Tweede stripmuseum is op komst

Nederland krijgt een tweede stripmuseum, Strips! in Rotterdam. Directeur Marc Kleijnen ambieert een levendig en laagdrempelig museum voor het hele gezin.

Rotterdam krijgt zijn eigen stripmuseum. Eind augustus opent Strips! Museum voor het beeldverhaal, in een ruimte aan de Wijnhaven, nabij de Markthal en station Blaak. In Rotterdam zal er op een vloeroppervlak van tweeduizend vierkante meter aandacht zijn voor de Nederlandse strip, in samenhang met buitenlandse invloeden en de relatie met (animatie)film, computer game art, cartoons en tekenkunst.

Directeur Marc Kleijnen wil er een levendig, laagdrempelig museum voor het hele gezin van maken, vertelde hij afgelopen weekend op de Nieuwe Stripdagen in Rijswijk. In de vaste opstelling, met een historisch overzicht, moeten de bijpassende thema’s vlot wisselen: van sciencefiction, ridderstrips, superhelden tot manga. De openingstentoonstelling wordt een overzicht van het werk van Martin Lodewijk, de tekenaar van Agent 327. In 2017 volgt een expositie over DC Comics vs. Marvel. Kleijnen wil graag tentoonstellingen van grote tekenaars en droomt al van een grote expositie over Hergé, tekenaar van Kuifje.

Strips! wordt, na het Nederlands Stripmuseum in Groningen, het tweede stripmuseum van Nederland. Dat bijt elkaar niet, zegt Kleijnen. „Iedere provincie kan op den duur een stripmuseum krijgen, zoals er ook overal kunstmusea zijn.” Het stripmuseum in Groningen zal na de voorgenomen verhuizing naar het Groningen Forum met zeshonderd vierkante meter veel kleiner zijn dan het museum in Rotterdam.

Het Museum voor het beeldverhaal moet niet worden zoals de stripmusea in Groningen en Brussel, benadrukt Kleijnen. „Er moeten meer tekeningen en albums te zien zijn dan in Groningen. En in Brussel overstelpen ze je met informatie. Wij zoeken een betere balans tussen tekstborden en tekenwerk.”

Het museum gaat zichzelf bedruipen, aldus Kleijnen. Voor de begroting van circa zeven ton euro zijn zeventig- à tachtigduizend bezoekers per jaar nodig. Het Stripmuseum in Groningen trekt er veertigduizend en dat in Brussel tweehonderdvijftigduizend, zegt hij. De locatie in een grote stad in de Randstad is gunstiger dan Groningen, is Kleijnens inschatting. Alleen voor projecten vraagt het museum subsidie. Zo vraagt het museum een bijdrage aan de gemeente Rotterdam voor een kwart van de kosten van de openingstentoonstelling.

Om de aantrekkingskracht van het museum te vergroten herbergt het onder meer een winkel en lunchroom. Kleijnen: „In onze lunchroom IJzerbroot – een knipoog naar Hendrik IJzerbroot, de echte naam van Agent 327 – gaan we gezonde broodjes serveren.”

Bovendien gaat Strips! samenwerken met de nabijgelegen centrale locatie van de Openbare Bibliotheek Rotterdam en neemt het museum de leenfunctie en de documentatiecollectie over. Voor het lenen van strips moet een lid van de bibliotheek straks naar het museum.

Kleijnen, die eerder werkte als conservator voor het voormalige PTT-museum en als boekhandelaar, wil zich inzetten voor goede contacten met striptekenaars. „Ik zou graag schetsen verzamelen die anders uit het zicht van het publiek raken. Dat mogen natuurlijk ook digitale bestanden zijn. Dat is nu nog een omissie in de Collectie Nederland. Bij het PTT-museum kregen we van ontwerpers ook werk uit de verschillende stadia van het werkproces. Dat is interessant om te tonen.”