Er zijn nog véél meer vragen, over asielzoekers

Inderdaad, ordehandhaving in en rond azc’s doet een extra beroep op de politie. En het ene land profiteert veel meer van migratiestromen dan het andere. Dat wilden NRC-lezers van de redactie weten, en nog veel meer.

Moet het Vluchtelingenverdrag worden aangepast? Hoe ziet het dagelijks leven in een azc eruit? Gaan politici sjoemelen met asielcijfers nu ze onder groeiende druk staan om te laten zien dat ze de stroom vluchtelingen onder controle hebben?

Het is een greep uit de vele vragen die de NRC-redactie sinds 2 februari ontving. Toen publiceerde ze een feitenstuk (Ook de draad kwijt?) met dertig vragen over asielzoekers, asielcentra en asielbeleid. De redactie nodigde lezers uit commentaar en vragen in te sturen. Uit alle reacties vielen 33 nieuwe vragen te destilleren. Hieronder volgt een kleine selectie van die nieuwe vragen en de (bekorte) antwoorden daarop.

Op nrc.nl/asielvragen staan alle 63 vragen en volledige antwoorden, zowel de vragen uit de eerste (30) als de tweede editie (33) van dit project. De tekst is verrijkt met filmpjes, foto’s, graphics en documenten.

Het mailadres blijft de komende tijd open voor reacties: vragenoverasiel@nrc.nl

Wordt het geen tijd om wetgeving en verdragen op het gebied van immigratie, asiel, naturalisatie en gezinshereniging aan te passen?

Dat schrijft Piet de Geus uit Vledderveen. Hij noemt de wetgeving „verouderd”. Enkele andere lezers vrezen de import van een nieuwe onderklasse als gevolg van het openeindekarakter van de verdragen.

Dit is een politieke vraag, waarover uiteindelijk parlement en kabinet moeten beslissen. In dit kader draait alles om het Vluchtelingenverdrag van de Verenigde Naties uit 1951 en allerlei Europese humanitaire regelgeving. Het gaat hier telkens om verdragen, en die zijn maar moeilijk te veranderen. Wijzigingen moeten immers door álle parlementen van de verdragspartijen worden geratificeerd. Verder geldt het Vluchtelingenverdrag nog steeds als een van de grote verworvenheden van de internationale rechtsorde die na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog is opgebouwd. En dan is er nog een praktisch punt: wie het VN-Vluchtelingenverdrag wil opzeggen of aanpassen, zal dat ook moeten doen met de talrijke wetsartikelen die terugkeren in EU-wetgeving over dit onderwerp.

De onveranderlijkheid van de verdragen heeft wel een prijs. Steeds minder landen houden zich eraan, gezien het toenemend aantal grenscontroles en -sluitingen in Europa.

Zullen overheden cijfers over de instroom van asielzoekers gaan manipuleren?

Dat vraagt een lezer die anoniem wil blijven. Leiders als Angela Merkel en Mark Rutte staan immers onder druk om te laten zien dat ze het vluchtelingenprobleem onder controle hebben. Gunstige cijfers kunnen dan helpen.

Ongeveer een week nadat de redactie deze vraag had ontvangen, leverde Rutte zelf een voorbeeld van de veronderstelling van de lezer. Over vluchtelingen die van Turkije naar Griekenland oversteken, zei de premier op 10 februari: „Waar we nog maar een week geleden spraken over duizendtallen per dag, spreken we nu over enkele honderden per dag.” Dat gebeurde op een persconferentie met de Turkse premier Davutoglu in Den Haag. Cijfers van UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN, zeiden iets heel anders. Een dag eerder kwamen 3.676 migranten aan op de Griekse eilanden.

Een ander voorbeeld van een opmerkelijke omgang met cijfers gaf EU-commissaris Frans Timmermans. Eind januari zei hij dat 60 procent van de instroom inmiddels uit landen komt die als ‘veilig’ gelden (Marokko, Tunesië). Cijfers die zijn uitlatingen moeten ondersteunen, zijn tot op heden niet openbaar gemaakt.

Ook is er voortdurend gedoe over de prognose van bijna 94.000 asielzoekers die volgens een geheim ambtelijk stuk dit jaar naar Nederland zouden komen. Officieel gaat het kabinet uit van 58.000. Lagere overheden richten zich op dat veel hogere aantal van 94.000.

Hoe worden de extra kosten voor asielzoekers betaald?

Immers, schrijft Jaap Dijkstra uit Leiden, als de ongeveer 1 miljard euro aan extra uitgaven die minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) vorig jaar noemde uit de pot van Ontwikkelingssamenwerking komt, draaien ontvangers van Nederlandse ontwikkelingshulp voor de kosten op, niet de Nederlandse belastingbetaler.

De Nederlandse belastingbetaler betaalt alle overheidsuitgaven, dus ook alle kosten van de opvang van asielzoekers. Voor dat laatste gaat hij echter geen éxtra belasting betalen. De oplopende kosten van de opvang worden voor het grootste deel gefinancierd met geld dat was gereserveerd voor ontwikkelingslanden. Opvangorganisatie COA wordt bijna volledig betaald van geld dat bestemd was voor ontwikkelingssamenwerking – 747 miljoen van de 830 miljoen euro.

