Banken zijn nog niet af van swaps

Banken moeten mkb’ers mogelijk compenseren voor verkeerd verkochte swaps. „Ik heb nachten wakker gelegen.”

Rabobank adviseerde melkveehouder Theo Latijnhouwers een rentederivaat. „Het klonk als een goede deal. Maar het is een fiasco”, zegt hij. Foto George Mollering / ANP

Melkveehouder Theo Latijnhouwers wilde extra landbouwgrond voor zijn koeien in Best. In 2007 benaderde hij Rabobank Het Groene Woud Zuid voor financiering. „Toen kwam een accountmanager langs. Die adviseerde me die renteswap. Veilig en rentevast. Het klonk als een goede deal. Maar het is een fiasco.”

Latijnhouwers is een van de 14.000 Nederlandse ondernemers die in de periode 2005 tot 2009 een lening met variabele rente afsloten bij de bank en op haar aanraden een rentederivaat aanschaften. In totaal gaat het om zo’n 26 miljard euro aan leningen waarover derivaten zijn afgesloten. In Latijnhouwers’ geval ging het om een renteswap die hem zou beschermen tegen een stijgende rente.

Net als bij meer mkb-ondernemers (vooral in kapitaalintensieve sectoren alslandbouw en binnenvaart) ging het daarna fout. De bank meldde namelijk niet wat er zou gebeuren als de rente daalde: flink bijbetalen vanwege de opslag die dan gaat gelden. „Dat scenario is ons nooit verteld. Je gaat ervan uit dat ze je goed voorlichten. Dit is gewoon fout”, zegt Latijnhouwers kwaad. „Ik heb er nachten wakker van gelegen en mijn vrouw moest gaan werken om de eindjes aan elkaar te knopen.”

De boer schat dat hij door de swap, die tot 2017 loopt, zo’n 200.000 tot 250.000 euro te veel aan rente heeft betaald. „Ik heb bij de Rabobank bezwaar ingediend, maar heb er nog niks van gehoord.”

Kans om schoon schip te maken

Mogelijk komt daar binnenkort verandering in. Al is dat niet dankzij de Rabobank. Dinsdag maakte toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM) namelijk bekend dat alle 17.000 rentederivaten die zijn verkocht onafhankelijk worden getoetst. Doel is „passende compensatie” voor de mkb’ers in gevallen waarin de banken in de fout gingen.

Voor de banken, die al de nodige reputatieproblemen kennen, is dat pijnlijk. Zij bagatelliseerden het derivatenprobleem lange tijd. „Er zijn minder dan 130 klachten over financieringen van ondernemers die ook een rentederivaat hebben”, schreef de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) jn mei 2014 nog in een document over de kwestie.

Dat was nadat de eerste horrorverhalen over derivaten in het midden- en kleinbedrijf naar buiten kwamen via stichtingen als MKB-Claim en Renteswapschadeclaim, die gedupeerden op no cure no pay-basis bijstaan. En dat was nadat de AFM in 2013 voor het eerst constateerde dat er „tekortkomingen waren in de rentederivatendienstverlening”.

De AFM gaf de banken in 2014 vervolgens de kans om zélf schoon schip te maken en alle derivatendossiers opnieuw te beoordelen. Doel was dat de hele kwestie eind 2015 zou zijn opgelost en afgerond.

Maar dat proces is ronduit warrig. Ondertussen gaan gedupeerden, al dan niet bijgestaan door claimstichtingen, ook naar de rechter. De ene krijgt gelijk, de ander niet. Zo oordeelde de rechtbank Amsterdam in februari nog dat ABN Amro de zorgplicht schond bij de swaps die het sleet aan het bedrijf Eurobox Selfstorage en dat het een schadevergoeding verschuldigd is.

Andere oplossing

Afgelopen december kwam de AFM bovendien met een nogal verrassend bericht dat de banken verbouwereerd achterliet. Maart vorig jaar hadden zij van de AFM te horen gekregen dat ze weliswaar traag waren, maar dat de kwaliteit van de herbeoordeling „voldoende” was. De AFM kam daar in december plotseling volledig op terug. Banken stelden volgens de toezichthouder het belang van hun klanten „onvoldoende centraal” én hun herbeoordeling van de derivatencontracten bevatte „onjuistheden en onvolledigheden”.

Dat de AFM dat niet eerder had gezien kwam door een fout in de beoordeling van de herbeoordelingen door de AFM zelf.

Nu worden de herbeoordelingen van de 17.000 derivatendossiers dus opnieuw gedaan: door externe beoordelaars aan de hand van een ‘herstelkader’ dat door drie door minister Dijsselbloem (Financiën) aangewezen experts wordt samengesteld.

ABN Amro, ING, Rabobank, Van Lanschot en SNS hebben volgens de AFM na „indringende gesprekken” ingestemd met deze herbeoordeling. Deutsche Bank niet.

Onduidelijk is wat de financiële gevolgen voor banken zijn. AFM-bestuurder Femke de Vries zei dinsdag te verwachten dat het nieuwe herstelplan zorgt voor „compensatie of herstel in een groot deel” van de 17.000 derivatendossiers.

Rabobank en ABN Amro gaven recentelijk al aan dat ze een onbekend bedrag hebben gereserveerd voor de kwestie. In het Verenigd Koninkrijk hebben banken omgerekend zo’n 2,7 miljard euro betaald in vergelijkbare derivatenzaken waarbij 18.000 ondernemers betrokken waren.

De NVB meldde dinsdag tevreden te zijn met de benoeming van de experts door de minister. Volgens de NVB hebben banken „steeds gezegd dat als blijkt dat de dienstverlening in het verleden tekort is geschoten, de betrokken ondernemer een passende oplossing zal worden aangeboden”.

Jurist Simon Zuurbier van MKB-Claim is teleurgesteld in de AFM. „Ik had gehoopt dat ze nu nieuwe beoordelingscriteria zouden presenteren.” Zuurbier maakt zich bovendien zorgen over verjaring, waardoor ondernemers bij een tegenvallende herbeoordeling geen klacht meer kunnen indienen. In de plannen die de AFM dinsdag presenteerde vinden tot 2017 herbeoordelingen plaats en dat kan zomaar uitlopen.

Voorzitter Pieter Lijesen van Renteswapschadeclaim noemt het AFM-plan „weinig concreet”. Hij wijst op de „bizarre situatie” dat de rechtszaken de komende tijd doorlopen en er dus tijdens de herbeoordeling ook gewoon vonnissen komen.

Donderdag debatteert de Tweede Kamer over de derivatenkwestie.