Zelfs Real Madrid leert van AZ-jeugd

Donderdag is de halve finale van de beker tussen Feyenoord en AZ. Ook een strijd tussen de twee beste jeugdopleidingen van de laatste jaren. „Steeds vaker kiezen jongens bewust voor AZ.”

Spelers van het onder-19 team trainen op het nieuwe trainingscomplex van AZ in de polder van Wijdewormer in de Zaanstreek. Foto’s Olivier Middendorp

Slik op de weg bij het nieuwe jeugdcomplex van AZ. Hopen grond liggen tussen de kale bomen naast de voetbalvelden. Een trekker met grondwagen rijdt af en aan, een bulldozer trekt de grond egaal, een kraan gromt op volle toeren, bouwvakkers overleggen in de bouwkeet. Een rood AZ-busje met de clubleus ‘Samen naar victorie’ scheurt voorbij.

Op sportpark Kalverhoek in de polder van Wijdewormer in de Zaanstreek wordt de nieuwe kraamkamer van AZ uit de grond gestampt. Het trainingscomplex moet over twee maanden klaar zijn. State of the art met vier kunst- en vier grasvelden, tien kleedkamers, wellness centrum met sauna, fitnesshonk, fysioruimtes, spreekkamers, een bioscoopzaal voor het bekijken van wedstrijdbeelden. Kosten: 10,75 miljoen euro.

De bloeiperiode van AZ – gedeeld derde in de competitie en halve finalist in het bekertoernooi – is ook het succes van de jeugdopleiding. Die werd vorig jaar bij de Rinus Michels Award, een initiatief van vakblad De Voetbaltrainer, gekozen tot beste opleiding van alle profclubs.

Talenten stromen bij de club uit Alkmaar soepel door naar het eerste; dertien spelers in de huidige selectie zijn intern opgeleid. De jeugdopleiding als goudader, met als bekendste exponenten: Dabney dos Santos, Joris van Overeem, Ben Rienstra, Ridgeciano Haps, Thom Haye en, ja, ook Ron Vlaar.

Donderdag treft AZ in de halve finale van het bekertoernooi Feyenoord, lang geprezen als beste opleider: die club won de Rinus Michels Award van 2010 tot en met 2014. Maar AZ is de nieuwe standaard, zo lijkt het.

Internationaal is de aandacht gewekt. Een maand geleden bezocht een delegatie van Real Madrid, met 25 scouts en trainers, de opleiding. Een koninklijk studiereisje naar de polder. Hun reactie? „Dit hadden ze nog niet eerder gezien”, zegt Paul Brandenburg (38) van AZ, sinds november hoofd jeugdopleiding.

AZ, club van de innovatie, van de andere ideeën, van het experimenteren. De jeugdopleiding kwam noodgedwongen centraler te staan, na het faillissement van hoofdsponsor DSB Bank van Dirk Scheringa in 2009. Door de financiële problemen was er geen geld meer voor dure aankopen.

Nu is de jeugdopleiding een pijler in het directiebeleid. „De aanvoer uit eigen jeugd naar het eerste elftal moet de komende jaren structureel toenemen”, staat in het laatste jaarverslag. Doelstelling: de helft van het eerste team bestaat in 2020 uit zelf opgeleide spelers – al haalt AZ dat aantal nu al regelmatig.

Katalysator in dit proces is het nieuwe trainingscomplex. In het najaar verliet de jeugdopleiding de oude locatie in Alkmaar nabij het stadion, met vier velden voor acht jeugdteams was dat te klein geworden. In Wijdewormer zijn nu genoeg velden, voor iedere jeugdploeg één. Vanaf juni gaat de selectie hier ook trainen. Brandenburg: „Alles op één complex, korte lijntjes.”

Fitnesstraining in de keet

Begin mei moet het hypermoderne hoofdgebouw klaar zijn, tot die tijd huist Brandenburg met zijn staf in een sobere bouwkeet. „We zitten nu in een nederzetting”, lacht hij. „Het is even behelpen.” Fitnesstraining in de keet, in de zweterige ruimte ernaast worden jeugdspelers gemasseerd, buiten staat een vrachtwagencontainer die dient als materiaalhok. „Alles wordt altijd maar geregeld voor onze spelers, tot lunchpakketjes en bussen aan toe”, zegt Brandenburg. „Nu gaan we even terug naar de basis. Misschien is dat wel eens goed.”

