Drie gezinnen vertellen: hoe druk voelen ze zich?

Foto's David Galjaard

Man en vrouw zijn even druk, maar zij geniet minder van haar vrije tijd, blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Drie gezinnen vertellen hoe zij de balans tussen werk en vrije tijd ervaren.

Ik kan beter dan mijn vrouw dingen negeren die moeten

Pierke Verbeek (33) is zelfstandig strafrechtadvocaat. Hij heeft een zoon (3) en een dochter (1) en werkt minstens 40 uur per week, soms 60.

Foto: David Galjaard

Foto: David Galjaard

„Sinds ik vader ben, verdeel ik mijn werk anders. Als ik geen zittingen heb of andere verplichtingen ben ik flexibel. Ik probeer om uiterlijk zes uur thuis te zijn. Ik vind het belangrijk dat ik de ochtenden en avonden met mijn gezin doorbreng. Als de kinderen slapen, pak ik er soms weer een dossier bij.

„De balans tussen mijn werk en privéleven is mooi. Ik heb niet direct de behoefte om meer te werken, minder werken heb ik nooit overwogen. Dat was ook een financiële keuze: mijn inkomen is een stuk hoger dan dat van mijn vrouw. De gevolgen zouden groter zijn als ik minder zou werken.

„Mijn vrouw werkt tweeënhalve dag in de week. Ik vind het belangrijk dat ze zich blijft ontplooien. Dat vindt zij ook, al vindt ze het ook heel fijn om voor de kinderen te zorgen. Waren onze inkomsten gelijk geweest, dan had ik het best fijn gevonden om meer thuis te zijn.

„De taken zijn gelijk verdeeld, vind ik. Ik kook vaak, en doe de boodschappen. Mijn vrouw doet de was en ruimt op. We hebben een schoonmaakster. En we geven de kinderen om en om eten en brengen ze ook om beurten naar bed. Er is een evenwicht. Al doe ik, denk ik, opgeteld wel het meest.

„Vrije tijd heb ik nauwelijks. Mijn gezin staat nu op één. Eens per maand probeer ik met vrienden af te spreken. Dan word ik alleen aan het thuisfront herinnerd als ik een berichtje krijg. Ik kan dingen die moeten gebeuren beter negeren dan mijn vrouw. Kinderen spelen, en laten speelgoed achter. Ik kan denken: het opruimen komt wel, het heeft geen haast, ik zit net lekker.

„Soms is het stressvol als er zakelijk én thuis veel van me wordt verwacht. Maar dat is een gegeven, daar moet je maar mee omgaan. Het was tenslotte een bewuste keuze om kinderen te krijgen.”

Mannen kiezen eerder voor zichzelf dan vrouwen, ook bij ons

Pepijn Visscher (34) is arts in opleiding tot anesthesioloog. Hij heeft een zoon (1) en werkt in onregelmatige diensten zo’n 50 uur per week.

Foto: David Galjaard

Foto: David Galjaard

„Eigenlijk heb ik nooit nagedacht over minder werken. Maar ik ben ook nog in opleiding. Ik kan me voorstellen dat het er hierna anders uitziet. Er zijn maatschappen die standaard vier dagen werken. Dat is geen diepe wens, maar misschien is het dan thuis wel beter te managen. Nu is dat nog niet nodig. We hebben een goed vangnet van oppas en familie.

„Mijn vriendin werkt vier dagen per week. Als ik dagdienst heb en we allebei naar ons werk moeten, maak ik onze zoon wakker, kleed hem aan en geef hem de fles. Degene die het eerst thuis is, en dat is meestal mijn vriendin, haalt hem op van de crèche en kookt. Dat is het meest hectische moment van de dag, ik zit dan meteen in de regelstand.

„Ik heb nu minder vrije tijd dan voor we een kind kregen. Het is jammer dat ik niet meer zo vaak kan sporten als vroeger. Maar het is niet anders, ik kan niet én tijd met mijn kind hebben én tijd voor mezelf. Toch vind ik mijn leven niet echt drukker geworden. Ik moet gewoon wat meer vooruitplannen. Ik denk wel dat mijn vriendin het als hectischer ervaart.

„Mannen kiezen eerder voor zichzelf dan vrouwen. Dat is bij ons ook zo. Al is dat eerder een bepaalde ondoordachtheid, dat je achteraf denkt: misschien was dat niet zo slim. Toen onze zoon net geboren was, zei ik weleens een dag van tevoren dat ik met iemand had afgesproken om een biertje te drinken. Maar dat is niet handig met een kind, er moet toch iemand thuisblijven.

„Een dag op mijn zoon passen is soms vermoeiender dan werken. Als hij vrolijk is, vind ik het echt gezellig. Maar laatst was hij ziek. Dan is het niet leuk, dan is echt niks goed. Begrijpelijk natuurlijk, maar wel zwaar. Dan kan je beter werken.”

Aan mezelf toekomen lukt nooit, echt nul komma nul


Sacha de Groot (37) is lerares op een basisschool. Ze heeft een zoon (6) en een dochter (1), en werkt 25 uur per week.

Foto: David Galjaard

Foto: David Galjaard

„Het merendeel van de week ben ik niet aan het werk. Dat vind ik een fijn idee. Want ik heb gekozen voor kinderen, en dan moet je ook tijd voor ze hebben.

„Voordat mijn zoon geboren werd, werkte ik fulltime. Daarna ben ik teruggegaan naar 25 uur. Twee dagen per week kan ik hem zelf naar school brengen en ophalen, daarna kan hij een vriendje meenemen naar huis. Dat kan niet op de buitenschoolse opvang. Op vrijdag breng ik hem naar zwemles. Zou ik fulltime werken, dan moet je al die dingen in het weekend plannen.

„Mijn partner heeft een eigen bedrijf, een scheepstimmerwerf. Hij heeft die vijf werkdagen echt nodig. Maar hij is wel eigen baas en kan zijn tijd indelen; hij brengt de kinderen weg als ik moet werken. In het huishouden doe ik alles. Dat vind ik fair, want ik werk ook minder. De weekenden probeer ik vrij te houden, zodat we iets leuks kunnen doen met het gezin. En we niet nog duizend wassen hoeven draaien.

„Thuis zijn met een jong kind is niet minder zwaar dan werken. Integendeel. Want dan wil je én het hele huishouden doen én rekening houden met de slaapjes én aan jezelf toekomen. Al lukt dat laatste nooit, echt nul komma nul. Ik ben de hele dag in de weer met halen en brengen, koken, opruimen en slepen met kinderen en spullen. Maar ook al voel ik me druk, ik geniet er heel erg van.

„Het eerste jaar met een kind is chaotisch, maar nu begin ik weer te denken aan mezelf. Misschien ga ik een creatieve cursus volgen, etsen bijvoorbeeld. En ’s avonds heb ik wel vrije tijd. Ik ga echt de was niet opvouwen als ik een serie kijk. Die laat ik liggen voor de volgende ochtend.”