Dopingzaak Pechstein voor Duitse rechter

Dinsdag wordt er een nieuw hoofdstuk toegevoegd aan de slepende rechtszaak die schaatsster Claudia Pechstein voert tegen de internationale schaatsbond ISU. Dan komt haar zaak voor de Duitse burgerrechter.

In 2009 werd de Duitse voor twee jaar geschorst wegens vermeend dopinggebruik. In haar biografie, verschenen in 2010, vertelde Pechstein over zelfmoordgedachten die opkwamen toen ze hoorde van die aanklacht. Nog steeds ontkent ze elke beschuldiging.

Pechstein kwam twee jaar niet in actie, en dat terwijl ze niet één keer op doping was betrapt. Het probleem zat hem in haar biomedisch paspoort. Ze had hoge waarden aan reticulocyten (onrijpe rode bloedcellen). Volgens de internationale schaatsfrederatie ISU duidde dat op doping. Pechstein vocht die conclusie aan. Ze probeerde haar recht te halen bij het internationaal sporttribunaal CAS, maar dat stelde de ISU in het gelijk, ondanks dat experts later vaststelden dat de wisselende bloedwaarden van de Duitse schaatser aan een erfelijke bloedziekte waren toe te schrijven.

Pechstein legde zich niet neer bij de uitspraak van CAS. Ze maakte de zaak aanhangig bij het het Duitse gerechtshof in München. De uitspraak, op 15 januari 2015, luidde dat de schaatsster haar zaak mag voeren zonder inmenging van het CAS. Daarmee werd het sporttribunaal voor het eerst buitenspel gezet bij een sportzaak. „Ik heb geschiedenis geschreven”, zei Pechstein destijds tegen tegen deze krant.

Haar zaak wordt dinsdag behandeld door de burgerrechter. De meervoudig olympisch kampioene eist niet alleen eerherstel, maar ook een schadevergoeding van 4,4 miljoen euro.

Inmiddels is Pechstein 44 jaar, en nog altijd staat ze op het ijs. Ze zat haar schorsing uit en kwam terug. Zondag werd ze in Berlijn dertiende op de WK allround. Ze wil nog door tot en met de Olympische Spelen van 2018 in Pyeongchang. Maar de grootste strijd voert ze vooralsnog buiten de baan, in de rechtszaal.