Aanpassen aan nieuwe omstandigheden, creatief zijn. Het is die trainerstaal die ze bij de AZ-jeugdopleiding veel spreken. Ander belangrijk onderdeel: hoe jeugdspelers hard te maken. Brandenburg houdt zijn handen tot aan zijn ogen. „Als de lat tot aan de navel zit, dan is het te makkelijk. Die lat moet tot de ogen zitten, ze moeten spartelen.”

Hoe? „Je moet noodzaak creëren”, zegt hij. Oftewel: spelers confronteren dat ze zich moeten verbeteren. Bijvoorbeeld: het linkerbeen trainen, anders wordt de route naar het eerste elftal onbegaanbaar. Of: door het onder-17 team één keer per week tegen Jong AZ te laten uitkomen. Tegen spelers van vier, vijf jaar ouder, die fysiek verder zijn. „Zo laat je dat talent, dat normaal met twee vingers in zijn neus meekan, zien dat hij er niet komt als hij niet aan bepaalde facetten werkt.”

En spelers uit het dagelijkse stramien halen, weg uit de comfort zone. De jongste AZ-jeugd – in de leeftijd rond twaalf, dertien jaar – wordt op maandag regelmatig meegenomen naar aparte locaties. Dan rijden ze de buurt in voor een training op een parkeerplaats. Of ze gaan voetballen bij een viaduct, op een Cruyff Court of op een verlopen trapveldje met diepe gaten.

„Dat wordt door veel mensen als gek beschouwd”, zegt Brandenburg. „We creëren daardoor wel wat vroeger automatisch ging op straat: je moest je continu aanpassen. Er komt een auto voorbij, dan moest je de bal onder je voet houden.”

Het sluit aan bij wat Johan Cruijff eind 2014 zei op een symposium over de toekomst van het Nederlandse voetbal: train af en toe op een parkeerplaats, zo leer je handig te zijn met de bal. Bij AZ doen ze het al drie jaar.

Ander thema: virtual reality, dat stilletjes in opkomst is in het voetbal. AZ is een van de clubs die hierin voorop loopt in Nederland. Het onder-15 team heeft iedere maandag een training met een virtual reality-bril, vertelt Brandenburg. „Ze wanen zich in een 3D-omgeving in een stadion, ze spelen virtueel mee met wedstrijden van AZ en Barcelona. Ze zijn een van de spelers en moeten keuzes maken. Zo zijn ze continu bezig met cognitie, met inzicht, spelbegrip.” Juist bij spelers rond die leeftijd. „Dat is de sensitieve periode voor inzichtelijke vaardigheden.”

Engelse clubs jagen op talent

Een opleidingsclub voor de traditionele topdrie, zo staat AZ bekend. Maar die tijd is voorbij, zegt Brandenburg. „Onze spelers moeten PSV, Ajax of Feyenoord niet meer als een stap hoger zien. De laatste jaren wordt aan meer jongens getrokken door clubs uit de topdrie, maar we weten er steeds meer binnenboord te houden.”

Als ze al de stap maken, moet het naar het buitenland zijn, zegt het hoofd jeugdopleiding. „De laatste twee jaar worden we hier platgelopen door Engelse topclubs die aan onze spelers trekken. Een aantal is op gesprek geweest, maar kiest er dan toch voor om te blijven.”

Met de jeugdopleiding van Ajax heeft AZ een geduchte concurrent in Noord-Holland, ze vissen veelal in dezelfde vijver. Brandenburg: „Wij gaan niet winnen van de naam Ajax, nooit. Wij kunnen niet winnen van die drie sterren.” Maar puur op basis van het trainingsprogramma durft hij de concurrentie aan te gaan. „Ik ben niet bang voor Ajax, echt niet. In een rustige omgeving kunnen jongens hier zich maximaal ontwikkelen.”

Rust, hij noemt het zelf. Dat ontbreekt momenteel in de jeugdopleiding van Ajax, na het vertrek van hoofd jeugdopleiding Wim Jonk in het najaar. Ze merken bij AZ dat het rommelt bij de buurman. „Normaliter was het zo: als Ajax en AZ tien jaar geleden aanklopten bij een talent, koos hij blind voor Ajax”, zegt Brandenburg. „Dat is even anders nu. Steeds vaker kiezen jongens heel bewust voor AZ.”