Eurozone terug in deflatie

Ondanks stevige maatregelen van de ECB blijft structureel hogere inflatie uit.

Inflatie wordt deflatie

De prijzen in de eurozone zijn in februari gedaald ten opzichte van een jaar geleden. Volgens Eurostat, het Europese bureau voor de statistiek, daalden de prijzen in de landen die de euro gebruiken vorige maand gemiddeld met 0,2 procent. Dat is een forse terugval ten opzichte van januari, toen de prijzen nog met 0,3 procent stegen.

Op de financiële markten kwam de daling van de consumentenprijzen maandag als een verrassing. Analisten hadden gerekend op 0,0 procent – het gelijk blijven van de prijzen. De druk op de Europese Centrale Bank kan door de deflatie in februari toenemen om extra maatregelen te nemen om te voorkomen dat de prijsdalingen zich vastzetten en door gaan sijpelen in de verwachtingen van publiek en bedrijfsleven.

Inflatie wordt deflatie

Significant in dit opzicht was maandag de afname van de zogenoemde ‘kerninflatie’ die Eurostat maandag eveneens publiceerde. In deze maatstaf zijn voedsel- en energieprijzen niet meegenomen.

Met name de dalende prijs van olie, met 8 procent, was in februari fors. Maar ook zonder deze invloed daalde de ‘kerninflatie’, van 1 procent in januari tot 0,7 procent in februari. Dat is ver onder het doel van tegen de 2 procent inflatie waar de ECB officieel naar streeft.

Op donderdag 10 maart vergadert het bestuur van de ECB in Frankfurt. veel analisten verwachten dan extra maatregelen. Die van Société Générale verwachten dat de zogenoemde depositorente, die al is verlaagd naar -0,3 procent nog negatiever wordt en verder wordt verlaagd naar -0,5 procent. Ook verwachten zij dat het opkoopprogramma verder wordt verlengd of geïntensiveerd.

De ECB begon in april vorig jaar met het opkopen van 60 miljard euro per maand aan staatsobligaties en andere leningen, om geld in het financiële systeem te pompen en de langetermijnrente verder naar beneden te drukken.

Oorspronkelijk zou dit opkoopprogramma tot en met september 2016 duren, maar afgelopen december werd al besloten het te verlengen tot april 2017. Op de financiële markten wordt rekening gehouden met een verdere verlenging met een half jaar, of het ophogen van het huidige maandelijkse aankoopbedrag van 60 miljard euro.

Op de financiële markten daalde de koers van de euro gisteren met ruim 0,5 procent na het deflatienieuws. Ook de effectieve rentes op staatsleningen gingen naar beneden. Intussen zwelt de kritiek aan op het ruime en experimentele monetaire beleid van de ECB. Veel noordelijke eurolanden, met name Duitsland en Nederland, zijn kritisch over de huidige aanpak van de centrale bank maar hebben samen geen meerderheid bij de besluitvorming.