Oppositie: geef correct asielcijfer

Rutte zei in de Kamer 58.000 asielzoekers te verwachten. Ambtenaren rekenen op 94.000.

Oppositiepartijen in de Kamer eisen opheldering van premier Mark Rutte (VVD) nu uit onderzoek van NRC en Reporter Radio blijkt dat hij in de Tweede Kamer een lager cijfer over de verwachte instroom van asielzoekers noemt dan de prognose waar ambtenaren mee werken.

„We moeten een herhaling van 2015 voorkomen”, zegt D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma. „Toen werd Nederland verrast, met als gevolg dat er met asielzoekers werd gesleept en er lokale spanningen ontstonden. Het kabinet moet zich niet opnieuw laten verrassen, dit keer door zichzelf, door slechte prognoses.”

Volgens Tweede Kamerlid Sharon Gesthuizen (SP) „verdoezelt” Rutte „bewust duidelijke verwachtingen”. De oppositie wil zo snel mogelijk in debat met Rutte. Ook GroenLinks-leider Jesse Klaver zegt dat Rutte „bewust aan een verkeerde inschatting vasthoudt”. Ook CDA en PVV willen zo snel mogelijk opheldering.

Rutte en staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Justitie, VVD) noemen in het openbaar 58.000 als de voorspelde asielinstroom voor 2016. Maar het ministerie van Veiligheid en Justitie, opvangorganisatie COA en de provincies en de gemeenten die opvangplekken moeten zoeken, werken met het scenario dat er 94.000 asielzoekers komen. Dat blijkt uit interne stukken.

Zo benadrukte de hoogst verantwoordelijke ambtenaar van Dijkhoff drie weken geleden, tijdens intern overleg met die instanties, dat er in de afspraken met provincies en gemeenten voor opvang, het zogenaamde Bestuursakkoord, „wordt uitgegaan van 94.000”. Op datzelfde moment zei Rutte in de Kamer dat het kabinet 58.000 vluchtelingen hanteert als „aantal waarop wij gaan zitten”.

In een reactie op de bevindingen van NRC en Reporter Radio erkent een voorlichter van het ministerie dat „het bestuursakkoord is uitgegaan van 93.600. Dit sluit aan bij het getal waarmee de diensten uit de vreemdelingenketen werken”. Volgens de voorlichter is dat niet in tegenspraak met wat Rutte tijdens het debat zei. „Het bestuursakkoord was geen expliciet onderdeel van de discussie.”