We zijn al heel lang vrouw. Maar het helpt niet (2)

Echte feministen hebben geen tijd zich druk te maken over pin-ups en billboards, schrijft Dilan Yesilgoz. „Dat is gerommel in de marge.”

Illustratie Ruben L. Oppenheimer.

Hi, welcome at Hooters!” zegt een mooie jonge vrouw vrolijk terwijl ze ons naar een tafeltje achterin begeleidt. Ze draagt hotpants en een strak topje met een diep decolleté. Een kort gesprek leert dat ze met dit baantje haar studie zelf bekostigt, iets waar ze overduidelijk trots op is. In het sportcafé in Florida, een internationale keten die vooral bekendstaat om de sexy jonge dames (en naar eigen zeggen de lekkere kippenvleugels), zitten stellen, gezinnen met jonge kinderen en vriendengroepjes.

Sex sells, dat weten ze in Amerika. En al zijn er vele rechtszaken tegen Hooters geweest (met seksisme als aanklacht), niet alleen bestaat het nog, het wordt ook nog door heel veel bedrijven geïmiteerd. De ‘breastrestaurants’ schieten als paddenstoelen uit de grond.

Dat seks verkoopt weet de Amsterdamse Suitsupplybaas Fokke de Jong ook maar al te goed. Al jaren maakt zijn bedrijf reclameposters met mannen strak in pak en ontblote vrouwen. De laatste campagne, waarbij de mannen de borsten van een bloedmooie vrouw gebruiken als glijbaan, zorgde wederom voor veel ophef. Zelfverklaarde feministen plakten de posters af met maandverband, het zou seksistisch en denigrerend voor vrouwen zijn.

Om vergelijkbare redenen werd Max Pam onlangs aangevallen door deze stroming feministen. In een column beschreef Pam een vrouwelijk personage in een Western die zo lelijk was, dat je daar als outlaw niet bovenop zou willen. Seksisme, aldus de feministen, het toont immers aan dat vrouwen alleen maar succesvol zijn als een man seks met je wil.

En wat te denken van de Britse wetenschapper Taylor die publiekelijk zijn excuses moest maken voor een overhemd dat hij aanhad, ontworpen door een vriendin, met pin-ups erop? De voorbeelden zijn legio.

Nu beschouw ik mijzelf ook als een feminist. Om de grote schrijver en dichter Maya Angelou aan te halen; ik ben nu al een hele tijd een vrouw, ik zou gek zijn om niet aan mijn eigen kant te staan. Maar ik voel mij in geen enkel opzicht verbonden met het soort feminisme dat ik hierboven beschrijf. Het is gerommel in de marge, een soort bezigheidstherapie. Het staat uiteraard eenieder vrij, maar het schiet zijn doel op alle niveaus voorbij. Sterker nog, het zet vrouwenemancipatie nog een stap achteruit. Vrouwenlichamen worden afgeplakt en het zelfbeschikkingsrecht wordt selectief gemaakt.

Vrouwenemancipatie is nog steeds van levensbelang. Ruim eenderde van de meisjes tussen 12 en 17 jaar verwacht later afhankelijk te zijn van een partner of de overheid. De helft van de vrouwen is op volwassen leeftijd economisch zelfstandig. Werkende vrouwen verdienen gemiddeld minder dan mannen, zowel in de overheid als in het bedrijfsleven. Seksuele intimidatie, vrouwelijke genitale verminking, eergeweld; ik kan een krant vol schrijven met alarmerende praktijken en urgente cijfers. Er is een hoop werk te doen voor ons allemaal. De luxe positie dat het feminisme een marginale stroming kan zijn die zich druk maakt over overhemden met tekeningen van pin-ups is, helaas, nog lang niet bereikt.