Geen steek wijzer over Mali

Nederland neemt sinds 2013 deel aan de VN-vredesmacht MINUSMA. Die assisteert in Mali Franse troepen bij de bestrijding van jihadistische groeperingen. Doel, na de geslaagde herovering van het noorden van het land, is de verdere ineenstorting van de staat Mali te verhinderen. De documentaire De missie volgt een Nederlandse kolonel die tien maanden commandant is van MINUSMA. We zien hem voornamelijk vergaderen: op het hoofdkwartier in Bamako, op het VN-hoofdkwartier in New York, op het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag.

Buiten is er drama in overvloed: gevechtshandelingen, gesneuvelde vredessoldaten, tegenwerking door de Malinese overheid. Maar van die dingen is in de film vrijwel niets te zien, alleen hoe erover vergaderd wordt. Op die vergaderingen lijkt iedereen zich bewust van de camera en blijft dus beleefd, de lippen geplooid tot een welwillende glimlach. Het interessantst zijn nog de weinige, zo te zien haastig geschoten beelden te velde – van Nederlandse militairen op inlichtingenmissie in de stad Kidal, en van een Toeareg-commandant.

Maar dan moet er weer worden vergaderd, of getelefoneerd. De film sleept zich voort, tot aan de afscheidsreceptie van de kolonel en diens overplaatsing naar een basis in Groot-Brittannië – zeer tegen zijn zin want hij had gedacht militair attaché in Parijs te worden. Af en toe lijkt Oey een ironisch accent te willen zetten, maar zijn standpunt blijft onduidelijk: vindt hij VN-vredesmissies, Mali, Nederlandse militairen of militairen in het algemeen eigenlijk maar onzin? We komen het niet te weten, en evenmin word je uit deze film een steek wijzer over Mali.