Shell was slecht voorbereid op lekkage Pernis

Het bedrijf was niet in staat om het vrijkomen van een giftige stof onmiddellijk te stoppen, concludeert de Onderzoeksraad Voor Veiligheid.

Een deel van de olieraffinaderij van Shell Pernis. Foto Jerry Lampen/ANP

Shell was onvoldoende voorbereid op een lekkage van de giftige stof ethyleenoxide zoals die op 30 december 2013 ontstond bij de olieraffinaderij in Pernis. Shell was niet in staat het lek onmiddellijk op te sporen en ook was de noodprocedure onvoldoende voorzien op een fout in een dergelijk groot systeem. Dat staat in een rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) dat woensdag is verschenen.

Bij het incident kwam 11,2 ton ethyleenoxide vrij, een stof die brandbaar en giftig is, zeker wanneer deze in de open lucht vrijkomt. Mensen in de bewoonde omgeving ten noorden van de olieraffinaderij in Pernis (gemeente Rotterdam) gedurende 25 minuten blootgesteld aan 0,5 ppmv (parts per million by volume). Dat is volgens de OVV een veilige grenswaarde voor blootstelling gedurende acht uur op een dag.

De verspreiding van de hoeveelheid ethyleenoxide had beperkt kunnen worden als Shell voorbereid was geweest op een lekkage van een dergelijke omvang en een adequate noodprocedure voorhanden was geweest, stelt de OVV in het rapport. Dan had direct actie kunnen worden ondernomen om het vrijkomen van de giftige stof te stoppen.

Technisch mankement

De oorzaak van het lek lijkt in een technisch mankement te liggen. Bepaalde koppelingen binnen het leidingsysteem waren aangetast door de ethyleenoxide. Die schade was niet van de buitenkant zichtbaar, en het oliebedrijf voerde geen inwendige inspectie uit omdat ervan uit werd gegaan dat de technische levensduur veertig jaar bedroeg, zo valt in het rapport te lezen:

“De koppelingen werden als onderhoudsvrij beschouwd en er was daarom ook geen onderhoudsplan. Shell hanteerde een economische levensduur van 20 jaar voor de koppelingen. Bij het ontstaan van de lekkage was de leiding met de isolatiekoppelingen ongeveer 18 jaar in gebruik.”

Volgens de OVV is niet met zekerheid vast te stellen dat dit technisch mankement ook leidde tot de lekkage, maar is het aannemelijk dat de koppelingen niet over een levensduur van achttien jaar bestand waren tegen ethyleenoxide.

Shell kon woensdagmiddag nog niet inhoudelijk op het rapport ingaan, maar persbureau ANP meldt dat Shell na de lekkage een aantal maatregelen nam. Zo zijn er technische middelen gekomen om lekkages tijdig te kunnen opsporen en is een noodprocedure opgesteld voor het leegmaken van de ethyleenoxideleiding.

Niet het enige lek

Het incident eind december was niet het enige waarbij ethyleenoxide vrijkwam. Tussen 21 november vorig jaar en 27 januari dit jaar ontsnapte de stof ook bij Shell Moerdijk. Volgens het oliebedrijf was een afsluiting bij reparatiewerkzaamheden opengezet en vervolgens niet gesloten. De GGD concludeerde begin deze maand dat het voorval geen schadelijke gevolgen had voor de volksgezondheid. Ook dit voorval wordt door de OVV bekeken.