De tragische ondergang van voetbalsoftware

Ondernemer Kenneth Berkleef eist bij de rechter miljoenen van IT-bedrijf Capgemini. Berkleef: „Grote IT-bedrijven zijn primair geïnteresseerd in het schrijven van veel uren en niet in het opleveren van een werkend softwarepakket.”

Woensdag eist Kenneth Berkleef in de Amsterdamse rechtbank 43 miljoen euro van IT-bedrijf Capgemini. Foto Merlijn Doomernik

Het was medio 2004 dat voetballegende Johan Cruijff op de koffie kwam bij Kenneth Berkleef, in diens kantoor vlakbij de Amsterdam Arena. De Amsterdamse Surinamer (1959) had naam gemaakt als avontuurlijk fiscalist van Taxi Centrale Amsterdam en was daarna met succes de voetbalwereld ingerold. Als zaakwaarnemer had hij het trainerscontract voor Frank Rijkaard met FC Barcelona uitonderhandeld.

Berkleef, wiens geest nooit stilstaat, had zich in voorgaande jaren verbaasd over alle trainers, fysiotherapeuten en zaakwaarnemers die in schriftjes, op oude computers en in hangmapkasten gegevens bijhielden over de prestaties en besognes van hun voetballers. Hij wist weinig van computers of programmeren, maar zag grote mogelijkheden.

Deze ochtend wilde hij Johan ‘bij een bakkie’ iets unieks laten zien. Een revolutionair stukje sportsoftware waarmee hij, Kenneth Berkleef, de wereld zou veroveren. Dan sprak hij niet alleen over de Nederlandse voetballerij, maar over de gehele sportwereld. Het 1-2Focusconcept, had hij het gedoopt.

Met het pakket zouden trainers, bestuurders en medici de prestaties van een sportteam volledig kunnen monitoren en analyseren. Het beschikte over een „unieke databasestructuur” waardoor de verschillende betrokkenen gegevens konden invoeren en elkaars informatie konden gebruiken.

Cruijff was zeer enthousiast over de demonstratie, zoals in de jaren daarna ook andere sporthelden, topclubs en bonden de demoversie van het softwarepakket van Berkleef en zijn bedrijf Equihold omarmden. Blij waren ze ook bij softwarebedrijf Capgemini, waar Berkleef in oktober 2005 aanklopte om 1-2Focus uit te laten bouwen naar een volwaardig en wereldwijd bruikbaar systeem voor de sportwereld. We hebben Rijkaard binnengehaald, werd er op de werkvloer verteld.

Wat begon als een sprookje, eindigde als een fiasco. Het softwarepakket heeft het nooit gedaan, en de clubs en sportbonden die met Berkleef wegliepen, lieten hem tussen 2007 en 2010 een voor een vallen. Zijn bedrijf ging failliet, en van zijn investeringen heeft hij nooit iets teruggezien.

Woensdag eist Kenneth Berkleef bij de Amsterdamse rechtbank 43 miljoen euro van Capgemini, dat nimmer een werkend programma wist op te leveren. De claim bestaat voor 2,4 miljoen euro uit betalingen aan het softwarebedrijf (voor 42 manjaren werk), uit bijkomende kosten en uit gederfde winst. Die laatste post schat Berkleef op 40 miljoen euro.

Promo 1-2Focus from nrc.nl on Vimeo.

Naar Michel Platini

De FIFA moet dit zien, zei Cruijff nadat Berkleef hem het softwarepakket had gedemonstreerd. Dat vond de zaakwaarnemer van Rijkaard zelf ook, maar hij had geen idee hoe hij binnen moest komen bij de wereldvoetbalorganisatie. Cruijff wist dat wel. Hij liep naar de telefoon op Berkleefs bureau, en draaide een nummer in Frankrijk. „Wij gaan donderdag naar Parijs, naar Michel Platini,” zei Cruijff daarna. „Die is nu head of development bij de FIFA, en wil het wel eens zien.”

En dus togen Berkleef en zijn zakenpartner Rufus van Gom, samen met Cruijff en Rijkaard, naar de Franse hoofdstad om hun pakket te demonstreren op het privékantoor van Platini.

„Hij vond het prachtig”, zegt Kenneth Berkleef terugkijkend. „Het leek hem zeer geschikt voor een club als Manchester United, maar minder voor zijn eigen organisatie. Platini vroeg of we een simpele versie konden bouwen, waarmee een trainer van een amateurclub in een land als Bangladesh uit de voeten zou kunnen. Laat maar weten als je die klaar hebt, zei hij. De FIFA zou dan zo’n 30.000 licenties van het systeem afnemen om wereldwijd te verspreiden onder amateurclubs.”

Kenneth Berkleef, die op zijn zevende vanuit Suriname naar Nederland verhuisde, rolde van het ene verkoopsucces in het andere. Arie van Eijden, ex-directeur van Ajax en de KNVB, kocht 1-2Focus aan voor FC Almere en maakte Johan Wakkie, directeur van de hockeybond, warm voor het concept. Ook bemiddelde Van Eijden, wiens verklaring bij de rechtbankstukken zit, voor een financieringsarrangement bij de Rabobank.

„Het concept had zeer goede exploitatiemogelijkheden en ik was ervan overtuigd dat de applicatie op grote schaal in de sportwereld zou kunnen worden uitgerold”, schreef Frank Rijkaard op 10 november 2014 in een verklaring. Dat was mede te danken aan zijn imposante netwerk.

De handtekening van onder meer Guus Hiddink staat onder het contract dat Berkleef sloot met PSV. En Johan Cruijff regelde dat FC Barcelona met het programma aan de slag ging. Barça had daarvoor één verzoek: de demoversie van 1-2Focus was gebouwd in Visual Basic, een oudere programmeertaal, maar de club wilde een programma dat draaide in .NET – een moderner en breder toepasbaar pakket.

