Ik hoef geen concessies meer te doen

Na 25 jaar als helft van een duo, brengt zanger Paul de Munnik maandag zijn eerste solo-album uit. En hij schreef de muziek van de musical Amandla! Mandela die zaterdag in première gaat. „Je pakt al die wortels en maakt daar een nieuwe boom van.”

Tekst Amanda Kuyper Foto Andreas Terlaak

Foto Andreas Terlaak

Acda & De Munnik

„We hadden nog wel twintig jaar Acda & De Munnik kunnen zijn. Dan zouden we later zestigers zijn die altijd Acda & De Munnik waren geweest. Misschien moeten we stoppen, dacht ik. Het sloop er bij mij ineens in, en het was er lastig eruit te krijgen. Acda & De Munnik was een huwelijk. We kenden elkaar van haver tot gort, waren zakelijk aan elkaar gelieerd. We werkten bij elkaar thuis. Wisten bij elk interview wat de ander zou zeggen. En in het tourbusje waren wederzijds de verhalen wel zo’n beetje verteld. Thomas (Acda – red) kon niet anders dan slikken. Afgewogen als ik ben sms’te ik hem: als je terugkomt van vakantie, zullen we dan even een biertje doen? Hij belde meteen: cut the crap, wat is er? Hij vond het in eerste instantie echt jammer, hij had gewoon weer zin om een nieuw programma te maken.”

Kanonnier

„In ons team ramde hij vooruit, hij had de energie. Hij was de kanonnier. Ik ben bedachtzamer, omzichtiger. De kapitein, noemde Thomas mij. Ik hield het schip recht. Een rolverdeling die kon voelen als een juk, maar het was niet erg; er was veel succes, en je hebt respect voor elkaar. Ik denk dat Thomas meerdere lagen in zichzelf kon aanboren met zijn acteerwerk. Hoewel ik ook wat andere projecten heb gedaan met Kees Prins, Maarten van Roozendaal en Ferdinando de Lameirinhas, ging het wringen. Onze laatste tour was een feest, ons afscheid geweldig. Je hoort wel eens over deuren die dicht gaan en elders openen. Hier zat in principe geen einde aan, was altijd het idee. Toen dat einde ineens wél in zicht bleek, begon ik meteen veel te schrijven. En ook hij kreeg ideeën voor een boek.”

Twintigers met een grote waffel

„Twintigers met een grote waffel waren we, vers van de Kleinkunstacademie. We zijn samen opgegroeid. Bluffend toen er nog geen succes was. We voelden ons popsterren in artiestencafé de Smoeshaan toen we één keer op de radio waren gedraaid. Dat fokken vonden we leuk. Als debutant mag je nog wel eens een steek laten vallen. Maar het succes werd ons gegund. Het tweede programma kreeg goede beoordelingen. Het derde was ook oké. En daarna moet je steeds met iets anders gaan komen, anders word je daarop aangepakt. Maar maakten we een rockmusical, klonk het: waarom blijven ze niet bij wat ze zo goed kunnen? Dat leert je om eigenwijs te worden. Zelf te bepalen wat de koers wordt. Mooi of niet. Succes is verslavend, zei Martin Buitenhuis (Van Dik Hout) terecht. Onze hits Het Regent Zonnestralen en Niet of Nooit Geweest werden een maatstaf. Ontleden ga je het bijna: wat vonden de mensen leuk, wat déden we dan? Was het de tweestemmigheid? Slimme teksten? De precieze succesingrediënten weet ik nog steeds niet.”

Solo

„Dat nieuwe jasje zit zo lekker. De vrijheid waarop ik hoopte is er, al heb ik het drukker dan voorheen. Ik doe alles zelf, zonder platenmaatschappij. Maar het voelt rustiger omdat ik geen concessies hoef te doen. Ik was bij het liedjesschrijven altijd aan het kijken of iets wel paste binnen het duo. Kan het tweestemmig, is het leuk genoeg, heeft ieder een gelijk deel. Mijn deel in die samenwerking bouw ik nu uit in vijftien liedjes. Dat is 15 keer, eh… mij. De kunst is dát interessant te houden. Ik laat in elk geval veel stijlen horen. Rock. Een latinnummer over de lente. Een echte vette blues – dat wilde ik altijd al eens doen. Geen Lied De Blues is zwaar met licht, met een geestige maar ook verschrikkelijke tekst over wat je bent kwijt geraakt. Schoonheid door narigheid. Niet dat je verdriet moet hebben om iets moois te maken. Maar het is wel zo dat iets moois nog mooier wordt als er verdriet onder zit.”

