Kom op Meral, verander toch die naam!

Zaterdag schreef scholiere Meral Gülcür over haar wens advocaat te worden. Doe niet te moeilijk, adviseert Ebru Umar. Wees gewoon beter.

Meral Gülcür Foto’s Andreas Terlaak

Meral Gülcür

Mijn neef heeft de meest onuitspreekbare Turkse achternaam die er is. Vijf lettergrepen en letters die niet voorkomen in het Nederlandse alfabet. Zijn kinderen hebben de achternaam van zijn Nederlandse vrouw. Zijn broer piekerde daar niet over. Zíjn kinderen zullen later dagelijks hun Turkse achternaam mogen spellen – net als hun vader die daar overigens niet onder lijdt.

Mijn andere neef heeft de Nederlandse achternaam van zijn stiefvader aangenomen en zijn voornaam verbasterd tot iets wat redelijk Nederlands is. Mijn zus heeft haar kinderen Nederlandse voornamen gegeven – ondanks de Nederlandse achternaam van hun vader heeft de gemeente Rotterdam er trouwens nog steeds eentje geregistreerd als Turk. En ikzelf? Ik dank mijn ouders dat ze zo verstandig waren mij een naam te geven zonder umlauten of andere rare tekens. Desondanks moet ik ’m nog wekelijks spellen: E-B-R-U Utrecht Marie Anton Richard.

Geen van mijn familieleden zal zeggen dat onze namen onze carrières belemmerd hebben. Om één simpele reden: dat anderen vooroordelen hebben bij het horen van je naam en afkomst, wil nog niet zeggen dat jij daar slachtoffer van hoeft te worden. Het enige wat van belang is, is bewust te zijn dat vooroordelen bestaan. Zodat je ze voor kunt zijn.

Dat gymnasiaste Meral Gülcür een kwart eeuw nadat ik op een soortgelijk elitair gymnasium zat, nog steeds worstelt wordt met dezelfde vooroordelen waar mijn zussen, neven en ik mee geconfronteerd werden, is op z’n minst interessant. Tweeledig interessant: waarom zadelt een Nederlandse vrouw haar kind op met een Turkse naam – in Nederland nota bene? Dat mijn generatie dat is overkomen, is nog enigszins te begrijpen; er heerste bij onze ouders een vage overtuiging van teruggaan naar hun land van herkomst. Maar dat mijn generatie hun kinderen opzadelt met onuitspreekbare namen die ze op een sociale achterstand zetten, is kindermishandeling.

Verder is het interessant – of triest? – dat een zeventienjarige zich anno 2016 druk maakt over de impact van haar naam op haar carrière. Worstelt of ze zich, om in de termen van premier Rutte te blijven, moet ‘invechten’. Dat Rutte zoiets zegt over in Nederland geboren kinderen met Nederlandse paspoorten, is al schandalig. Maar in het geval van Meral en zoveel anderen, is het vermijdbaar. Ja, neem die achternaam van je moeder aan – waarom zou je het niet doen? Omdat je dan je vader kwetst? Die komt daar wel overheen. Een beetje vader wil het beste voor zijn kind en discriminatie valt daar niet onder.

 

Want ja, een niet-Nederlandse naam leidt tot discriminatie. Discriminatie en vooroordelen zijn menselijk en heus niet alleen voorbehouden aan Nederlanders. Iedereen zoekt zijn eigen soort; het is dé verklaring waarom vooral mannen worden aangenomen op leidinggevende posities. Ook ik heb vooroordelen als ik een Turkse of anderszins buitenlandse naam hoor. Ook ik moet overtuigd worden dat mijn vooroordelen niet terecht zijn, dat ik wel degelijk met een Nederlander te maken heb, zowel qua denk- en handelwijze als taal- en spraakbeheersing.

Maar goed, als je de kans hebt om vooroordelen voor te zijn door een Nederlandse naam aan te nemen, waarom zou je het jezelf dan moeilijk maken? Omdat je je wilt bewijzen? Pick your battles, dit is er nou juist een waar je niets mee opschiet.

Trouwens, er is een upside aan die buitenlandse achternaam: je valt op. Ik wist, in de tijd dat ik nog solliciteerde, altijd uitgenodigd te worden. Juist omdat ik een buitenlandse naam heb en werkgevers nieuwsgierig waren of hun vooroordeel klopte. Maar ik moest er wel wat voor doen: een verpletterende brief schrijven, bellen zodat ze mijn correcte taalgebruik zouden horen en ter plekke een geweldige indruk maken. Het ging altijd redelijk moeiteloos omdat ik in de basis met kop en schouders uitsteek boven iemand met een Nederlandse achternaam. En eerlijk? Dat is de enige voorwaarde om ergens aangenomen te worden: beter zijn dan de anderen. Wat je achternaam ook is.

Ebru Umar is columnist van Metro, GeenStijl en hoofdredacteur van FAB Magazine.