Adverteerders besteden meer geld aan reclame op televisie

Adverteerders hebben vorig jaar voor 965 miljoen euro besteed aan reclame op tv. Dat is 1 miljoen euro meer dan in 2014. Dat meldt SPOT, de brancheorganisatie van Nederlandse televisiezenders in zijn jaaroverzicht.

De stijging is opmerkelijk. In 2014 vonden immers twee grote, bij adverteerders populaire sportevenementen plaats. De Olympische Winterspelen in Sotsji en het WK voetbal in Brazilië zorgden al voor een opleving van de (netto) mediabestedingen op tv. Netto wil zeggen: inclusief de kortingen die grote adverteerders krijgen.

De tv-reclamemarkt herstelde zichzelf volgens SPOT goed in de tweede helft van 2015. In de eerste helft van het jaar vielen de bestedingen nog tegen. In 2015 werd 854 miljoen euro besteed aan gewone commercials (spot), dat is een half procent meer dan het jaar ervoor.

Aan zogenoemde non-spot reclame (sponsoring, door adverteerders gefinancierde programma’s zoals het voormalige Koffietijd) werd 111 miljoen euro besteed. Dat komt neer op een daling van 2,7 procent. Non-spot is minder populair geworden; grote adverteerders als Unilever kiezen minder vaak voor relatief dure en arbeidsintensieve marketing in de vorm van coproducties.

De Nederlander keek in 2015 gemiddeld 190 minuten per dag tv. Dat is 4,8 procent lager dan in 2015. Kijkers tussen 50 en 64 jaar oud keken in 2015 net zo veel als in 2014. In de andere doelgroepen is de kijktijd ten opzichte van 2014 gedaald.

Tv, zo juicht SPOT in het jaaroverzicht, blijft nog steeds het medium om grote groepen mensen te bereiken. Tegelijkertijd concludeert de branchevereniging in het jaarrapport dat het kijkgedrag van de Nederlander verandert. Mede door de opkomst en het gebruik van (nieuwe) video-on-demanddiensten die worden aangeboden op online platforms.

Voor 2016 verwacht SPOT een groei van de reclame-inkomsten van tv-zenders tussen 1 en 3 procent. De Olympische Winterspelen in Rio zullen daarbij vermoedelijk meer helpen dan het EK voetbal - zonder Oranje.