Een familie vol koks en clowns

Bedenker en schrijver van ‘Borgen’, Adam Price, combineert zijn schrijfwerk met het maken van een kookprogramma en het beheren van restaurants.

Adam Price Foto Jonas Pryner Andersen

Het logo van zijn restaurant Brdr. Price in de Tivoli Gardens in Kopenhagen is een dikbuikig harlekijntje met een koksmuts op. Zijn rechterbeen, in geruite maillot, houdt hij in een lenige balletpose omhoog, terwijl zijn blik vanachter zijn masker hebberig op de zilveren eetschaal is gericht die hij hoog op zijn vingertoppen balanceert. Dat beeld vat goed de twee obsessies samen van Adam Price (1967), bedenker en schrijver van de Deense politieke hitserie Borgen.

In zijn jeugd gaat het aan de keukentafel uitsluitend over twee dingen, vertelt hij graag: eten en theater. Moeder Birgitte Price (let op de voornaam) is actrice, zangeres en later theaterproducent. Vader John Price: acteur, regisseur, hartstochtelijk amateurkok en culinair recensent. In het ouderlijk huis klinkt volop opera, Birgitte zingt thuis aria’s uit Die Zauberflöte of repeteert de vrouwelijke hoofdrol in Porgy & Bess. Geen wonder dat Adams oudere broer James een carrière in de klassieke muziek ambieert: hij is inmiddels in Denemarken een bekend en gewaardeerd componist en dirigent. O, en televisiekok. In hun jeugd is eten overal: vakanties gaan naar landen met een culinaire traditie, het gezin gaat systematisch bijzondere voedselregio’s en bijbehorende (sterren-)restaurants af.

De loopbaan van Adam verloopt iets grilliger. Ook hij wil carrière maken in de muziek, als pianist, maar tevergeefs. „Ik klopte op de deur maar niemand deed open”, grapt hij daar nu over. Achteraf constateert hij dat veel al vroeg in de richting van een schrijfcarrière wees. Een oude typemachine en een grote stapel papier vormen op zijn twaalfde het onbewuste startschot. De broers houden wedstrijdjes sterke verhalen schrijven, ze parodiëren bekende liedjes. Ook schrijft Adam lange brieven aan zijn moeder, die hard werkt en veel van huis is. Er is veel liefde thuis, zegt hij, maar het werk gaat altijd voor: dat is het laatste waar ze aan denkt voor ze gaat slapen, en het eerste als ze wakker wordt. Zijn moeder neemt altijd de telefoon op als die gaat, en hij gaat váák. Voor elke beller maakt ze tijd, heeft ze een grapje, een lachje, een vriendelijk woord. Aandacht voor kinderzaken als school en huiswerk moet, soms dodelijk vermoeid, tussen de bedrijven door.

En zijn vader? Die, grapt Price wel eens, kreeg pas echt belangstelling voor zijn zoons toen ze een standpunt konden innemen over de Franse Revolutie.

Liefde voor taal

Als kind van twee acteurs is de liefde voor taal thuis alomtegenwoordig. Op zijn veertiende, op taalcursus in Oxford, besmet zijn docent, een oudere, wellevende Brit en voormalig Spitfire-piloot, hem met een grote liefde voor de Britse taal en literatuur. In Oxford maakt hij kennis met Macbeth. In een gesprek met Price is Shakespeare nooit ver weg. Wie zich met drama bezighoudt, vindt hij, moet zich automatisch tot Shakespeare verhouden.

Maar om de een of andere, voor hem nu onbegrijpelijke reden, kiest hij in eerste instantie voor een rechtenstudie. Of nee, hij weet het wel: een beetje uit maatschappelijk engagement en rechtvaardigheidsgevoel, zeker, maar toch vooral uit liefde voor de retorica; het spreken, argumenteren, overtuigen. Dat idealisme en de fascinatie voor redevoering en debat zie je in Borgen terug.

Andere successeries

Hij werd in de familie de eerste met een niet-creatief beroep, tot grote blijdschap van zijn vader. Maar het lukt niet. Het schrijven blijft trekken. Soms vraagt zijn broer hem om een liedje te vertalen, of zijn vader wil dat hij even naar een scène kijkt. Hij stopt met de studie, is een tijdlang culinair recensent voor de Deense krant Politiken en heeft dan het geluk te worden aangenomen in een team van scenaristen bij DR, de Deense publieke omroep. Daar ontstaat, na andere successeries als Nikolaj en Julie (2002/2003) en Anna Pihl (2006-2008) uiteindelijk Borgen, Prices geesteskind en het succesvolste Deense exportproduct sinds Lego.

Nu is Adam Price een internationaal gevierd en gevraagd scenarioschrijver. O, en televisiekok: samen met zijn broer maakt hij tussen 2008 en 2015 acht seizoenen van het succesvolle kookprogramma Spise med Price. Daarnaast schrijven ze kookboeken en hebben ze twee restaurants.

