Macabere slag in de Mocro-oorlog

Het hoofd was zo neergezet dat het door de ramen van het waterpijpcafé naar binnen keek. Als een soort signaal. Maar voor wie? En waarom?

Voor het raam van waterpijpcafé Fayrouz in Amsterdam werd woensdagochtend een hoofd aangetroffen. Foto Bart Maat / ANP

Boink! Om 11.22 uur, ruim vier uur na de vondst van een hoofd op de stoep van waterpijpcafé Fayrouz in Amsterdam, klapt het zwarte scherm van de forensische opsporing om van de wind. De plaats delict is weer vrij. Recherche rijdt weg, agenten trekken het rood-witte lint los, halen hun fiets van de standaard en nemen afscheid.

„Bedank hè.”

„Succes.”

„Hoihoi.”

John Bruijnes, een 63-jarige met lang haar, komt net aan met de brommer. Hij is de directe buurman van het waterpijpcafé, een shisha-lounge. Zelf beheert hij een soort tweede huiskamer vol snuisterijen. Hij was net in het ziekenhuis voor controle toen een kennis belde en zei: „Er ligt een hoofd voor je deur.” Bruijnes: „Wat voor hoofd?”

Het hoofd, een mensenhoofd, was gevonden door een voorbijganger. Het was zo neergezet dat het door de ramen van het waterpijpcafé naar binnen keek, als een soort signaal. Twee meter verwijderd van Bruijnes’ etalageruit. Een „uitermate lugubere vondst”, noemde burgemeester Eberhard van der Laan het. Hij heeft de shisha-lounge laten sluiten.

Hoofd hoort bij romp in uitgebrande auto

Het hoofd hoort volgens de politie bij het lichaam van de 23-jarige Nabil Amzieb, die een dag ervoor in een uitgebrande auto in Amsterdam Zuidoost werd gevonden. Amzieb was mogelijk betrokken bij de zogenoemde ‘Mocro-oorlog’, een onderwereldconflict dat begon met het verdwijnen van een partij cocaïne in de haven van Antwerpen. De ruzie ontaardde eind 2012 in een gewelddadige vete na een wilde schietpartij in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt waarbij twee doden vielen. Sindsdien staat een groeiende groep jonge mannen van voornamelijk Marokkaanse afkomst elkaar naar het leven.

Waterpijpcafé Fayrouz zou een stamkroeg zijn voor sommige hoofdrolspelers in het conflict. ‘Shisha in alle smaken voor 7 euro’ staat op de deur. Er liggen wat peuken en eucalyptus snoepjes op de grond. De gordijnen zijn dicht.

„Ik ben er weleens geweest”, zegt John Bruijnes vanuit zijn stoel. „Ziet er binnen keurig uit hoor. Prachtig stucwerk, mooie bogen, een bar en achterin een lounge. Je kunt er van de grond eten.”

De eigenaar is „een heel aardige vent”. Toen hij de tent in 2010 overnam, was het nog een nachtcafé vol dronkenlappen. Bruijnes heeft goed contact met de eigenaar en zegt dat die best een oogje in het zeil houdt. „Maar kijk, er zijn altijd… je hebt, oké, je hebt het niet voor het kiezen. Ik heb zelf ook in de horeca gezeten. Je kan niet selecteren wie je zaak bezoekt.”

Er wordt weleens wat tegen de muur verderop gepist. En gespuugd, „liefst tegen je raam aan”. Of hij er weleens wat van zegt? Bruijnes wijst naar zijn etalage: „Moet je kijken wat voor gigantische ramen ik heb.” Liever gaat hij voor wat binding met de buren, hij heeft zelf ook een waterpijp voor het raam gezet. Uit Abu Dhabi. „Rolls Royce onder de waterpijpen.”

Voorlangs ziet hij geregeld dure auto’s rijden. Op de stoep staan vaak jongens met scooters en een schoudertasje van Louis Vuitton. Maar dat zijn niet de jongens om wie het gaat, denkt Bruines. „Die zitten binnen.”

Niemand weet meer wie met wie ruzie heeft

Tot de vaste bezoekers van de lounge behoorde een groep mannen rond Benaouf A., een van de hoofdrolspelers in de Mocro-oorlog. Hij zit vast voor moord, maar zijn vrienden zouden Fayrouz nog altijd frequenteren. Een van hen, Mohammed El M., werd in mei 2014 doodgeschoten vlak nadat hij de lounge had verlaten. „Hier om de hoek”, zegt Bruijnes. „Pieuw.” Daarna was het even wat rustiger in de lounge.

Vorig jaar werden twee mannen opgepakt die met wapens in de aanslag om de hoek stonden te wachten. Ze werden veroordeeld voor de voorbereiding van een liquidatie, al is nooit bekend geworden wie het duo op de korrel had.

Dat het gevonden hoofd voor de shisha-lounge een signaal is voor iemand, lijkt vrijwel zeker. Maar voor wie? En waarom?

Zeker, het is aantrekkelijk om al die vragen terug te leiden naar het oorspronkelijke conflict over de Antwerpse cocaïne, zeggen advocaten die betrokkenen in dit conflict bijstaan. Maar inmiddels zijn er zoveel slachtoffers gevallen dat vrijwel niemand meer weet wie met wie met ruzie heeft en waarom. Volgens hen gaat het allang niet meer over ‘Antwerpen’.

„Het idee dat er twee kampen zijn die elkaar naar het leven staan is veel te simpel, zegt een advocaat op voorwaarde van anonimiteit; praten met de pers wordt niet gewaardeerd. „Er is sinds 2012 heel veel gebeurd. Ik vraag me af of die jongens zelf nog weten wie met wie ruzie heeft. Soms blijkt gaandeweg dat iemand die tot kamp A werd gerekend, inmiddels is overgestapt naar een ander kamp en dat zijn oude vrienden nu zijn nieuwe vijanden zijn.”

Mocro-oorlog wordt steeds gewelddadiger

De manier waarop het meest recente slachtoffer van de Mocro-oorlog is tentoongesteld, past wel in een patroon van geweld dat sinds de start van het conflict steeds gewelddadiger is geworden. Liquidaties worden steevast uitgevoerd met automatische wapens en er wordt extreem veel geschoten. Zo werd een van de hoofdpersonen in dit conflict, Gwenette Martha, door ruim tachtig kogels geraakt.

Een andere liquidatie werd uitgevoerd tijdens een feest in het Amsterdamse Scheepsvaartmuseum waar op dat moment ongeveer duizend feestgangers aanwezig waren. Opmerkelijk was ook de liquidatie van Luana Luz Xavier in Amstelveen. Haar dood – ze werd onder de ogen van haar kinderen doodgeschoten – hield waarschijnlijk verband met de activiteiten van haar vriend die spoorloos was verdwenen. De politie vermoedt dat ook hij is geliquideerd.

Ach, John Bruijnes maakt zich er niet druk om. Hij zet zijn bril met gele glazen op en gaat boodschappen doen. Buiten voor het waterpijpcafé herinnert alleen een hoopje houtpulp, om te voorkomen dat bloed in de tegels trekt, aan de lugubere vondst.

 

    • Jan Meeus
    • Freek Schravesande