Doping en fixing. En wat doet de EU?

Hongaar Tibor Navracsics, eurocommissaris voor Sport, is machteloos in de strijd tegen misstanden in de sportwereld.

Eurocommissaris Tibor Navracsics (links) en zijn Griekse collegaDimitris Avramopoulos (Migratie, Binnenlandse Zaken) waren recent bij Belgische voetbalclub Kraainem voor een vluchtelingenproject. Foto François Walschaerts

Tibor Navracsics, de Hongaarse eurocommissaris voor Sport, zwemt één keer per week. Meer tijd om te sporten heeft hij niet. Iedere vrijdagavond vliegt hij van Brussel naar Boedapest, waar zijn gezin in de buurt woont. Daar, niet ver van de Hongaarse hoofdstad, zwemt hij steevast op zondagochtend. Om vervolgens op maandagochtend rond half vier weer op te staan voor het eerste vliegtuig terug naar Brussel. „De maandagen zijn altijd moeilijk.” Met veel koffie redt hij zich.

We zitten in een chique zaal van het Haagse Kurhaus voor een gesprek over misstanden in de sport: doping, matchfixing, corruptie. Eurocommissaris Navracsics (Onderwijs, Cultuur, Jeugd en Sport) was deze week in Den Haag als hoofdgast bij het EU Sport Forum, een congres met 350 deelnemers dat de afgelopen twee dagen werd gehouden.

Belangrijkste thema: sportbestuur in tijden dat, in de woorden van Navracsics, „de integriteit van sport geconfronteerd wordt met serieuze dreigingen”. Vanwege het Nederlandse EU-voorzitterschap was de bijeenkomst in Den Haag. Navracsics (49) draagt een oranje das. „De officiële voorzittersdas.” Dezelfde kleur als zijn partij, de Hongaarse conservatief-nationalistische regeringspartij Fidesz van premier Viktor Orbán.

In het najaar van 2014 was er commotie over de portefeuille die Navracsics aanvankelijk zou krijgen bij het samenstellen van de Europese Commissie – het ‘dagelijks bestuur’ van de EU. Veel Europarlementariërs vonden dat de Fidesz-regering de burgerrechten schond en daardoor liep Navracsics uiteindelijk de beoogde post Burgerschap mis. In ruil kreeg hij Sport.

Navracsics is handballiefhebber, hij is fan van de club uit zijn geboortestad Veszprém, een van de succesvolste Hongaarse teams. Met voetbal heeft hij minder, de laatste wedstrijd die hij bezocht was twee jaar terug.

Toch, even over de beste Hongaarse voetballer ooit: Ferenc Puskás (1927-2006). Navracsics werd geboren in het jaar dat Puskás in 1966 zijn carrière beëindigde, bij Real Madrid. „Iedereen in Hongarije aanbidt hem.” Het Hongaarse voetbal zakte in de decennia daarna weg. Maar Navracsics wijst er fijntjes op dat zijn land zich voor het eerst sinds 1972 weer plaatste voor het EK, komende zomer.

Terug naar de ernst, „de crisis in het vertrouwen van de sport”, zoals Navracsics het noemt. Wat kan de Europese Unie doen om erger te voorkomen? Minister van Sport Edith Schippers (VVD) wil tijdens het Nederlandse EU-voorzitterschap een prioriteit maken van ‘integriteit in de sport’ – de tijd tikt, ze heeft nog tot eind juni. „Ieder incident knaagt aan het vertrouwen”, zei ze woensdag in een debat in het Kurhaus.

Schippers pleit voor Europese regelgeving bij de toewijzing van internationale sportevenementen en de bestrijding van doping en matchfixing. „We moeten de krachten bundelen en één regel maken voor de hele Europese Unie, met voorwaarden voor transparantie en goed bestuur. En niet afzonderlijk per land.”

Soft power

Op EU-niveau zijn er nu nauwelijks instrumenten om, bijvoorbeeld, corrupte sportbonden aan te pakken. Navracsics moet met name zijn soft power inzetten: morele druk uitoefenen op bonden om integer beleid te voeren. Voorbeelden? „We kunnen ons terugtrekken uit een samenwerking of iemand niet uitnodigen voor een sportforum. Verfijnde, maar zwakke sancties.” Hij heeft geen stok om mee te slaan, zegt hij herhaaldelijk. „Als je een stok hebt, kun je straffen, kun je sancties opleggen.”

Europese regelgeving, zoals minister Schippers graag ziet, wordt volgens hem „moeilijk”. „Als we wettelijk meer willen doen, en meer krachtige middelen willen inzetten, zullen lidstaten hier bezwaren tegen hebben.”

Er is een gebrek aan Europese coördinatie bij de bestrijding van matchfixing, zo werd duidelijk rond het gefixte eredivisieduel FC Utrecht-Willem II uit 2009. Uit e-mailverkeer bleek dat Willem II opzettelijk verloor. De e-mails, waarop de Integriteitseenheid van voetbalbond KNVB het onderzoek baseerde, waren al sinds 2012 beschikbaar bij de Finse autoriteiten. Pas medio 2015 kreeg de KNVB ze in handen.

Navracsics kent de zaak niet. Hij wijst erop dat de Raad van Europa al sinds begin 2013 werkt aan een internationaal verdrag voor de bestrijding van wedstrijdmanipulatie. „Als dat wordt aangenomen, krijgen we een middel voor Europese aanpak.” Zoals: betere samenwerking tussen autoriteiten. Maar voorlopig ligt Malta dwars, ze zijn het niet eens met een bepaling over illegaal gokken.

Navracsics ziet een belangrijke rol voor de Commissie bij het veranderen van de „ziel” van sportorganisaties. „We pushen ze”, zegt hij. „De kritische massa voor verandering is groeiende, door alle publiciteit, door het bedrijfsleven. De eerste stap in de Sjarapova-zaak was dat Nike de samenwerking schorste. Geld en de ziel kunnen de sportfamilie veranderen.”