Athene is nu één groot vluchtelingenkamp

Steeds meer vluchtelingen raken in de knel in Griekenland, nu ze door Macedonië worden tegengehouden.

Migranten slapen op de stoep in Athene bij het Victoria-plein. Volgens hulpverleenster Judith van Ekris is de situatie niet langer in de hand te houden. Foto Vadim Ghirda/AP

Judith van Ekris (61) is sinds een half jaar vrijwilliger in Athene. Ze is gekomen via haar kerk met Operatie Mobilisatie, die behalve hulp ook het christelijk geloof probeert te verspreiden. Ze is van plan voorlopig te blijven. De afgelopen dagen ziet ze de problemen verergeren. „De toeloop is enorm. Athene is nu een groot vluchtelingenkamp.”

Meestal gaat Van Ekris nu naar Piraeus, de havenstad bij Athene. Daar komen vluchtelingen onverminderd met duizenden per dag aan, met grote veerboten vanaf de eilanden. Tot voor kort stroomden de meesten snel door naar het noorden van Griekenland. Maar die grens zit nu bijna dicht. Macedonië laat mondjesmaat nog mensen binnen. Alleen Syriërs en Irakezen. De rest probeert het een paar keer illegaal of keert terug naar Athene.

„We delen dingen uit bij de ingangen tot de haven” zegt Van Ekris. „Soms koekjes. Of kleine stiftjes aan kinderen. Pas nog vierduizend toilettasjes. Maandverbandjes, tandpasta. Ook vaak water. Daar vragen mensen om als ze langskomen, zeker nu het weer goed wordt. Door andere organisaties wordt ook veel uitgedeeld. Fruit, bananen, mandarijnen, thee.”

De afgelopen dagen is er wat veranderd. „De toeloop is enorm. Ik heb het gevoel dat het nu uit de hand loopt. Je ziet mensen in groepen op de weg lopen. Er zijn ook nieuwe kampen geopend. Op sommige plaatsen is het heel slecht. Mensen hebben daar nauwelijks plek om rustig te liggen. De badkamer is een groot urinemeer.”

Het is er ook gevaarlijk, zegt Van Ekris, omdat bijvoorbeeld Iraniërs en Marokkanen voortdurend onderling vechten. Mensen zijn bang dat ze op een dag doodgestoken worden om hun spullen. „Ik ben vorige week met een jongen naar een ziekenhuis geweest die een maagzweer had door het slechte eten. Koude spaghetti, terwijl mensen graag rijst eten. Voorverpakte croissants, over van het leger. Die jongen heb ik met dank aan mijn fondsenwerfcampagne twee nachten in een hotel geparkeerd. Nu is hij zoek.”

Van Ekris heeft de indruk dat het niet meer in de hand te houden is. „Ze blijven hangen. Er staan er in Turkije nog heel veel klaar. En in het noorden worden ze tegengehouden. Dan zijn er twee stromen tegen elkaar in die hier elkaar raken. Er zijn mensen die vijf keer heen en weer gaan naar de grens. Net zo lang tot ze door kunnen. Die zien we dan weer terug. Zodra Europa de grens sluit stopt het op. Komen ze weer terug. En stopt het hier op. In september en oktober waren de stromen groter maar toen was er nog doorstroming.”

Mensen zijn vrij om te gaan, zegt Van Ekris. „Niemand kan ze tegenhouden. Vorige week woensdag deelden we maaltijden uit op het Victoriaplein. Die werden bijna uit onze handen gerukt. Die jonge gasten kun je dan bijna niet van je afhouden. Eigenlijk is het ernstig uitzichtloos op het moment.”