Prie-se, moet je zeggen, voornaam Ee-dam, op z’n Deens. Maar de Britse herkomst is onmiskenbaar. Hij is bonkig, rossig, en heeft een melkwitte huid met sproeten. Zijn Engels is nog altijd voorbeeldig: verzorgd en vlekkeloos. De vastberaden Britse toneeldictie wisselt hij geregeld af met een licht grommende bulderlach, een zeer mannelijke versie van de giechel. Hij is belezen, vriendelijk en voorkomend. Price noemt zichzelf een „closet-Brit”.

Vader John, die in Denemarken tussen 1934 en 1982 in 26 films speelde, geeft zijn zoons Engelse namen uit eerbied voor hun voorouders, die vanuit Groot-Brittannië eerst naar het Europese continent en later naar Denemarken trokken. Mooi verhaal: hij stamt af van een oud geslacht van circusartiesten, clowns en acteurs; Price vertelt het graag in interviews.

In 2013 krijgt hij de kans die illustere stamboom na te gaan, als deelnemer van het Deense programma Ved du hvem du er? (vrij vertaald: wie denk je dat je bent, in Nederland bekend onder de titel Verborgen Verleden). Uit een archief in Westminster duikt Thomas Price op, overgrootvader keer vier, die eind 18de eeuw in Londen het Farthing Pie House bestiert, geliefd om zijn beroemde ‘mutton pie’, een van oorsprong Schots hartig taartje met gekruid schapenvlees – dichter William Blake is er vaste klant. Thomas’ zoon John heeft tussen 1767 en 1771 een paardenshow in de Dobney’s Tea Garden, inclusief acrobaten en koorddansers, en toert daarmee een tijdlang door Europa. Diens zoon James vestigt zich uiteindelijk in Denemarken.

De grootste familietrots is echter een andere stamhouder: ‘Le clown musical’: John Price. Deze verre voorouder introduceert anno 1858 met zijn broer William in Frankrijk het nieuwe theatergenre van de ‘clowns-musiciens’: clowns die musiceren – William speelt fluit, John viool – tijdens het uithalen van halsbrekende toeren op bijvoorbeeld wankele ladders. John, goed herkenbaar aan zijn kenmerkende vlinderkostuum en ‘tâche de beauté’ op zijn kin, is in 1868 met viool in de hand vereeuwigd door Renoir. Het schilderij is in bezit van het Kröller-Müller Museum, maar een reusachtige replica prijkt aan de wand van restaurant Brdr. Price. „Mijn stamboom wemelt van de koks en theatertypes”, constateert Price met gespeelde wanhoop. „Er is voor mij kennelijk geen ontkomen aan.”

Pak de regent alles af

Koken ontspant hem na dagen van soms twaalf uur. Zijn rechtenstudie duikt alleen op als hij het over ‘de wetten van drama’ heeft. Wetten die hij deels aan Shakespeare ontleent. Het scenario van Borgen is via zo’n wet opgebouwd. Neem een sympathiek personage, een goed mens, geef hem macht, en neem hem vervolgens alles af; huwelijk, kind, gezondheid. Wat hou je dan over? De serie is een koningsdrama – we krijgen inzage in het complexe gevoelsleven van een regent. Aan Shakespeare danken we volgens Price de imperfecte hoofdpersoon, de antiheld. Een personage hoeft niet sympathiek te zijn, wel begrijpelijk, herkenbaar.

Uit zijn eigen biografie voegt Price daar een cruciaal detail aan toe: zijn shakespeareaans herkenbare, worstelende, niet altijd sympathieke, maar evenmin ronduit slechte machthebber is een vrouw. Mannen stellen al eeuwen partners en kinderen teleur om oorlogen te voeren, politiek te bedrijven, rijken te stichten, maar bij vrouwen is dat betrekkelijk nieuw, stelt hij. Price’ hoofdpersonage moet je wel bewonderen in haar ambitie, talent en idealisme. Maar in de liefde en als moeder faalt ze grandioos. Zoals Shakespeares koning Henry IV al constateerde: „uneasy lies the head that wears a crown”.

Shakespeareaans drama, theater, vormt de blauwdruk van Borgen. Price’ andere liefde: eten, keert in de serie terug als betekenisvol detail. Birgitte begint bourgondisch, ze kookt graag en is zelfs iets te dik geworden voor de mantelpakjes waar haar spindoctor haar graag in ziet. Maar de macht verandert haar: grootmoeders kip maakt plaats voor Thaise afhaal. Wat zullen we eten, vraagt ze haar kinderen, telefoon in de hand, klaar om te bestellen. Antwoordt haar dochter: ‘Iets wat jij hebt klaargemaakt?’ Ook bij de theaterproductie speelt eten een belangrijke rol. Price ontwikkelt een passend (maar nog geheim) menu voor zowel de personages als het publiek.

Zaterdag, bij de eerste try-out van monstertheaterproject Borgen, komen de twee constanten in zijn stamboom, de grote liefdes in zijn leven, samen. Dan betreedt zijn Birgitte – opnieuw – het toneel.