Help eerst Duitsers, roept de AfD

Nationalistische AfD wint aan populariteit in Duitsland. Drie deelstaten gaan in maart stemmen. ‘Onze opmars is niet te stoppen.’

Demonstratie van de AfD in Erfurt (Thüringen) tegen het Duitse asielbeleid. Op 13 maart zijn in drie deelstaten verkiezingen. De AfD doet het goed in de peilingen. Foto Jens Meyer/AP

‘Je weet toch wat ze zeggen in het vliegtuig: als de zuurstofmaskers naar beneden komen, eerst bij jezelf opzetten, zodat je daarna beter anderen kunt helpen. Zo is het ook met de vluchtelingen. Zorg eerst voor de Duitsers, ga dan kijken of je nog meer mensen kunt helpen.”

Dominik is tevreden met zijn metafoor. Op een gure avond staat hij, een goedgeklede jonge man met golvend zwart haar, in het Oost-Duitse stadje Merseburg, iets ten westen van Leipzig, te wachten, op het pleintje voor de spaarbank. Er is veel politie op de been, want zo dadelijk begint een verkiezingsbijeenkomst van de bruine horde, de vijanden van de democratie, de raaskallende idioten, de rechtse populisten, of hoe de partij Alternative für Deutschland (AfD) verder wordt afgeschilderd door critici en tegenstanders.

Er zijn nog ruim twee weken te gaan tot de verkiezingen van 13 maart. Dan wordt er in drie van de zestien Duitse deelstaten gestemd, in wat velen zien als een referendum over Merkels vluchtelingenbeleid – en over Merkel zelf. Volgens recente peilingen staat de AfD hier, in de deelstaat Saksen-Anhalt, op 17 procent. Later op de avond zal de regionale lijsttrekker roepen: „Op naar de 20 procent. Onze opmars is niet meer te stoppen.”

In een paar maanden tijd is de jonge AfD de schrik van de gevestigde partijen geworden. Tegenover de Willkommenskultur van een groot deel van het politieke midden roept zij: ‘Grenzen dicht!’ Op het ‘Wir schaffen das’ van Merkel antwoordt zij: ‘Help eerst de Duitsers eens.’ En haar reactie op de komst van 1,1 miljoen mensen vorig jaar met een andere cultuur luidt: ‘Verdedig de Duitse Leitkultur.’ Het is een mengeling van nationalisme, vreemdelingenhaat, conservatisme, vaak met een scherpe saus uitgeserveerd.

Achter de opkomst van de AfD schuilen uiteenlopende gevoelens, maar in gesprekken met sympathisanten op het pleintje in Merseburg en in de toespraakjes van kandidaten komt één gedachte steeds terug: er was een politiek correcte cultuur ontstaan in Duitsland waarbij geen plaats was voor de mening van mensen die hun bedenkingen hebben bij de komst van zo veel migranten en vluchtelingen.

Niet genoeg oppositie

Wolfgang Ermisch, een vijftiger met de wollen muts diep over de oren die als enige op het plein zijn volledige naam wil geven, verwoordt het zo: „Wij hebben de DDR meegemaakt. Wij weten hoe het is als er censuur bestaat, als je bepaalde dingen niet mag zeggen. Dat is wat er nu gebeurt. Als je naar de politiek in Berlijn kijkt, moet je constateren dat er in het vluchtelingenbeleid geen oppositie is. Bij wie kan ik dan terecht als ik het er niet mee eens ben? Juist.” En hij wijst naar het podiumpje – dat nog steeds leeg is, want de eerste spreker, zo is net meegedeeld, had een sterfgeval in de familie.

Meer directe politiek, meer ruimte voor de afwijkende mening van de AfD in de media zijn belangrijke eisen. De slogan Wir sind das Volk’, waarmee demonstranten in 1989 het einde van de communistische DDR bespoedigden, is weer vaak te horen in het oosten van Duitsland. Ruim een week geleden, toen betogers twee uur lang een bus met asielzoekers tegenhielden. En ook hier in Merseburg, als een van de sprekers later pleit voor meer directe volksraadplegingen, zoals in Zwitserland.

