Betrapt als schaatser? Dan volgt de schandpaal

De Rus Koelizjnikov wordt hard veroordeeld vanwege meldonium gebruik. Doping leidt in het schaatswereldje altijd tot heftige emoties.

De Rus Pavel Koelizjnikov bij de wereldbekerwedstrijd in het Noorse Stavanger, eind januari. Foto Vegard Wivestad Grott/Reuters

Wereldkampioen op de 500 en 1.000 meter op zijn thuisbaan in Kolomna, voor de tweede keer op rij wereldkampioen sprint, als enige mens ooit onder 34 seconden op de 500 meter (33,98). Nog één keer zou Pavel Koelizjnikov schitteren, dit weekeinde bij de finale om de wereldbeker in Heerenveen, de afsluiting van het schaatsseizoen. Tot alles ineens niets werd, toen zijn vader afgelopen dinsdag bekend maakte dat ook ‘Pasha’ het verboden middel meldonium had gebruikt.

„Als dit waar is hoeven we je nooit meer te zien”, verwoordt de Noor Håvard Bøkko in een tweet de stemming in Thialf. „Koelizjnikov heeft me zoveel afgepakt de afgelopen periode”, oordeelt concurrent Kjeld Nuis bij de NOS, nog voordat de uitslag van de B-staal bekend is. „Dit is een verschrikkelijke dag voor het schaatsen.”

In de tenniswereld wordt Maria Sjarapova vooral geprezen voor haar bekentenis over meldonium gebruik, afgelopen maandag. „Ze heeft moed getoond en een groot hart”, reageerde rivale Serena Williams, nummer één van de wereld. „Ik ken Maria al lange tijd en voel met haar mee”, zegt ook Novak Djokovic, aanvoerder van de wereldranglijst bij de mannen. Sponsors Nike, Porsche en TAG Heuer verbreken hun banden met de gevallen tennisdiva. Maar haar eigen wereld, inclusief racketsponsor Head, laten de winnares van vijf grandslamtoernooien niet vallen. „Ik werd dinsdag wakker met een inbox bomvol liefde en compassie”, meldde de 28-jarige Sjarapova donderdag via Facebook. „Heel erg bedankt allemaal.”

Schaatsen is geen tennis. In het kleine, hermetische wereldje rond de 400-meterbanen leidt doping steevast tot heftige emoties. Groot is de verontwaardiging in Nederland als in januari 1988 bekend wordt dat de Noor Stein Krosby via ploeggenoot Bjørn Nyland anabolen steroïden kreeg van Sovjet-schaatser Nikolaj Goeljajev. Anabolen in het schaatsen, dat kan niet. Maar in 1992 onthult de Haarlemse arts Michel Karsten dat hij minstens één kernploeglid voor de Spelen van Albertville anabolen heeft toegediend. De Nederlandse schaatswereld is woedend. ‘Laat hem namen noemen’, klinkt het. Maar die komen niet. In 1999 vertelt oud-schaatser Ben van der Burg, al voor de Spelen van 1992 gestopt, in de Telegraaf dat voormalig bondsarts Frank Nusse hem anabole steroïden had aangeboden. „Ik ben er niet op ingegaan.”

Bij de WK afstanden in 2000 in Nagano is de M-Wave te klein als twaalf schaatsers een te hoge hematocrietwaarde hebben, wat kan duiden op epo-gebruik. Onder hen ijskoningin Marianne Timmer. ‘Verkeerde ijking van de apparatuur’, heet het direct. Geen doping, geen straf. Epo in het schaatsen? Later dat jaar stelt dopingexpert Jim Stray-Gundersen in Berlijn dat „tien tot twintig procent” van de schaatsers dope gebruikt. De Noren wijzen naar de Nederlanders Gianni Romme en Rintje Ritsma. „Jaloezie”, reageren die. Slechts de Rus Dmitri Sjepel loopt tegen de lamp. Toch: „Ik weet zeker dat tussen 1988 en 2006 olympische medailles zijn gewonnen dankzij doping”, herhaalt Stray-Gundersen in 2013 bij de NOS.

Pas in 2009 ‘hangt’ de eerste grote naam in het schaatsen. Vijfvoudig olympisch kampioen Claudia Pechstein wordt op basis van verdachte bloedwaarden voor twee jaar geschorst. Nederlandse concurrenten veroordelen haar genadeloos, coach Bart Veldkamp stelt dat hij van Pechstein ‘moet kotsen.’ Maar ook na haar schorsing blijft de Duitse ontkennen. Ze krijgt gelijk van de Duitse rechter en eist vijf miljoen schadevergoeding van de internationale schaatsbond ISU. Op 7 juni volgt uitspraak. En in tegenstelling tot Koelizjnikov schaatst Pechstein (44) dit weekeinde ‘gewoon’ mee bij de wereldbekerfinale.