‘De uitlatingen van Wilders zijn vrij schokkend’

Hij sprak Geert Wilders in 2011 vrij van discriminatie. In een eenmalig interview blikt strafrechter Marcel van Oosten terug en kijkt vooruit naar het nieuwe strafproces tegen de PVV-leider.

Marcel van Oosten: „Mijn hoogstpersoonlijke mening is dat de grens bij de vrijheid van meningsuiting wordt overschreden wanneer iemand direct aanzet tot geweldpleging, tot wanorde.”

Ruim vijfentwintig jaar verdiende Marcel van Oosten (69 jaar) de kost als rechter. In de rechtbank van Zutphen en later Amsterdam deed hij moord en fraudezaken en beslechtte civiele geschillen. De minst alledaagse verdachte in zijn loopbaan zat vijf jaar geleden voor hem in de beklaagdenbank. Het Tweede Kamerlid en leider van de Partij voor de Vrijheid (PVV) Geert Wilders moest zich voor de Amsterdamse rechtbank verantwoorden wegens groepsbelediging, aanzetten tot haat en discriminatie.

De rechtstreeks op televisie uitgezonden strafzaak eindigde in een volledige vrijspraak. De rechtbank onder voorzitterschap van Van Oosten oordeelde dat Wilders zich weliswaar in interviews „kwetsend en schokkend” had uitgelaten, maar achtte dat „toelaatbaar”, omdat Wilders zijn islamkritische uitspraken als politicus deed in een periode waarin in Nederland „veel en intensief” werd gedebatteerd over de multiculturele samenleving. Het Openbaar Ministerie (OM) had ook vrijspraak geëist.

Nu, aan de vooravond van een nieuwe strafzaak tegen Wilders wegens discriminatie, belediging en aanzetten tot haat – bij de Haagse rechtbank – lijkt het Van Oosten „nuttig” eenmalig terug te blikken op de strafzaak van 2011. De magistraat ging in 2014 met pensioen en heeft nu naar eigen zeggen „emotioneel meer afstand” waardoor hij zich vrij voelt een interview te geven. „Met als vanzelfsprekende kanttekening dat ik geen raadkamergeheimen kan verklappen.”

We nemen plaats in het antieke zithoekje van zijn woning in Bussum. In het uitvoerige onderhoud zal Van Oosten slechts één keer pauzeren. Na de herhaalde vraag of de rechterlijke macht inderdaad één grote linkse kliek is, zoals Wilders met regelmaat beweert, snelt hij naar de keuken voor een extra espresso. „Dan kan ik even langer nadenken.”

De rechters Marcel van Oosten, Judith Boeree en Geert Janssen kregen de zaak Wilders op hun bordje nadat de strafkamer onder voorzitterschap van collega Jan Moors in 2010 succesvol door de toenmalige advocaat van Wilders, Bram Moszkowicz, was gewraakt. Die rechters hadden de schijn van vooringenomenheid gewekt door arabist Hans Jansen niet te willen horen als getuige. De verdediging wilde Jansen als getuige ondervragen nadat op de laatste procesdag publiekelijk bekend werd dat Jansen vlak voor het strafproces een etentje had gehad met onder anderen raadsheer Tom Schalken. Schalken had in 2009 mee geschreven aan de beschikking van het Amsterdamse gerechtshof die het OM opdracht gaf Wilders te vervolgen. Had Schalken soms geprobeerd een getuige te beïnvloeden, was de vraag die zich opdrong.

Waarom werd u voorzitter van de nieuwe strafkamer van het proces Wilders?

„Omdat de president van de rechtbank Carla Eradus vroeg of ik het wilde doen na het debacle van het eerste proces. Ze zocht een ervaren rechter.”

Had u dat verzoek kunnen weigeren?

„Ja, een rechter is natuurlijk sterk onafhankelijk. Ik had wel iets kunnen bedenken om te zeggen: dit kan ik niet doen.”

Wat dan?

„Misschien ben ik lid van de VVD. Of van de PVV. Ik noem maar wat. Je kan altijd wel wat verzinnen om er onderuit te komen. Maar dat zou in dit geval niet chic zijn geweest.”

