De koeienboer is in crisis

FrieslandCampina, de grote Nederlandse coöperatie, boekte, mede door de lage melkprijs, dikke winst. 

Foto iStock

Foto iStock

Met „een dubbel gevoel” presenteerde de topman van FrieslandCampina donderdag zijn recordwinst. Want de winst groeide vorig jaar met ruim 13 procent naar 343 miljoen euro. Maar, zei Roelof Joosten, de 19.000 leden van de zuivelcoöperatie kregen „een vrij lage melkprijs”. Zij kregen weliswaar meer dan veel niet-aangesloten melkveehouders, maar niet veel meer dan 34 cent per kilo. Dat is amper de kostprijs. En eenvijfde minder dan het jaar ervoor.

Nederlandse melkveehouders klagen al maanden over die lage melkprijs, die honderden melkveehouders tot ernstige gesprekken met de bank dwong en enkele bedrijven zelfs tot een faillissement. Een belangrijke oorzaak van die lage prijs is de toegenomen melkproductie, met name sinds de Europese melkquota op 1 april werden afgeschaft, in combinatie met de tegenvallende vraag, vooral in Azië en Afrika.

Met die marktomstandigheden heeft FrieslandCampina natuurlijk ook te maken. Het onderdeel ‘kaas, boter en melkpoeder’, oftewel de bulk- of basiszuivelproducten, drukte op het bedrijfsresultaat. Temeer de noteringen daar vorig jaar continu lager lagen dan de prijs die FrieslandCampina zijn leden garandeerde. Ook de Russische boycot van Europese zuivelproducten speelde de zuivelproducent parten. Net als de valuta-effecten in landen die zwaar afhankelijk zijn van olie, zoals Nigeria en Indonesië. Door de lage olieprijs nam daar eveneens de koopkracht af.

Maar de zuivelcoöperatie profiteerde flink door zogeheten producten met toegevoegde waarde. Vooral met kindervoeding in China en Hongkong. En zij wist de daling van verkopen in Europa onlangs om te buigen in groei. Zo verkocht FrieslandCampina vorig jaar, mede dankzij marketing, 15 procent meer Chocomel in Nederland. Ook profiteerde het bedrijf van de goedkope euro en de lage prijzen van grondstoffen voor verpakkingen.

En de coöperatie profiteerde natuurlijk ook van de lage inkoopprijs bij haar leden, die tevens haar eigenaren zijn. Een groot deel van de winst (55 procent) vloeit terug naar de leden in de vorm van een winstopslag per kilo melk – zonder zou de melkprijs voor leden niet zo’n 34, maar 31 cent bedragen. De rest ging naar het bedrijf, waarmee het onder meer de Belgische mozzarellafabrikant Fabrelac kocht en reclame maakt.

Bijzonder beheer

Intussen blijven de vooruitzichten voor de boeren niet best. Deze maand betaalt FrieslandCampina zijn leden nog geen 29 cent per kilo (exclusief winstopslag). Dat is bijna 10 procent lager dan het gemiddelde van 2014 en 2 cent lager dan het gemiddelde van vorig jaar. En de bodem van de melkprijs is nog niet in zicht, vreest topman Joosten. „De tegenwind lijkt nog sterker dan vorig jaar.” Joosten noemt de lage olieprijs en de stijgende melktoevoer de grootste „uitdagingen” voor 2016. Vorig jaar kreeg FrieslandCampina 6,4 procent meer melk te verwerken dan in 2014. En naar verwachting komt er dit jaar nog meer melk aan. Joosten: „Dat kan leiden tot verdere verzwakking van de prijs. Dus we moeten harder werken.” Volgens Joosten vinden de leden dat „geen probleem”.

Ook de coöperatievoorzitter wil geen weeklacht horen. „Volatiliteit is de nieuwe realiteit.” Voor vragen over financiële problemen van zijn leden, verwijst Piet Boer naar de Rabobank.

De bank waar 85 procent van de melkveehouders leent, is minder positief. Het aantal melkveehouders in bijzonder beheer wil de bank niet zeggen. Wel dat melkveehouders twee jaar geleden gemiddeld minder vaak in bijzonder beheer zaten dan andere ondernemers. Tegenwoordig worden melkveehouders juist vaker op het matje geroepen bij de afdeling voor bedrijven in problemen. Dat gebeurt nu bij meer dan 12 procent. En de Rabobank roept alle melkveehouders nadrukkelijk op een liquiditeitsplanning te maken, om erger te voorkomen.