Gister nog

„In Nieuw beschrijf ik een nieuw begin. Ik veeg alles schoon, begin opnieuw en moet mezelf opnieuw uitvinden. Op een boekpresentatie van vriendin en schrijfster Eva Posthuma de Boer zong ik Hier Encore van Aznavour in een eigen vertaling: Gister nog. Ik merkte toen hoe dicht de tekst bij mij staat. Voor mij is er inderdaad twintig jaar verstreken. Wie was ik toen? En nu ga ik het opnieuw doen, maar rustiger en bewuster. Mensen waren erdoor ontroerd.”

Sneeuw

„Laatst deelde ik bij een solovoorstelling herinneringen van vroeger. Ineens zijn dat dingen die spelen. Je zoekt de basis op van wie je bent. Pakt al die wortels en maakt daar een nieuwe boom van. In mijn show vertel ik hoe ik uit het raam kijk waar alles wit is van de sneeuw. De eerste stappen daarin is al een mooi beeld. Als ik dan denk aan hoe dat raam vroeger vastgevroren zat, ijsbloemen op het glas. Mijn ouders, mijn broers. Het opgroeien in Dronten. Flevoland was weids. In vakanties werkten we tussen de fruitbomen of trokken we wortels uit de grond, met als enig gezelschap een klein radiootje dat meters verderop stond.”

Brel

„De muziek van Jacques Brel kan op elk moment. Dat zet ik zo graag op om me even te laten betoveren. De liedjes zijn echt magnifiek. Hij zingt alsof hij zijn ziel verkocht heeft aan het lied. De noodzaak is groot, en ieder nummer transformeert hij naar iemand anders. Een zanger met verschillende personages. En hij houdt ondertussen precies alles in de gaten. Ik zou sowieso meer vanuit andere personen of andere situaties willen gaan schrijven. Het viel mijn producer Wouter op dat er veel ík in mijn liedjes zit. Dat is wel zo. Ik kom er nu wel weg mee denk ik, maar het is ook een teken van armoe. En je moet altijd oppassen dat het niet larmoyant wordt. Bram Vermeulen had daar de neiging toe. Maar hij kon ook goed over andere mensen schrijven. Bij Maarten Rozendaal wist je überhaupt nooit over wie hij sprak, maar het was diep en raak. Bij mij is ‘ik’ niet altijd ikzelf. Het is autobiografisch, maar niet per se waar.”

Privé

„Ik laat mensen niet graag dichtbij komen. Bepaalde dingen zijn van mij, van mijn familie. Dat voel ik sterk. Dubbel is dat ik op het podium toch persoonlijke dingen deel over vroeger. Ik wil echt zijn, maar ik zie het ook als een vak. Een rol. Ik kan niet elke avond het nummer helemaal gaan doorvoelen. Ik doe het zoveel mogelijk, zoals een acteur zich ook totaal geeft maar ondertussen de brandweerman in de coulissen ziet staan.”

Amandla! Mandela

„Regisseur Koen van Dijk vroeg me de muziek te componeren bij de Mandela-musical. Een mooie klus en hele eer! Maar ik vond het pittig. Ik verdiepte me in Afrikaanse muziek en wist meteen: dat kan ikzelf niet componeren. Uiteindelijk vond ik een manier samen met het Zuid-Afrikaanse Khayelitsha United Mamboza Choir: zij kregen mijn melodieën en ik liet de harmonie los zodat ze er hun eigen muziek van konden maken. Er komen heftige onderwerpen voorbij. Het bloedbad bij de protestdemonstratie in Sharpeville. De zevenhonderd dode scholieren bij een studentenopstand in Soweto. Daar heb ik zware nummers voor moeten schrijven. Ik ben er bijna ambachtelijk aan gaan zitten: wat is hier een melodie voor? Nu vlak voor de première wordt er nog veel gesleuteld. Je denkt: liedjes klaar, hup mijn werk zit erop. Maar er zijn veel partijen met wensen. Een totaal nieuwe ervaring voor een solist.”