U had er juist reuze veel zin in?

„Nou dat is te veel gezegd. Het was glad ijs. De temperatuur rond deze kwestie was intussen hoog opgelopen. Er zijn een heleboel rechters die deze zaak niet zouden hebben aangedurfd. Je zit in de limelight: live op tv. Dat was een unicum. Ik heb er even over nagedacht en besloot toen: dit hoort erbij.”

Waarom noemt u het eerste proces een debacle?

„Het was voor Moors en de zijnen erg pijnlijk dat ze door collega’s van de zaak werden gehaald. Ik denk ook dat de rechtbank in de ogen van het publiek zware averij had opgelopen. Dat ligt niet zo zeer aan de rechters zelf als wel aan het enkele feit dat de rechtbank tot twee keer toe een wraking aan de broek kreeg. Ik vind dat er heel snel is gegrepen naar dat middel. Wraking is de Big Bertha. Dat is een superkanon waar je als advocaat heel zuinig mee om moet gaan. Dat werd nu meteen bij kleinigheden ingezet.

„Het begon al vanaf het moment dat Wilders zei zich tijdens het proces op zijn zwijgrecht te zullen beroepen. Toen zei rechter Moors tegen Wilders dat het erop leek dat hij wel stellingen wilde poneren maar een discussie uit de weg ging. Daarop werd de rechtbank meteen gewraakt. Dat vond ik erg gezocht.

„De wrakingskamer wees het verzoek af maar zei wel dat Moors ‘ongelukkig’ had geformuleerd. Dat vond ik al zwaar op de hand. Natuurlijk heeft iedere verdachte een zwijgrecht maar een rechter mag best proberen daar doorheen te breken om te kijken of een zinvol gesprek toch mogelijk is. Dat geldt zeker bij Wilders die zich immers opwerpt als de kampioen van het vrije woord.”

Begreep u de wraking van de rechtbank na het weigeren van getuige Jansen?

„Die wraking had goede gronden. Anders zou ‘men’ zeggen, in koor met Wilders, ‘dat zootje juristen houdt elkaar allemaal de hand boven het hoofd’. Het vertrouwen in de rechtspraak zou ongetwijfeld een knauw krijgen. En waarom gaat een hooggeplaatste magistraat eigenlijk dineren met een getuige? Het was discutabel Jansen niet te horen: hij zat toch al in de zaal. Het was ook een publiek belang dit helemaal open te gooien.”

Schalken vond dat de rechtbank volledig faalde. Hij zei later als getuige door u behandeld te zijn als een kruimeldief in plaats van als een raadsheer.

„Ik wil best zeggen dat ik het ook een nare vertoning vond. Maar Schalken is een zeer ervaren magistraat. Een man met een enorm gezag. Daarvan mag je toch verwachten dat hij zijn mannetje staat in zo’n proces. Ik denk dat hij in de ogen van het publiek enorm is afgebrand. Het wonderlijke is dat zijn advocaat Boudewijn van Eijck, die naast hem zat, geen moment bezwaren heeft gemaakt tijdens het verhoor. Ik dacht: dit verhoor moet Schalken aankunnen zonder dat ik Moszkowicz de mond snoer. Zo erg was het verhoor ook niet. Er werden met stemverheffing vragen gesteld. Dat mag. Maar Moszkowicz heeft het proces gebruikt om sensatie te trappen, met name door al die wrakingen.”

Waarom zou hij dat hebben gedaan?

„Ik kan niet uitsluiten dat Wilders en hij er een bepaald genoegen in schepten om de rechtbank voortdurend te laten struikelen. Als je een paar keer wraakt, maak je rechters tot de risee. Het werd nog erger toen Wilders zich liet ontvallen dat rechters een links zootje zijn. En Wilders zei ook dat je geen vertrouwen in de rechtspraak kon hebben als hij niet zou worden vrijgesproken. Dan zouden miljoenen mensen de bijl aan de wortel van de rechtsstaat leggen.

