Column

Echte kritiek

Omdat de echte er een potje van maakt, speel ik maar even voor Nationale Ombudsman. De Volkskrant meldde dat Ombudsman Reinier van Zutphen, aangesteld om na het debacle met de vriendelijke sufferd Guido van Woerkom rust in de tent te brengen, op een nare manier van Kinderombudsman Marc Dullaert had afgewild. Van Zutphen zou hem, was het scenario, officieel voordragen voor nog eens zes jaar, maar wilde hem stiekem een contract laten tekenen, waarin hij beloofde na een jaar op te stappen. Toen Dullaert weigerde, kondigde Van Zutphen diens vertrek aan, zonder te zeggen waarom – hij verklaarde alleen dat hij het recht heeft dat te doen. Bovendien had hij de Kamercommissie die over hem ging, niet verteld dat hij een reorganisatie ging doorvoeren. Waarna boze leden van de commissie volgens Haags gebruik uit de school klapten – en de boot aan was.

Die krant stelde Van Zutphen zelf een aantal vragen, waaronder: klopte het dat hij door de VVD onder druk was gezet om Dullaert te lozen omdat die „te kritisch” zou zijn, vooral op het asieldossier?

De antwoorden, die online werden gezet, waren zo arrogant afwijzend en nietszeggend formeel, dat je het instituut Nationale Ombudsman voor je ogen zag verschrompelen – dat was immers juist ingesteld om een vinger achter dit hautaine woordvoerdersproza te krijgen? Nu viel Van Zutphen samen met waar hij geacht werd tegen te strijden.

De man is nauwelijks in functie en het gaat alleen maar over zijn functioneren.

Is die ophef overdreven? Wordt de malaise veroorzaakt door emotionele schandaaljagers, die overal een affaire van willen maken? Tenslotte heeft Van Zutphen zijn plannetje met dat bedrog niet uitgevoerd. En daarbij heeft hij het volste recht om Dullaert aan de kant te schuiven. Dus so what? Er zijn grotere kwesties.

Maar misschien is het een grote kwestie. De Nationale Ombudsman is een levende paradox: de overheid stelt iemand aan om de overheid kritisch bij de les te houden. Hij wordt, zoals je het in Engels zegt, aangesteld to speak truth to power – door de power zelf. Dat is een lastige positie, waarin je per definitie weinig vrienden hoort te maken.

De bekendste Ombudsman, Alexander Brenninkmeijer, is dat goed gelukt – hij was een echte pain in the ass voor overheid en politiek. Tijdens zijn aanstelling was hij voortdurend omstreden en gehaat. Precies zoals het hoort.

Nu is er vooral heimwee. Nederland is nu eenmaal een uitermate gemeenzaam land; kritiek is vooral bedoeld als sociaal bindmiddel, om samen de ander buiten jouw groep te kraken. Je kunt kritisch zijn op alles en iedereen, maar niet op je eigen mensen. Wie dat doet, is snel querulant, onruststoker of populist. Kritische onafhankelijkheid is mooi, als je er maar niet het mikpunt van wordt. Zo doen we dat hier niet.

Vandaar de Hollandse obsessie met klokkenluiders. De man of vrouw die het aandurft misstanden in eigen organisatie aan de kaak te stellen en daar vrijwel altijd een hoge prijs voor moet betalen – uitsluiting, verguizing, ontslag, armoede en soms zelfmoord – heeft in Nederland heldenstatus. Juist omdat er zo weinig van zijn. Ze zijn het levende commentaar op onze diepgewortelde ons-kent-ons mentaliteit. Ze zijn een aflaat voor ons eigen gebrek aan kritische zin.

Dat het instituut Nationale Ombudsman in het ongerede heeft kunnen raken, komt direct uit dat onvermogen voort. Aan alles is te merken dat men geen zin heeft in een echte luis in de pels. Dat gevaar bedreigt iedere Ombudsman, dat hij een doekje voor het bloeden wordt: kritisch voor de goede sier, een mooi symbool voor het zelfreinigende vermogen van een instituut of organisatie.

Maar het moet niet te gek worden, natuurlijk.

In de kwestie met het ontslag van Kinderombudsman ligt het simpel – van Zutphen heeft formeel gezag, maar Dullaert heeft moreel gezag opgebouwd. Wanneer het eerste zich zonder opgaaf van reden tegen het laatste keert, krijg je heibel: vandaar de protesten, de handtekeningen-acties en de digitale boosheid. Dat Van Zutphen dat niet heeft ingezien, is niet goed voor iemand met een baan als de zijne.

En wie de ophef afdoet als oprispingen uit een permanent opgewonden samenleving heeft iets niet begrepen. Wanneer kritiek geen echte kans krijgt, blijft alleen woede over.