‘Worden jullie baas over mijn huis?’

Hoe pakt de nieuwe uitkeringswet in de praktijk uit? NRC gaat naar de sociale dienst. Vandaag: Veghel. Het is een stap van de WW naar de bijstand. Zowel qua uitkering als qua plichten. „Jullie willen ook weten wanneer we naar bed gaan?” 

Illustratie Anne van Wieren

Ben je allergisch voor stof, chloor of pindakaas, dan hoef je niet in de schoonmaak of een nootjesfabriek te werken. Dat zullen ze je ook niet vragen als je klant wordt bij Optimisd, de sociale dienst in het Brabantse Veghel. Maar er verandert wel flink wat als je van de WW in de bijstand komt. In de WW moet je één keer per week binnen je vakgebied solliciteren. In de bijstand, dan moet je zeker vier keer per week solliciteren op alles wat je aankunt. 

Dus ook ongeschoold werk, tijdelijk uitzendwerk of werk dat minder verdient dan het salaris dat je gewend was, zegt Simone Verbeek van Optimisd tegen een tiental werklozen in een zaaltje. „Wij zijn blij met iedere euro die u zelf verdient. Dat ontzorgt ons weer een beetje.”

Sinds dit jaar wordt de maximale duur van de WW geleidelijk teruggebracht van drie jaar naar twee jaar in 2019. Voor mensen die aan het einde van hun WW zitten, houdt Optimisd sinds kort een voorlichtingsmiddag over de bijstand. Die wordt vandaag gegeven door Verbeek, de poortwachter die uitkeringsaanvragen keurt. Invoelend en met een beetje humor bereidt ze de mensen voor op de Participatiewet. „Voor de meesten is het al heftig genoeg”, zegt ze. De nieuwe klanten willen niet met hun naam in de krant.

1.500 sollicitatiebrieven

„Het is een stap om een uitkering aan te vragen”, zegt een mevrouw. Zij is een weduwe van 68 en gepensioneerd, haar 62-jarige vriend zoekt werk. „Hij is handig, kan alles”, zegt zij. „Bijna alles”, zegt hij.

Veertig jaar lang heeft hij meubels verkocht, gemonteerd en vervoerd – totdat de crisis kwam. Vier keer per week solliciteren vindt hij geen plicht. Hij solliciteert tien keer per week: in drie jaar heeft hij meer dan 1.500 sollicitatiebrieven gestuurd, zegt hij. „De mooiste afwijzing was: sorry, maar we zoeken iemand met wat meer werkervaring.”

De bijstand is een „tijdelijke overbrugging” om van te leven, zegt Verbeek. Alleenstaanden, met of zonder kinderen, krijgen 924 euro per maand. Voor gehuwden en samenwonenden is het basisbedrag 660 euro per persoon; hoe meer volwassenen een woning delen, des te lager de uitkering is. „Het is bedoeld voor een dak boven je hoofd, gas, water en licht en eten en drinken. Maar niemand hoeft auto te kunnen rijden van de bijstandsnorm.”

Overige inkomsten en vermogen worden verrekend met de bijstand. Denk aan alimentatie, een uitkering wegens ziekte en belastingkorting. Heb je meer dan 5.920 euro gespaard of nog tegoed, of voor dat bedrag aan aandelen of grond? Heb je een mooie auto of oldtimer? Of meer dan 49.900 euro aan overwaarde op een eigen woning? Het gaat ten koste van de uitkering, zegt Verbeek.

„Maar worden jullie dan de baas over mijn huis”, vraagt een blonde mevrouw met panterjas.

„Nee hoor”, zegt Verbeek. „Het teveel aan overwaarde krijgt u als lening, daarna pas bijstand.”

Gamen tot drie uur ’s nachts

De mevrouw met de panterjas en haar man zijn de grappenmakers in de groep. Verbeek: „De Participatiewet zegt: als u de perfecte baan kunt krijgen in Zuidlaren, moet u daarvoor naar Drenthe verhuizen. Maar dat zullen wij u niet snel vragen.” Zij: „Als ze ook het perfecte huis in Zuidlaren hebben, vind ik het best.”

Verbeek: „We willen alles van u weten, behalve uw pincode.” Hij: „Zeker ook hoe laat we naar bed gaan?” „Bijna wel”, antwoordt Verbeek. „Wij vragen altijd: hoe is uw dag- en nachtritme? Prima, zeggen sommige mensen dan. Ik zit altijd te gamen tot twee, drie uur ’s nachts en sta altijd vóór de middag weer op.”

Als de vrouw met panterjas en haar man alleen met Verbeek hun aanvraag doornemen, komen de tranen. Hij is altijd chauffeur geweest en na zijn ontslag depressief geworden. Zij heeft net haar beide ouders verloren. Hun angst is dat ze de erfenis moeten opeten voordat ze een uitkering krijgen. Dan verkoopt zij nog liever het huis, want haar vader was bouwvakker en heeft altijd vlijtig gespaard. En ze wonen juist zo fijn in hun vierde opgeknapte woning, in een wijk zonder buitenlanders – al klinkt dat cru. In Heesch, waar dat dode varken is opgehangen als protest tegen een asielzoekerscentrum, ja.

Verbeek kan hen geruststellen. Hij heeft waarschijnlijk recht op een Ioaw-uitkering, voor werklozen boven de vijftig. Hiervoor telt het eigen vermogen weer niet mee.

Als je recht hebt op bijstand, kan het acht weken duren voor het eerste geld wordt gestort. Dat is lang voor de 30-jarige alleenstaande moeder met een dochtertje van twee. Ze heeft vijf jaar in een pannenkoekenfabriek gewerkt en zes jaar als autokoerier. Toen ze zwanger werd lag er ineens een ontslagbrief op de mat. Ze leeft van 900 euro WW en moet nu al steeds kiezen welke rekeningen ze voor zich uitschuift. Het kost moeite om te vragen wat haar droombaan is. Masseuse, dat lijkt haar mooi.

Verbeek zegt dat ze haar best zal doen een voorschot te regelen. De vrouw moet wel eerst een berg papieren invullen. „De WW is een opgebouwd recht, de bijstand niet.”

„Mag ik naar de wc”, vraagt een meneer bijna fluisterend. „Ja”, zegt Verbeek. „Daar gaan wij niet over.”