‘Geen goed Fransman, een crimineel’

Karim Benzema hoort snel of weg vrij is voor terugkeer naar nationale ploeg.

Karim Benzema (in het wit) heeft in Frankrijk afgedaan sinds de afpersingszaak met Mathieu Valbuena. Foto Oscar del Pozo/AP

In theorie mogen Karim Benzema en Mathieu Valbuena weer samen voetballen. Een Franse rechter schortte half februari het omgangsverbod op dat Benzema had gekregen nadat hij in het najaar was beschuldigd in de omkopingszaak tegen zijn mede-international. De spits van Real Madrid zou Valbuena (Olympique Lyonnais) in de kleedkamer van het nationale trainingscentrum Clairefontaine onder druk hebben gezet „een vriend” te ontmoeten als hij wilde voorkomen dat een seksfilmpje openbaar zou worden.

Vrijdag dient in Versailles het beroep dat het parket heeft aangespannen. Maar zelfs als de rechter instemt met de opheffing van het contactverbod, is het hoogst onwaarschijnlijk dat de twee na de affaire snel weer samen op het veld zullen staan. Zolang Benzema door Justitie verdacht wordt is hij „niet selecteerbaar” voor Les Bleus, concludeerde bondsvoorzitter Noël Le Graët in L’Équipe – óók niet voor het EK dat op 10 juni in Frankrijk begint. Het recht moet zijn loop hebben, vindt Le Graët.

Dat is voor de meeste Fransen niet zo nodig. In een peiling van het instituut Odoxa liet 70 procent van de ondervraagden onlangs weten de 28-jarige topscorer niet meer terug te hoeven zien als international. In een land dat worstelt met de nationale identiteit, staat voor menigeen vast dat voor Benzema in de roman national geen plek meer is. „Karim Benzema had nooit deel moeten worden van het Franse team”, oordeelde Marine Le Pen van het nationaal-populistische Front National in december al.

Spugen tijdens Marseillaise

Zij reageerde toen, zoals veel politici, niet zozeer op het via L’Équipe uitgelekte explosieve transcript van een afgetapt telefoongesprek tussen Benzema en zijn criminele jeugdvriend Karim Zenati, maar op een nieuw incident op 21 november: toen bij Real-Barcelona ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de terreuraanslagen in Parijs het Franse volkslied werd gespeeld, spuugde Benzema bij de laatste klanken van de Marseillaise ostentatief op de grasmat.

Benzema zelf noemde de kritiek van Le Pen en zelfs premier Valls hierop „beneden alle peil” en zei op tv-zender TF1 dat iedere voetballer nu eenmaal rochelt als het volkslied voorbij is. Maar de conservatieve krant Le Figaro onderzocht het incident tot in detail en concludeerde dat Benzema zich ervan vergewiste dat hij goed in beeld was toen hij spuugde en dat hij, derhalve, zich in de moeilijke dagen na de terreur geen goed Fransman had getoond. Hij is „iemand die bij verscheidene gelegenheden zijn minachting voor Frankrijk heeft geuit”, aldus Le Pen.

Die opvatting leeft in Frankrijk tamelijk breed en kan niet geheel los gezien worden van het in de media breed uitgemeten telefoongesprek met de jeugdvriend. In dat gesprek doet Benzema nonchalant verslag van de manier waarop hij Valbuena („l’autre”, de ander) op de video aansprak. „Hij werd helemaal bleek”, lacht hij tegen de meermaals veroordeelde vriend die als tussenpersoon zou optreden voor de afpersers.

Maar het gaat niet zozeer om wat hij zegt, maar hoe hij het zegt: hier is iemand aan het woord die nooit helemaal de banden met de onstuimige banlieue Bron-Terraillon bij Lyon heeft doorgesneden. Benzema, die in Frankrijk geboren werd in een van oorsprong Algerijnse familie, maakt Franse taalfouten, hij gebruikt Arabische woorden (al spreekt hij geen Arabisch) en hij noemt de jeugdvriend consequent zijn frère. De capuchontruien en de in de ingetogen Franse context opzichtige auto’s op zijn Instagram-account maken het beeld van wat in Frankrijk een ‘caïd de cité’ heet compleet: een kleine crimineel uit de slechte banlieue.

Dat is in het huidige klimaat geen aanbeveling. Terwijl Frankrijk wegliep met het multiculturele team van ‘Black Blanc Beur’ (zwart, wit, moslim) dat in 1998 het WK won, regeert sinds de fameuze spelersstaking op het WK in Zuid-Afrika (2010) het wantrouwen, schrijven de sociologen Stéphane Beaud en Akim Oualhaci deze week in een lange analyse in La Vie des Idées, een links debattijdschrift.

‘Gebrek aan nationale loyaliteit’

Spelers met een postkoloniale immigratieachtergrond zoals Benzema worden door scherpslijpers van de ‘nationale zeden’ sindsdien ‘constant expliciet of verkapt verdacht van een gebrek aan nationale loyaliteit’. Dat Benzema na de aanslagen op Instagram een foto met de tekst ‘Pray for Paris’ plaatste, legt op een moment dat Frankrijk zich geen raad weet met radicalisering in de buitenwijken die hij representeert weinig gewicht in de schaal.

„Het is altijd moeilijk iets te verwezenlijken als je in de banlieue woont”, zei Benzema over zijn achtergrond in 2007 tegen het clubblad van Lyon, de club die hem bij SC Bron in de banlieue ontdekte en waarvandaan hij in 2009 naar Madrid vertrok. Alleen via rapmuziek of sport kun je de banlieue ontstijgen, vervolgde hij. „Maar het is niet makkelijk op het rechte pad te blijven. Zonder de sport zou ik niet weten wat ik zou zijn geworden.”

    • Peter Vermaas