„Dat was typisch Wilderiaanse grootspraak. Een lid van de Tweede Kamer behoort dergelijke opmerkingen niet te maken. Dat is in strijd met de trias politica. Het ontbreekt de rechtbank aan instrumenten dit soort aantijgingen te pareren als zij buiten de zitting plaatsvinden. Wilders slingerde termen als maffiapraktijken en bananenrepubliek naar de pers. In de rechtbank weigerde hij te zeggen of hij de lange lijst van uitlatingen die in de tenlastelegging stond ook daadwerkelijk had gedaan. Dat vond ik heel vreemd voor een man die van het vrije woord de heilige graal maakt. Na die hectiek van de verhoren was voor het grote publiek de lol eraf maar toen begon voor ons pas het interessante werk: het vonnis schrijven.”

Dat moet makkelijk zijn geweest omdat OM én advocaat vrijspraak vroegen?

„Wij hebben niet de mening van het OM overgeschreven. Het OM had wel een heel doorwrocht, heel wetenschappelijk betoog. Moszkowicz verwees daar naar en zei er weinig aan te kunnen toevoegen. Het OM heeft zijn zin gekregen en Moszkowicz mocht daar van meegenieten. Zijn argumenten speelden geen rol. Wij hebben natuurlijk zorgvuldig ons eigen werk gedaan en gekeken naar nationale en internationale jurisprudentie. We oordeelden dat Wilders zich wel heel denigrerend en soms echt onfatsoenlijk had uitgelaten maar het was nog net op de rand. Daarmee gaven we enige twijfel weer van de rechtbank. En bij twijfel moet je iemand niet veroordelen.

„Het gekke is dat Wilders na het vonnis verklaarde: ‘keurige jongens die rechters’. En hij zei: ‘natuurlijk choqueer ik. Dat moet ik’. Treurig genoeg zijn dat zijn belangrijkste wapens. Ja, als politicus mag hij veel.”

Champagne

Het nieuwe strafproces tegen Wilders dat vrijdag in een zittingszaal bij Schiphol begint zal volgens Van Oosten waarschijnlijk niet zoals in Amsterdam „een spoor van vernieling achterlaten”. De verdachte wordt nu bijgestaan door advocaat Geert-Jan Knoops. „Hij zal veel meer op een intellectuele manier procederen. Ik verwacht dat Knoops in tegenstelling tot Moszkowicz wel respect zal tonen voor de rechterlijke autoriteiten.”

Het heeft Van Oosten zeer gestoken dat Moszkowicz na het proces kritiek leverde op hem als rechter. In een interview voor het kerstnummer van De Telegraaf in 2011 zei de advocaat: „Rechtbankvoorzitter Marcel van Oosten, die ik kende als een joviale man met humor, bleek te zijn veranderd in een krampachtige, humorloze magistraat. Hij was kennelijk van bovenaf volgestopt met opdrachten.”

Hoe vond u dat?

„Mijn buurman wees me op het stuk uit De Telegraaf, een krant die ik als knallinkse rakker natuurlijk niet lees. Grapje. Toen zag ik het artikel: Moszkowicz samen met Eva Jinek op een roze bank met een fles champagne die in volle overmoed allerlei bedenkelijke dingen zei. „Na de vrijspraak van Wilders was er geen houden meer aan en vloog Moszkowicz hemelhoog, als Icarus.

„Ik heb meteen de president van onze rechtbank gebeld: Carla Eradus. Ik zei: lees De Telegraaf en zeg me wat je ervan vindt. Ze had dezelfde mening als ik. Dit zijn voor een advocaat schan-da-li-ge en on-be-grij-pe-lijke aantijgingen omdat hij mijn onafhankelijkheid in twijfel trekt. Natuurlijk zal de president van de rechtbank zich nooit inhoudelijk met een zaak bemoeien. Ik vond dat het op haar weg lag er iets aan te doen. Dit was klachtwaardig. Ik vond het ook niet gek dat Icarus kort daarna neerstortte. Je zag het aankomen: Moszkowicz was helemaal over het paard getild.”