Die klus zou Cap Gemini voor zijn rekening nemen.

IJveriger en goedkoper

De Nederlandse IT-wereld stond in 2005 aan de vooravond van een grote outsourcingsoperatie naar het Oosten. Indiase programmeurs waren, zo was de gedachte, net zo goed als de Nederlandse, maar ook ijveriger, kneedbaarder en vele malen goedkoper. Berkleef en Equihold hapten toe: als Capgemini hun pakket in Mumbai zou laten programmeren, zou dat voor gemiddeld 37 euro per uur kunnen, tegen een veelvoud daarvan in Nederland.

Capgemini formeerde een team dat zou uitdijen tot zo’n dertig man: een door Nederlanders bemande frontoffice in Utrecht en een backoffice met meer dan twintig Indiërs die in India het programmeerwerk voor hun rekening zouden nemen. „Het was niet de bedoeling dat wij direct met de Indiërs communiceerden”, zegt Berkleef. „Dat moest allemaal via Utrecht. Capgemini kende de culturele verschillen en zou onze wensen op de juiste manier overbrengen naar Mumbai, kregen wij te horen.”

Onderdeel daarvan was dat Berkleef de Indiërs bij tussentijdse schriftelijke evaluaties goede rapportcijfers zou geven – ongeacht hun functioneren. „Een filtering op cultuurverschillen”, noemde het softwarebedrijf dat. „Cijfers onder de 4,5 (op een schaal van 1-5) worden gezien als een afgang, en daar staan straffen op”, mailde de verantwoordelijke Capgemini-manager aan Equihold.

In juni 2006 werd een rudimentaire eerste versie opgeleverd. De teller stond inmiddels op zestien manjaren aan programmeeruren, en ruim 1 miljoen euro aan kosten – maar dat was aan het pakket niet af te zien. In de rechtbankstukken zitten de resultaten van een simpele eerste analyse („een soort spellingscheck”) die 11.110 potentiële programmeerfouten aan het licht bracht.

De fouten waren deels toe te schrijven aan onervarenheid van de net afgestudeerde Indiase programmeurs, maar Berkleef kwam gaandeweg achter nog een groot probleem: de Indiërs wisten „he-le-maal niets” van voetbal. Berkleef: „Een Nederlander weet wat een hakje is, maar in India hebben ze geen idee. Daar kijken ze alleen maar cricket. Dat maakte het communiceren ingewikkeld, temeer daar de Indiërs niet hardop durfden te zeggen dat ze niets van voetbal snapten.”

Ten langen leste besloten de mannen van Equihold een Indiase programmeur naar Nederland te halen. Als die snapte wat buitenspel was, hoe lang een verlenging duurde en wie Johan Cruijff was – dan zou hij dat in Mumbai kunnen uitleggen. In de route via het hoofdkantoor van Capgemini had Berkleef steeds minder vertrouwen, en evenmin in de programmeerinspanningen. Spaghetticode, noemt Berkleef de code achter het nieuwe 1-2Focuspakket inmiddels.

De combinatie van haperende techniek en hoge verwachtingen bij clubs en bonden waaraan Berkleef het pakket had verkocht, eiste vanaf 2007 haar tol. Stuk voor stuk lieten de sportorganisaties hem vallen. Hockeybondscoach Roelant Oltmans besloot bijvoorbeeld in december 2007 „met onmiddellijke ingang” te stoppen met 1-2Focus, omdat hij het niet aandurfde „met een onbetrouwbaar systeem deel te nemen aan de Olympische Spelen in China”.

De trainers van PSV hielden het nog het langste vol, maar ook vanuit Eindhoven volgde uiteindelijk een harde opzegbrief. „PSV heeft veel tijd en moeite gestoken in een softwarepakket dat nooit volledig operationeel is geworden”, schreef algemeen directeur Jan Reker op 18 maart 2010 aan Equihold. „Dit is zeer teleurstellend. Vandaar ons besluit om er nu onmiddellijk mee op te houden.”

Optimistisch en strijdbaar

Zes jaar nadat zijn laatste klanten de deur dichttrokken en drie jaar na het faillissement van Equihold, is Kenneth Berkleef optimistisch en strijdbaar. Toen Capgemini niet wilde praten over een „gezamenlijke oplossing” besloot hij zijn pijlen te richten op de aan de Franse beurs genoteerde computergigant, die er in 42 manjaren niet in was geslaagd een werkend systeem te bouwen.

Woensdag staat hij in de rechtszaal tegenover Cap. Hij ziet zijn zaak als een voorbeeldproces en praat als een softwareveteraan. Hij heeft een mediaplan uitgestippeld, en is vastbesloten door te gaan totdat alle Franse stakeholders van Capgemini weten wie Kenneth Berkleef is, en wat hem is overkomen.

Ook voor de Nederlandse IT-wereld heeft hij een boodschap. De Amsterdamse Surinamer, die via de havo, de Belastingdienst, de taxiwereld en de voetballerij in computerland belandde, wil de overheid waarschuwen: „Grote IT-bedrijven zoals Capgemini zijn primair geïnteresseerd in het schrijven van zoveel mogelijk uren – en niet in het opleveren van een werkend pakket.

„Als Volkswagen foute software in zijn auto’s installeert, volgt een wereldwijd excuus. Als Mars verkeerde repen produceert, worden ze teruggeroepen. Maar in de IT-wereld werkt het anders: daar zitten computerbedrijven en grote klanten zo aan elkaar vast, dat ze bij mislukkingen gewoon samen doorgaan. Door dat mechanisme ben ik als kleine ondernemer vermorzeld, maar ik zal doorgaan totdat er genoegdoening is.”