Wisenten veroveren Nederland

Wegens succes geprolongeerd en uitgebreid: straks lopen er op drie plekken in Nederland wisenten.

De wisent, een bijna uitgestorven Europese bizonsoort, is relatief rank maar kan 700 kilo worden. Foto Ruud Maaskant

Een rotstekening die tot leven komt. Traag komen de wisenten overeind tegen een helling van helmgras en mos. Boswachter Coen van Oosterom tuurt met samengeknepen ogen: „Het zijn er minstens twaalf.”

Tot een paar weken geleden bestond de kudde hier in het Noord-Hollandse Kraansvlak nog uit tweeëntwintig dieren. Maar acht exemplaren zijn apart gezet in een kraal: een houten omheining van een paar meter hoog. Daar worden mestmonsters verzameld en bloed afgenomen om hun gezondheid nog eens extra te controleren. Zijn ze goed doorvoed? Parasietvrij? Van Oosterom: „Zo’n verhuizing brengt altijd stress met zich mee.”

De acht wisenten verhuizen deze maandag naar De Maashorst, een natuurgebied in Noord-Brabant. Half april zullen op de Veluwe in een gebied van 400 hectare nog vier Duitse wisenten arriveren. Zo zijn er straks drie locaties in Nederland waar de wisent min of meer vrij rondloopt.

De wisent is een bijna uitgestorven Europese bizonsoort. Net als Amerikaanse bizons hebben wisenten een bochel, hoorns en een dikke vacht. „Maar Amerikaanse bizons leven op de prairie, wisenten zijn meer bosranddieren”, zegt van Oosterom. „Ze hebben hoge poten en een rank lijf, zodat ze moeiteloos tussen de bomen kunnen slalommen. De stieren kunnen zo’n 1,90 meter hoog worden en wegen al gauw 700 kilo. Daar wil je geen ruzie mee krijgen.”

11.500 jaar geleden leefden wisenten nog verspreid over Europa. Rond 400 na Christus nam hun aantal af door toegenomen jacht en inkrimping van hun leefgebied. In 1919 stierf de laatste wilde wisent, in 1929 werd begonnen met een fokprogramma en in 1952 werd in het Poolse oerwoud de eerste wisent geherintroduceerd.

Primeur

In Nederland had het Kraansvlak de primeur, in 2007. De 330 hectare duingebied, beheerd door waterbedrijf en duinbeheerder PWN, is nog omgeven door een hek. Met stroomdraden, want het is niet de bedoeling dat de dieren opeens tussen de badgasten bij Bloemendaal aan Zee lopen.

„Voordat we de dieren hierheen haalden, waren de duinen flink aan het vergrassen”, vertelt Yvonne Kemp, projectleider wisenten bij ARK Natuurontwikkeling, de organisatie die de verhuizing begeleidt en de wisenten in de gaten houdt. „Alles groeide dicht en PWN wilde terug naar een meer open, dynamisch landschap, waar de wind vrij spel heeft. Je kunt dan wel gaan plaggen, maar een veel natuurlijker methode is begrazing. PWN besloot te onderzoeken wat de mogelijkheden waren voor herintroductie van de wisent. Eerst hadden we een proefproject van vijf jaar in gedachten, maar het ging zo goed dat we in 2012 besloten verder te gaan. En nu verhuizen we straks zelfs dieren naar De Maashorst.”

„We wilden de natuur op de Maashorst diverser maken”, zegt ecoloog Leo Linnartz van ARK Natuurontwikkeling. „Over andere soorten hebben we ook gedacht. Edelherten, maar daar heb je een duurder raster voor nodig – die springen over een hek van 1,20 makkelijk heen. Of elanden, maar dat was niet haalbaar binnen korte tijd. Van de wisenten is al veel bekend dankzij het project in het Kraansvlak. Daardoor wisten we: we kunnen ze naar De Maashorst halen.”

Op De Maashorst krijgen de wisenten in eerste instantie een gebied van 200 hectare. Het eerste jaar hebben de wisenten het gebied voor zich alleen, daarna komen er taurosrunderen en Exmoorpony’s bij. Linnartz: „Qua graasdruk kan het gebied dat zeker aan. Juist omdat het vroeger landbouwgrond was, zijn er voldoende voedingsstoffen aanwezig. Na dat eerste jaar laten we ook mensen toe en komt er zelfs een fietspad in het gebied.”

Op de Veluwe zouden aanvankelijk al in het voorjaar van 2015 wisenten komen. „Het probleem was de watervoorziening, vertelt initiatiefnemer Jan Wolleswinkel van Stichting Wisent op de Veluwe. „Er bevindt zich een waterplas in het gebied, het Gerritsflesch-ven, maar dat is beschermd gebied. Daar mogen de wisenten van Staatsbosbeheer niet drinken omdat ze dan de waterplanten zouden opeten en voor vervuiling zouden zorgen: het gebied zou door alle uitwerpselen op de oever te voedselrijk worden en zeldzame amfibieën- en libellensoorten zouden erdoor verdwijnen. Dus besloten we nieuwe vennen te graven. Maar ja, probeer dat maar eens op een zandrug: alles zakt zo weg. Daarom hebben we op de bodem van de gegraven kuilen eerst een kleilaag aangebracht met klei uit de rivier De Linge. Nu blijft het water staan. De brandweer heeft meebetaald: die zijn ook blij met wat water in de buurt, mocht er een bosbrand uitbreken.”

Big four

De komst van de wisenten is op de Veluwe vooral toeristisch belangrijk. Wolleswinkel: „We hebben al een big three: edelhert, wild zwijn en ree. Met de wisent wordt dat een big four. Eerst kijken we even aan hoe de dieren het doen in hun nieuwe omgeving, daarna willen we excursies starten. Onderzoek gaan we ook doen. Op het terrein staat veel Amerikaanse vogelkers en meidoorns – vooral op die laatste struiken schijnen ze dol te zijn.”

In het Kraansvlak zijn de wisenten helemaal ingeburgerd. In het najaar van 2012 is er zelfs een wandelroute door het wisentgebied geopend, te belopen van september tot en met februari, buiten het vogelbroedseizoen. Van Oosterom: „Jarenlang hadden we bordjes op het hek hangen: ‘betreden verboden, wisentterrein, overtreding van de regels kan de dood tot gevolg hebben’. In de beginperiode gingen we ook altijd met twee boswachters het terrein op, portofoon bij de hand, dicht bij de jeep blijven voor noodgevallen.”

Kemp: „Inmiddels weten we: wisenten en mensen gaan prima samen. Net als Schotse hooglanders en mensen, of konikpaarden en mensen. Zolang je maar het feit respecteert dat het wilde dieren zijn. Dat betekent: voldoende afstand houden, bij wisenten zo’n 50 meter.”

Van Oosterom: „Maar zelfs dat vinden veel mensen al lastig. Om die reden is op de website wisenten.nl sinds begin dit jaar ook niet meer de locatie van de kudde te zien – een van de koeien is gezenderd. Wandelaars zagen dat steeds vaker als een uitnodiging om van het pad af te gaan en vrij door het terrein te struinen.”

Dieren met een vacht hebben een hoge aaibaarheidsfactor, zegt hij. „We maken het zelfs weleens mee dat mensen hun kind op de rug van een Schotse hooglander willen zetten – leuk voor de foto. Je moet vaak niet de mensen tegen de dieren in bescherming nemen, maar tegen zichzelf.”