Om de oplopende kosten verder te financieren, is in 2015 ongeveer 350 miljoen euro weggehaald bij diverse departementen die geld overhadden; onderuitputting heet dat. Normaliter gaat dit geld terug naar de schatkist.

Ook een vergoeding die Nederland van Brussel krijgt voor vluchtelingenopvang (54 miljoen euro) wordt gebruikt om de kosten te dekken (27 miljoen euro in 2016).

Hoe ziet het dagelijks leven in een asielzoekerscentrum eruit? Koken, wassen, recreëren en sporten asielzoekers zelf? Hoe voorzien azc-bewoners in hun dagelijks levensonderhoud?

Dat vraagt een lezer die liever anoniem blijft.

In een asielzoekerscentrum hebben mensen meer privacy dan in de noodopvang. Gezinnen hebben vaak een eigen kamer, alleenstaanden moeten soms een kamer delen met een andere asielzoeker. In een azc hebben mensen hun leven meer in eigen hand dan in de noodopvang. Ze krijgen leefgeld voor eten en andere kosten en koken zelf, kinderen gaan naar school. Het is ook mogelijk om klusjes op het asielzoekerscentrum te doen tegen een kleine vergoeding, zoals schoonmaken.

Asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen, wonen vaak nog een tijd in een azc, tot er woonruimte beschikbaar is. Zij kunnen dan wel cursussen en Nederlandse lessen volgen.

Lethargie is de grootste vijand van de asielzoeker. Mensen liggen veel in bed, staan laat op en doen weinig. Jongeren trappen een balletje op een sportveldje in de buurt.

Kracht, inventiviteit, opleiding en kennis van het Engels van de individuele asielzoekers bepalen in hoeverre ze dingen omhanden hebben. Vaak zijn er vrijwilligers die sportactiviteiten, taallessen en uitstapjes voor hen organiseren.

Hoeveel van de kosten voor asielzoekers worden terugverdiend via verhoogde opbrengsten voor bijvoorbeeld ondernemers?

Wim Oerlemans uit Austerlitz schrijft: „Bij 60.000 asielzoekers moet het om een groot bedrag gaan dat naar onze samenleving terugvloeit.”

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling rapporteerde in 2013 dat het nettoresultaat van overheidsuitgaven en -inkomsten door migratiestromen naar de 34 (meest welvarende) lidstaten gemiddeld dicht bij nul uitkomt. Niet positief en niet negatief dus, al zijn er onderling grote verschillen tussen OESO-landen.

Een van de belangrijkste factoren die de uiteindelijke balans bepalen, is volgens de OESO de vraag of migranten betaald werk gaan doen, (loon-)belasting afdragen en de sociale zekerheid en bijstand niet belasten. Ook het soort immigratie (vluchteling of arbeidsmigrant) en de leeftijd van de immigrant zijn belangrijke factoren.

Op de kortere termijn zijn er verhoogde belastinginkomsten door banengroei in de dienstensector en hogere btw-inkomsten van het midden- en kleinbedrijf in gemeenten met azc’s en andere opvang. Hierover bestaan echter geen cijfers.

Hoe wordt de grote werkdruk op politieagenten opgevangen, gezien de nieuwe taken die met de vluchtelingenstroom op hen afkomen?

Dat vroeg een lezer uit Munstergeleen die anoniem wil blijven.

Voorzitter Sanna Eichhorn van de Vereniging van Middelbare en Hogere Politieambtenaren zag eind januari een snel oplopende werklast voor de politie. Ander politiewerk blijft liggen; onduidelijk is welk. In ieder geval betekent dit, zei Eichhorn in De Telegraaf dat „een kleine 6.000 medewerkers niet voor andere taken” kunnen worden ingezet.

Staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) erkende in een Tweede Kamerdebat over het asielbeleid (13 februari) dat het „vanzelfsprekend veel werk voor de politie [is] om de openbare orde te handhaven”. Volgens hem zijn zo’n 1.500 agenten met ordehandhaving in en rond azc’s bezig, aanmerkelijk minder dan volgens Eichhorn.

Welk beeld hebben migranten van Europa als ze hier aankomen?

Dat vraagt onder anderen P. van den Bosch uit Alkmaar zich af. Is dat beeld niet te rooskleurig, vragen ook andere lezers, zoals Jan Ludwig uit Aduard.

Het beeld van asielzoekers die naar Europa komen is zeker niet te rooskleurig als het om veiligheid en welvaart gaat. Die zijn beduidend groter dan in de streken (Midden-Oosten, Afrika) waar de meeste migranten vandaan komen. Het zijn belangrijke redenen om de lange reis te ondernemen.

Wat wel kan tegenvallen: de lengte van de procedure (inclusief gezinshereniging); de situatie in veel opvangcentra (gebrek aan privacy, lang wachten, spanningen tussen etnische en religieuze groepen); en de kansen op werk.

De Nederlandse regering doet diverse pogingen om mensen die erover denken naar Nederland te migreren, in hun eigen land „eerlijk te informeren”, zegt een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Zo gaf het kabinet 410.000 euro subsidie aan het project Surprising Europe. Voor de website werden onder meer filmpjes gemaakt met gedesillusioneerde Afrikanen in Europa, maar ook over succesvolle ondernemers onder de migranten. Tv-zender Al Jazeera zond de filmpjes uit in meer dan vijftien herkomstlanden.