VN: Zuid-Soedan hanteerde tactiek ‘verschroeide aarde’

Het Zuid-Soedanese leger maakte zich schuldig aan verkrachting, plundering en vermoorden van burgers.

Leden van de SPLA trekken zich terug uit de hoofdstad Juba, op 18 februari. Foto AFP/SAMIR BOL

Zuid-Soedanese regeringstroepen hebben zich tijdens de burgeroorlog van 2015 schuldig gemaakt aan verkrachting, plundering en het vermoorden van burgers. Dat schrijft de Verenigde Naties (VN) in een op vrijdag gepubliceerd onderzoek naar mensenrechtenschendingen in het land. De organisatie zegt dat de soldaten in opdracht van de regering een tactiek van de verschroeide aarde hanteerde.

De VN-commissie deed onderzoek van oktober 2015 tot januari dit jaar. In de afgelopen twee jaar zijn er zeker 50.000 mensen om het leven gekomen. Een hoge VN-functionaris noemde vorige week de economische en humanitaire situatie in Zuid-Soedan “catastrofaal”.

Seksueel geweld als soldij

Uit het onderzoek blijkt dat regeringstroepen en gerelateerde milities talloze vrouwen hebben verkracht. Van april tot september 2015 heeft de VN alleen al in de noordelijke staat Unity 1300 gevallen van verkrachting geregisteerd. Het grote aantal verkrachtingen suggereert volgens de VN-commissie dat de regering soldaten vrouwen liet verkrachten als soldij.

Eén vrouw beschrijft hoe, tijdens een aanval op het dorpje Koch in de noordelijke staat Unity, regeringsoldaten haar man vermoorden en haar dwongen toe te kijken hoe haar 15-jarige dochter werd verkracht door zeker tien soldaten.

Eind juni vorig jaar publiceerde de VN ook al een onderzoek over gruwelheden van het Zuid-Soedanese leger. Talloze vrouwen werden verkracht en levend verbrand. In reactie op dit rapport stuurde Zuid-Soedan Mary Cummins, hoofd van de VN-missie in de noordelijke staat Unity, het land uit.

Aanbeveling voor wapenembargo

Volgens de VN zijn alle strijdende partijen in Zuid-Soedan verantwoordelijk voor het geweld, maar vooral regeringstroepen hebben zich schuldig gemaakt aan het systematisch schenden van de mensenrechten. Dat heeft geleid tot een cultuur van straffeloosheid, angst en een cyclus van wraak.

Het rapport dient ook als aanbeveling voor de VN Hoge Commissaris voor de Mensenrechten, Zeid Ra’ad Al Hussein, om in de VN-Veiligheidsraad een verzoek in te dienen voor een wapenembargo voor het land.

Geweld gaat door ondanks vredesakkoord

Zuid-Soedan werd in 2011 onafhankelijk, twee jaar later brak er een burgeroorlog uit. De strijd om de macht verdeelde het jonge land in tweeën. President Kiir verdedigde de belangen van de grootste tribale groep, de Dinka. Riëk, vice-president tot 2013, die van de Nuer. In de broederstrijd vielen tienduizenden doden door moordpartijen en honger. Meer dan twee miljoen Zuid-Soedanezen ontvluchtten het geweld.

Eind augustus tekenden de grote rivalen een vredesakkoord. Onderdeel van dit akkoord was de benoeming van Machar als vice-president. Het zou een einde moeten maken aan het geweld, maar daarvan is nog geen sprake.