Het interview leidde tot een klacht van de deken en leverde Bram Moszkowicz een tuchtrechtelijke waarschuwing op.

Bent u verbaasd dat er nu weer een nieuw proces tegen Wilders komt?

„Ik keek ook naar de tv toen Wilders zei ‘minder, minder, minder’ Marokkanen te zullen gaan regelen. Ik vind dit op zijn minst weer vrij schokkende uitlatingen van hem. Er is aangifte gedaan dus het OM moest er wel wat mee en kon niet zo maar zeggen: laat dit maar over aan het publieke debat. In de zaak die ik onder handen had, was Wilders de man die het kabinet gedoogde. Hij hield een kabinet in de lucht. Daar moesten wij ons als rechters natuurlijk helemaal van distantiëren maar je kon niet ontkennen dat het proces grote politieke implicaties had. Dat zal nu minder het geval zijn.”

Wilders is nu leider van de virtueel grootste politieke partij. Verkiezingen komen in zicht. Moet je dan zo’n strafzaak voeren?

„Discussies horen in principe in de politieke arena te gebeuren. Maar het kan zijn dat bepaalde groepen zich gediscrimineerd of beledigd voelen en grenzen worden overschreden. Dan ligt er een taak voor het strafrecht.”

Is dat nu wederom het geval?

„Ik laat me daar liever niet over uit.”

Waarom niet?

„ Ik wil op geen enkele manier de rechters die nu op de zaak zitten voor de voeten lopen. Het is een lastige vraag waar je heel diep over moet nadenken. Het gaat natuurlijk ook om de context waarin iets wordt gezegd. Wilders zegt soms: ‘er zijn ook aardige moslims en het is alleen maar de godsdienst die ik wil treffen’. Daardoor relativeert hij zichzelf. Wij hebben gezegd dat je het breed moet trekken en dat was jurisprudentieel redelijk nieuw. Ik ben benieuwd of dat in de toekomst zo blijft.”

Kan de strafrechter bereiken dat mensen zich minder grof uitlaten?

„Als mensen echt over de grens gaan en de rechter tikt dit af, helpt dit wel degelijk. Kijk als Wilders zegt: ‘ik word straks de grootste politieke partij en als er dan een cordon sanitaire om me heen wordt gebouwd, komt er een revolte’ dan blijft hij waarschijnlijk binnen de grens. Maar zou hij dreigen om ‘gewapenderhand te zullen laten zien waar de macht feitelijk ligt’ dan gaat hij voor de bijl. Mijn hoogstpersoonlijke mening is dat de grens bij de vrijheid van meningsuiting wordt overschreden wanneer iemand direct aanzet tot geweldpleging, tot wanorde.”

Dan, na de koffiepauze.

Heeft Wilders gelijk met zijn verwijt dat de Nederlandse rechters één grote linkse, D66 kliek zijn?

„Dat is het zeker niet. We zijn geen kliek. Wij zijn een gemêleerd gezelschap en beïnvloeden elkaar voortdurend in de raadkamer. De een is katholiek, de ander atheïst, of flink links of flink rechts. Dat leert je om boven je eigen overtuigingen uit te stijgen. Dat is het leuke van meervoudige rechtspraak.”

Uit peilingen blijkt dat rechters relatief vaak D66 stemmen.

„Ja dat schijnt zo. De VVD’ers zitten geloof ik meer bij het OM. De rechtspraak is wel enorm gedemocratiseerd. Voor de oorlog was een rechter patriciër of je was van adel. Die tijden zijn lang vervlogen.”

„Bij de selectie wordt geen rekening gehouden met de politieke voorkeur van rechters. Ik denk dat wij een vrij aardige afspiegeling zijn van de samenleving.”

Hebt u wel eens een rechter ontmoet die lid is van de PVV of daarop stemt?

„Niet dat ik weet. Daar vragen we nooit naar. Ik heb gelukkig nooit meegemaakt dat een rechter spreekt op de manier van Wilders. Gelukkig niet. (begint hard te lachen) Dat zou immers tot wrakingen kunnen leiden.”