Column

Als Den Haag ook een Trump krijgt

Tom-Jan Meeus schrijft op deze plek een wisselcolumn met Jutta Chorus.

Stel: een Hollandse tycoon met celebritystatus - een John de Mol, een Harry Mens - gaat de politiek in. Hij zegt: ik beloof dat ik de grenzen sluit, ik bouw een muur bij de Duitse grens, en regel even dat de Duitsers dat ding zelf betalen.

De dienstdoende bondskanselier is niet ogenblikkelijk geïmponeerd door de gedachte. Maar in de campagne trekken we ons daar lekker niets van aan: we feliciteren elkaar, en onze kandidaat, met ons plan.

Je kunt denken dat dit hier nooit zal gebeuren – wij zijn geen Amerikanen, onze politici heten geen Trump – maar achteraf is het telkens frappant hoe snel Nederlanders de laatste trends uit de VS importeren. Dus ik zou er geen vergif op innemen dat wij binnen een jaar of tien niet ook een buitenstaander uit de zakenwereld zien opkomen die met fictie massa’s kiezers aan zich weet te binden.

Er komt bij dat Trump op gênante wijze een cruciale zwakte bij ons, kiezers, blootlegt. Amerikaans en Duits onderzoek leerde eerder hoelang wij belangrijke politieke feiten onthouden. Nogal kort: geïnteresseerde kiezers slagen er gemiddeld zes maanden in, zwak geïnteresseerde kiezers zijn na zes weken alles vergeten.

Zodoende worden oneliners van politici steeds korter. En verkiezingsbeloften steeds buitensporiger.

Intussen hebben kiezers allang door dat ze verkiezingsbeloften als zodanig niet te serieus moeten nemen. Rudy Andeweg, de Leidse hoogleraar politicologie, legde me ooit uit dat ruim negentig procent van de Nederlandse kiezers weten dat politici bewust meer beloven dan ze kunnen waarmaken.

Toch blijven we ons stemgedrag baseren op diezelfde beloften. De beste verklaring hiervoor lijkt me dat wij verkiezingsbeloften als onderhandelingspositie zijn gaan zien. We weten dat we niet krijgen wat we willen. Maar hoe zwaarder de belofte wordt aangezet, hoe groter de kans dat onze wensen worden ingelost. Wij, kiezers, belonen onhaalbare beloften.

Nu Trump deze zwakte zo feilloos blootlegt, staan er allerlei deskundigen op die zeggen dat wij hier niet geen charlatan maar een briljant politicus aan het werk zien. Een man die, zoals Reagan na 1980, de normen voor campagnes en politiek voor altijd verandert.

Wie zal het zeggen. Dan is het land over een tijdje toe aan het eerste kabinet-De Mol (een kabinet-Mens lijkt me bij nader inzien wat hoog gegrepen voor Harry). En moeten we ons blijkbaar openstellen voor de opvatting dat politici ons de laatste decennia te weinig beloofd hebben.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Jutta Chorus.