‘Onze democratie is onomkeerbaar’

Maandag vielen tientallen doden bij aanslagen in Tunesië. Het enige succes van de Arabische Lente kampt met veel problemen.

Habib Essid Foto’s Fethi Belaid/AFP

Tunesië geldt als het enige succes van de Arabische Lente. Buurland Libië is sinds de val van Moammar Gaddafi in 2011 het speelveld geworden van milities en – in toenemende mate – extremisten. Egypte wordt nog meer dan onder Mubarak autoritair bestuurd, nu door ex-legerleider Sisi. Syrië wordt door oorlog verscheurd, evenals Jemen.

In Tunesië daarentegen is de dictatuur van Zine al-Abidine Ben Ali omgevormd in een democratie, met vrije verkiezingen en een grondwet, „die een van de beste is ter wereld”, zegt premier Habib Essid in een vraaggesprek. Essid was vorige week enkele dagen in Nederland.

„De democratie is onomkeerbaar”, verzekert hij. Maar hij verhult niet dat er grote problemen zijn: investeringen blijven achter en de werkloosheid (15 procent) is nog groter dan in december 2010 (13 procent), toen in het verarmde binnenland de opstand tegen Ben Ali op gang kwam.

Afgelopen januari gingen opnieuw duizenden boze jongeren de straat op om dagenlang te protesteren tegen de regering, alleen volgde er dit keer geen revolutie op. „We hebben veiligheidsproblemen, we hebben problemen met sociale stabiliteit, en we hebben economische problemen. Je kunt niet werk scheppen en investeren in een land waar geen veiligheid is”, zegt Essid. „We hebben geen toverstaf.”

Waarom blijft vergeleken met 2010 de economische toestand zo slecht?

„De overgang naar democratie – een nieuwe grondwet, achtereenvolgende verkiezingen – heeft veel tijd gevergd. En 2015 was een heel moeilijk jaar. De toeristenindustrie, die direct 400.000 en indirect een miljoen mensen werk biedt, werd het doelwit van terreur. De [fosfaat]mijnensector was twee maanden in crisis. En we zitten met het gegeven dat de meeste mensen willen werken bij de overheid, wat we ons niet meer kunnen veroorloven. We hebben mensen die zijn opgeleid voor werk waarvoor we hen niet nodig hebben. We werken nu aan omscholing en we proberen de vraag naar arbeid aan te passen aan het aanbod.”

Na de aanslag op Britse toeristen in Sousse, afgelopen juni (38 doden), zei u: „Het land en de regering worden bedreigd. Ons doel is de oorlog te winnen.” Wint u die oorlog?

„Een oorlog is het winnen van gevechten. Wanneer je een gevecht verliest, betekent het nog niet dat je de oorlog hebt verloren. De oorlog tegen het terrorisme gaat door, met de vaste wil deze oorlog te winnen. Geen terrorisme bestaat niet. Zie wat er in Parijs gebeurde.”

Kunnen toeristen nu weer naar Tunesië?

„Niet overal. Sommige plaatsen zijn veilig.”

Mensenrechtenorganisaties hebben veel kritiek op de nieuwe antiterrorismewet die vorige zomer werd aangenomen. Terrorisme wordt er zo ruim in gedefinieerd dat elk protest eronder valt. Keren de methodes van Ben Ali terug?

„Het is niet Ben Ali. Wij zijn democratischer dan de VS en dan Frankrijk. Dit is niet een wet zoals Ben Ali die oplegde. Hij is in de regering besproken, en toen aan het parlement voorgelegd en daar besproken.”

De kritiek geldt de inhoud.

„De inhoud is goedgekeurd door het parlement. Het parlement bestaat uit vertegenwoordigers van het volk. Zij zijn vrij gekozen. Dit is wat het volk wil.”

Uit de hele wereld vertrekken jongeren naar de Islamitische Staat, maar het grootste contingent, zo’n vierduizend man, komt uit Tunesië. Waarom?

„We hebben een lange overgangsperiode naar democratie achter de rug, en gedurende die periode was er meer ruimte voor radicalisering. De transitie gaf iedereen meer vrijheid. Maar meer dan 60 procent van degenen die zijn gaan vechten in Syrië is om economische redenen gegaan. Het zijn huurlingen. Ze hadden werk nodig.”

Maar in Egypte heerst ook enorme werkloosheid onder jongeren. En die gaan niet.

„Egypte wordt autocratisch bestuurd. De andere 40 procent van het Tunesische contingent gelooft inderdaad dat dit het juiste pad is. Dat ze rechtstreeks naar de hemel gaan.”

In hoeverre spelen radicale predikers een rol? U heeft na de aanslag in Sousse gezegd dat niet wordt getolereerd dat moskeeën zich niet aan de wet houden.

„De situatie is veel beter dan ze was. Maar dit is een dynamische toestand. De ene prediker neemt het over van de ander als die wordt weggestuurd. Maar we houden ze allemaal in de gaten om te verhinderen dat ze hun gif verspreiden.”

Komt er geld uit het buitenland, bijvoorbeeld de Golfregio, voor radicale predikers?

„We hebben geen duidelijk bewijs. We volgen dit van dichtbij. Als we zien dat geld via islamitische verenigingen naar dergelijke predikers gaat, grijpen we in.”

Groot-Brittannië maakte vorige week bekend dat het militairen stuurt om u te helpen de grens te sluiten voor extremisten vanuit Libië. Komen er meer buitenlandse militairen?

„Er komen geen troepen om te vechten! We hebben een akkoord met Groot-Brittannië, met Duitsland, met Frankrijk, via de G7, om de grensbewaking te helpen de controles te verbeteren. Dat is iets heel anders.”

Corruptie bij de grensbewaking maakt smokkel van wapens en andere spullen makkelijk.

„Corruptie en terrorisme zijn met elkaar vervlochten. Terroristen hebben smokkelaars nodig voor hun activiteit, en smokkelaars terroristen. Corruptie is een grote zorg van deze regering. Om dit probleem te helpen oplossen hebben we ook een wal van tweehonderd kilometer langs de grens met Libië gebouwd om de smokkel van wapens en andere zaken tegen te gaan.”

In Libië groeit het gevaar van Islamitische Staat. Er wordt gespeculeerd over een nieuwe westerse militaire interventie. De Verenigde Staten hebben kortgeleden al een luchtaanval uitgevoerd op IS. Hoe staat u daar tegenover?

„Wij zijn tegen, dat is duidelijk. Wij denken dat in Libië een politieke oplossing nodig is. Elke andere oplossing heeft een heel slechte uitwerking op de regio.”

Waarom?

„Ik geef u voorbeelden. Wat gebeurde er in Irak [2003]? In Afghanistan [2001]? In Libië [2011]? Kijk maar naar de consequenties.”

De Verenigde Naties hebben een voorstel voor een politieke oplossing, maar de Libiërs zelf lijken die te dwarsbomen.

„De EU, de VS en Rusland en China en andere belangrijke landen hebben de middelen om een politieke oplossing aan Libië op te leggen. Dat de VN er niet in zijn geslaagd hun regeling op te leggen is een heel slecht teken. Dat je via de VN niets kunt doen.”