in het stadion van HFC Haarlem, dat zes jaar geleden failliet ging, waar supporters de kans kregen een stoeltje mee te nemen voordat het bouwwerk plaatsmaakt voor huizen. De verslaggever van RTV Noord-Holland: „Doet het nog pijn?” De man, die een stoel loswrikte met zelf meegebracht gereedschap: „Ja, het voelt als een echtscheiding, nog steeds.”

Juist als alles tegenzit komt onvoorwaardelijke loyaliteit voor het voetlicht, zoals nu bij Twente. Het account AwaydaysNL, actief op Twitter en Facebook, meldt elke week hoeveel supporters uitspelende clubs meenamen en constateert dat Twente ook in crisistijd een loyale aanhang heeft. Vorige week vrijdag: 351 Twentenaren in Den Haag. Ter vergelijking: FC Utrecht nam 119 fans mee naar Heerenveen, en Vitesse 74 naar Roda JC. „Het laagste aantal van Twente was 230 bij NEC, op een woensdagavond om 18.30 uur”, aldus beheerder Stefan. „Dat is veel. Vooral nu supporters er vaak alleen in goede tijden zijn.”

De moderne supporter is als een vriend die alleen helpt verhuizen als het hem uitkomt. Zo zit de trouwe volgeling niet in elkaar. Die maakt tijd. Zoals de 38-jarige Rotterdammer Peter van der Zwan, die 99 procent van alle wedstrijden van Sparta ziet en zijn club maandagavond zal volgen richting de uitwedstrijd tegen Almere City. Ja, erkent hij, er zijn genoeg redenen om niet te gaan: de kosten, de uren verlof en het feit dat het duel ook live op tv is te zien. „Almere City heeft ook maar drie tribunes in plaats van vier. Desolater kan het eigenlijk niet, in de polder op maandagavond.”

Anders dan in Twente lopen de donkere dagen in Rotterdam tegen hun einde. Met het nakende kampioenschap in de eerste divisie staat Sparta op het punt om na zes jaar terug te keren in de eredivisie en zullen supporters als Van der Zwan worden verlost van vrijdagse files, lege stadions en duels met Jong Ajax en Jong PSV, waar amper toeschouwers op afkomen. De voorbije jaren vat de marketingmanager samen in een paar zinnen: „Ben je helemaal in Veendam, krijgen die koekenbakkers in de laatste minuut nog een goal tegen en verlies je de wedstrijd. Vervolgens denk je: ik ga voorlopig niet. Maar nog tijdens de terugreis begint het te kriebelen. Het is als een verslaving. Bijna een soort masochisme.”

Kameraadschap

Masochisme. Zelfkwelling. Een handeling tegen beter weten in. De Engelse schrijver Nick Hornby constateerde het al in zijn bekroonde boek Fever Pitch, waarin hij verhaalt over zijn leven als supporter van Arsenal. „Wat de meeste indruk op me maakte, was de grote afkeer die de meeste mannen voelden als ze daar waren. Ik zag dat de voetbalfan in zijn natuurlijke stemming altijd bitter teleurgesteld is, onafhankelijk van de stand.”

Bij FC Twente is een deel van de supporters afgehaakt. In plaats van zo’n 29.000 vorig jaar trekt de club dit jaar gemiddeld 25.000 toeschouwers. „Nu het de afgelopen jaren minder is heb ik me ook weleens afgevraagd wat me drijft”, zegt Toon Heupink. „Ik denk de kameraadschap, de liefde voor mijn stad en streek. Op het moment dat ik drieënhalf uur voor de wedstrijd op mijn fiets stap richting het café, ben ik het gelukkigst.”