Rutte, doe als Flavia Kleiner (25)

Flavia wie? Flavia Kleiner, de Zwitserse studente die stelling nam tegen extreemrechts en de bevolking naar de stembus stuurde. Daar kan Rutte een voorbeeld aan nemen, schrijft Caroline de Gruyter.

Flavia Kleiner. Foto Lukas Lehmann/AP

Zondag is er iets interessants gebeurd in Zwitserland. Iets dat de hele politieke klasse in Nederland en andere Europese landen, die zo bezorgd zegt te zijn over de ‘aartsconservatieve revolutie’ en de opmars van extreemrechts, zou moeten inspireren om haar defaitisme te laten varen en eindelijk eens in actie te komen. Zondag was er weer een referendum in Zwitserland.

De vraag was of buitenlanders voortaan automatisch het land uitgezet kunnen worden als ze de wet hebben overtreden. De vraag kwam van de extreemrechtse Zwitserse Volkspartij (SVP), al sinds de jaren negentig de grootste partij van het land. Een kwart van de inwoners van Zwitserland heeft niet de Zwitserse nationaliteit. 85 procent van deze buitenlanders komt uit de EU: veel managers uit het bedrijfsleven, artsen, loodgieters, ingenieurs.

Afgelopen maanden hoorde Flavia Kleiner, een 25-jarige studente uit Fribourg, veel mensen klagen dat de SVP ditmaal te ver ging. Ze haatten het dat het open karakter van Zwitserland zo op de helling werd gezet. Dat een land dat zichzelf op de borst klopt als mensenrechtenkampioen nu zelf internationale mensenrechtenverdragen zou gaan schenden. Volgens die verdragen moet een rechter bijvoorbeeld het laatste woord hebben bij een uitzetting.

Operatie Libero​
Bij een eerder referendum, in 2010, slaagde de SVP erin om uitzetting van criminele buitenlanders mogelijk te maken. Maar het parlement, dat dit simpele ‘ja’ in complexe wetgeving moest gieten, had die individuele toetsing en andere internationaal-rechterlijke bepalingen in de wet opgenomen. Ook hadden ze ervoor gezorgd dat deportatie alleen mogelijk zou zijn voor zware criminelen, niet voor mensen die te hard rijden en worden geflitst. Een ruime parlementaire meerderheid had de wet goedgekeurd. Maar de SVP was ontevreden en verzamelde handtekeningen voor een nieuw referendum, om automatische uitzetting alsnog af te dwingen.

Peilingen toonden in januari dat de SVP dit zou gaan winnen. Dat het toch een verpletterend ‘nee’ werd zondag – 58,9 procent verwees het SVP-voorstel naar de prullenbak – is grotendeels aan Flavia Kleiner te danken. Zij begon met vrienden een tegencampagne tegen de SVP: ‘Operatie Libero’. Ze deed het omdat niemand anders het deed, behalve wat linkse partijen die, zoals elders in Europa, zwak staan.

Op rechts klaagden velen dat Zwitserland xenofoob aan het worden was, maar iedereen hield zijn mond. Kleiner komt uit een liberaal nest. Haar ouders zijn lid van de liberale partij FDP. Daarin zitten, net als in de VVD en andere gematigd rechtse partijen in Europa, ook zakenlui en kosmopolieten die extreemrechts verafschuwen. Maar ze houden zich koest. Hun leiders denken dat het een betere strategie is om de extremisten wind uit de zeilen te halen door een deel van hun discours over te nemen. De FDP-leiding schurkt dicht tegen de SVP aan, zoals Mark Rutte tegen de PVV.

Het probleem met deze strategie is dat extreemrechts de agenda dicteert. De gematigden wassen veel van die plannen wit door een ‘light’-versie op de markt te brengen. Zij maken extreem gedachtengoed mainstream. De Franse Republikeinen, de Oostenrijkse ÖVP en veel andere Europese partijen hebben zichzelf in dezelfde rol gedrukt.

Niet dat geborneerde
Bij Zwitserse referenda is de opkomst zelden hoger dan 40-45 procent. Veel Zwitsers hebben de politiek de rug toegekeerd. Maar zondag braken ze een record: ruim 63 procent ging naar de stembus. Dat is al twintig jaar niet voorgekomen. De ‘Libera’s en Libero’s’ voerden wekenlang keihard campagne, met frisse jonge gezichten en inhoudelijke argumenten. Ze trokken het hele bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en veel burgers mee. Die hadden allemaal gewacht op iemand met een positieve boodschap. Op ‘Wir schaffen das’, niet dat geborneerde.

De SVP was verbijsterd. Zij had hier absoluut niet op gerekend. Toen de uitslag bekend werd, haalde minister van Justitie Simonetta Sommaruga een stralende Kleiner op het podium en omhelsde haar. Ze zei: „Ik hoop dat dit maatschappelijk engagement verdergaat.” Goed advies. Er komen nieuwe SVP-referenda aan, waaronder eentje die het Zwitserse recht boven het internationale recht wil plaatsen.

Ook in Nederland glijdt het discours af richting dat van de jaren dertig. Gematigde partijen laten hun oren hangen naar extremisten die het verleden ophemelen, angst aanwakkeren en haatzaaien. Middenpartijen zitten in hun maag met het referendum, in april, over het associatieakkoord met Oekraïne. In plaats van een tegencampagne te voeren (‘Stem Voor Nederland’, een maatschappelijke organisatie, wordt op veilige afstand door relatieve outsiders gerund), duiken ze weg. Niemand wil plat gescholden worden.

Gevolg: een regering die in Brussel heeft mee-onderhandeld aan het akkoord, en het heeft goedgekeurd, is te laf om het publiekelijk te verdedigen. Geen wonder dat Geen Peil en Geert Wilders de toon zetten in een debat dat geen debat is omdat bijna niemand hen van repliek dient. De situatie lijkt op die in Zwitserland anderhalve maand geleden. Waar wacht Rutte nog op?