‘Borgen’ op toneel: verpletterend spektakel

Negen uur durende theaterbewerking van Borgen focust op vrouwelijke premier Birgitte Nyborg en haar gezin

Ja, het werkt dus, Borgen op toneel. Dan is de belangrijkste vraag maar meteen beantwoord. Want hoe enthousiast je vooraf ook kon zijn over het idee: een negen uur durende ‘bingetheaterversie’ van de succesvolle Deense serie, een waagstuk was het wel. Zou de Deense politiek overtuigend naar de Nederlandse situatie kunnen worden vertaald? Welke Nederlandse actrice kon de verrukkelijke Sidse Babett Knudsen als premier Birgitte Nyborg doen vergeten? En, ook niet onbelangrijk: die serie is zelf al zo goed, wat kan je daar op toneel nog aan toevoegen?

Lees ook: Borgen binge watching, maar nu op het toneel

In die uitdaging is het Noord Nederlands Toneel grandioos geslaagd. De theaterversie van Borgen is een in vrijwel alle opzichten verpletterend schouwburgspektakel. In negen uur tijd razen in ijltempo de eerste twee seizoenen van de serie voorbij, opgetild door sfeerrijke, jazzy muziek van de Eef van Breen Group (trompet, contrabas, harp, cello en zang) en afgewisseld met (lekkere!) Hollandse hapjes met een Deense twist. Dat aspect van de productie is niet alleen praktisch, maar ook inhoudelijk relevant, en onmisbaar voor de totale theaterbeleving.

Sterker dan in de serie focust regisseur Ola Mafaalani op de mens Birgitte Nyborg, en hoe haar politieke vlucht haar van man, gezin en zichzelf vervreemdt. Het gezin is de kern, de andere personages en verhaallijnen cirkelen daar vluchtig omheen. In de eerste paar afleveringen ligt het tempo hoog - te hoog. De ruim twintig acteurs benen gejaagd over het toneel, voortdurend op weg naar vergadering, persconferentie of tv-debat. Bijna alle spelers zijn constant op, waardoor scènes pijlsnel door elkaar kunnen worden gesneden en een huiselijk tafereel naadloos overgaat in een politiek debat. Aanvankelijk duizelt dat, tot je beseft dat dit is hoe Nyborg zich moet voelen: altijd in haast en onder druk, vertwijfeld jonglerend met gezin en landsbelang. Het is een slimme theatrale vondst die haar dilemma extra nadruk geeft: ook als ze zich in de politieke arena begeeft, zien we haar gezin op de achtergrond. Is ze verstrikt in moeilijke politieke besluiten, dan staat haar zesjarige zoontje Magnus centraal op toneel, terwijl hij eindeloos, klaaglijk ‘mama’ roept. ‘Mama?’ Het is haast onverdraaglijk, en dat is wat theater toevoegt: Nyborgs pijn wordt niet alleen verteld of getoond, maar tot in de vezels gevoeld.

De politieke machinaties zijn minder van belang; die worden enkel kort aangestipt en razen dan weer voorbij. Wel vond bewerker Ko van den Bosch in het personage van de drankzuchtige journaliste Hanne Holm (mooie rol van Renée Soutendijk) de perfecte vertolker voor wat onversneden ‘ouderwets’ idealisme. Aangrijpende monologen houdt zij, over solidariteit, betrokkenheid, burgermoed. Die taal en toon zijn wij helaas verleerd. Bijna te moralistisch is het, anno nu, maar Van den Bosch komt ermee weg, omdat het geheven vingertje vrolijk gepaard gaat met dubbele tong en zwalkende tred. Alleen de nar zegt het zoals het is.

In de speeches van Nyborg, bewerkt naar de Nederlandse actualiteit, horen we een hoopvolle opdracht terug aan onze machthebbers nu. Herhaaldelijk wordt het vluchtelingenprobleem aangekaart, en een Merkel-achtig ‘wir schaffen das’ is daarbij nooit ver weg. Zijn wij niet het volk dat leerde overleven zeven meter onder de zeespiegel? Dat onoplosbare problemen aankon, kortom? Mooi en verrassend aan de serie was dat die niet cynisch deed over politiek, en in Nyborg een gedroomde leider toonde: menselijk en feilbaar, maar idealistisch, aansprekend en oprecht. Actrice Malou Gorter evenaart Knudsen moeiteloos als die voorbeeldige, krachtige maar warme staatsvrouw.

De gezinsscènes zijn zelfs beter dan in de serie. De liefde tussen Birgitte en man Philip (een innemende en mooi getroebleerde Bram Coopmans) is warm en geloofwaardig, de teloorgang van hun huwelijk hartverscheurend. Dramatische hoogtepunten zijn de steeds heftiger confrontaties van Birgitte met puberdochter Laura, sterk vertolkt door Julia Akkermans. Talloze geestige intermezzo’s, zoals de muzikale vrijpartij van Nyborg met de bassist, geven lucht, jeu en schwung.

Tussendoor kookt kok Amaro op toneel het menu dat achter de schermen ook voor de 400 toeschouwers worden bereid. Cast en publiek eten tegelijk. Dat geeft, ook bij toeschouwers onderling, een groot gevoel van verbondenheid. Mafaalani en de cast weten dat gevoel nog te versterken met interactieve entr’actes, waarbij het publiek rechtstreeks bij de handeling wordt betrokken.

Theatraal valt er heus wel wat aan te merken op Borgen. De dialogen zijn goeddeels vlakke televisietaal, met een enkele poëtische uitspatting. Mafaalani’s ludieke castingkeuze, inclusief amateurs en musici in bijrollen, leidt tot onevenwichtig acteerwerk - al zijn de hoofdrollen sterk bezet. Op de première waren een paar acteurs nog niet erg tekstvast – begrijpelijk, gezien de Olympische prestatie die ze leveren.

Maar alle kritiek verbleekt bij de unieke saamhorige totaalbeleving die Borgen biedt – zoals tv dat onmogelijk kan. Het NNT weet in negen uur een oprecht gevoel van gemeenschap te creëren. Zo herinnert Borgen ons overtuigend aan de kracht en de schoonheid van democratie, en aan de gezamenlijke verantwoordelijkheid die daarbij hoort. Al is het in de schouwburg, al is het voor even.

Smoelenboek: Wie speelt wie in de Nederlandse theaterversie van ‘Borgen’?