„Laat ze de miljoenen voor de vluchtelingen eens gebruiken om de scholen hier op te knappen. Sinds begin jaren negentig is daar niets meer aan gedaan”, zegt Dominik. Een jonge vrouw, Karstin: „In Duitsland zijn er miljoenen mensen die arm zijn, maar daar is zogenaamd nooit geld voor. Ik kan de kinderopvang niet betalen, de vluchtelingen krijgen het gratis.” AfD-kandidaat Hans-Thomas Tillschneider roept wat later: „De oude partijen moeten stoppen miljarden weg te smijten voor vluchtelingen.”

„Voor de toekomst”, antwoordt Wolfram op de vraag waarom hij op de AfD wil stemmen. Hij heeft een kleine Duitse driekleur bij zich en wijst naar een gebouw een paar honderd meter verder, waar hij bij een demonstratie in 1989 nog een DDR-vlag naar beneden heeft gehaald. „Ik ben voor een Duits Duitsland. Wie hier komt en onze waarden wil overnemen, die is van harte welkom. Maar we mogen het idee van een gemeenschap van mensen niet in gevaar laten komen.”

De AfD is begin 2013 opgericht als een eurosceptische partij, maar is na een leiderschapswisseling afgelopen zomer geradicaliseerd en heeft nu als belangrijkste programmapunt dat de grenzen dicht moeten voor buitenlanders.

Partijvoorzitters zijn Frauke Petry en Jörg Meuthen. De eerste wil zich nog weleens vergalopperen („Grenswachten moeten desnoods schieten als mensen illegaal het land proberen binnen te komen”), de tweede geldt als een intelligentere en gematigder politicus. In het federale Duitsland hebben zij niet zo’n dominerende rol als de leiders van rechts-populistische partijen in andere landen.

Populair in het oosten

Vooral in het oosten van Duitsland heeft de AfD veel aanhang, al zal zij ook in Baden-Württemberg en Rijnland-Palts, de twee andere, westelijke, deelstaten waar volgende maand wordt gestemd, met gemak de kiesdrempel van 5 procent halen. Alle partijen verliezen kiezers aan de AfD. Politicoloog Klaus Schroeder heeft hier veel onderzoek naar gedaan. „Net als vroeger hebben veel mensen in het oosten het gevoel dat er over hen wordt besloten, dat niemand naar hen luistert. Vroeger was Die Linke de partij die de onvrede en het protest tegen het westen kanaliseerde, nu is de AfD dat”, zegt hij.

Het is een diffuse onvrede die meestal ook over geld gaat, zegt Schroeder, waarbij hij meteen aantekent dat er sinds 1990 maar liefst 2.000 miljard euro van de westelijke naar de oostelijke deelstaten is gegaan.

Maar er speelt meer. „In de DDR was er geen meervormigheid. Zowel de bestuurders als de bevolking wilden het niet accepteren als iemand er anders uitzag, op een andere manier wilde leven. Dat speelt nog steeds. Daarbij komt dat veel mensen na de turbulente veranderingen van de afgelopen decennia nu zekerheid willen. Wat gebeurt er met Duitsland als er zo veel nieuwe vluchtelingen komen? Niemand die het weet. In 2014 en 2015 zei de regering dat er getraumatiseerde, hoogopgeleide mensen kwamen, met veel vrouwen en kinderen. Wat blijkt nu: zeven op de tien vluchtelingen zijn jonge mannen, en bijna de helft is analfabeet of slecht opgeleid. Geen wonder dat mensen onzeker worden.”

Die vragen bestaan zeker ook in het westen van het land, zegt Schroeder. „Maar in het oosten worden mensen minder geremd door politieke correctheid. Ze hebben na de val van de Muur het gevoel dat je alles kunt zeggen.” Waarbij een man als Björn Höcke, een omstreden AfD-leider in de deelstaat Thüringen, vaak de grenzen opzoekt van wat in een democratisch debat kan.

Berucht is een uitspraak van Höcke over de voortplantingsdrift van Afrikanen. „Zeker, ongelukkig geformuleerd”, zegt Schröder. „Maar als Der Spiegel schrijft over ‘het angstaanjagende tempo waarin de bevolking van Afrika zich vermeerdert’, hoor je niemand.” Er is veel selectieve verontwaardiging, wil hij maar zeggen. En dat een aantal politici niet met AfD-leiders in discussie wil gaan, is niet alleen onverstandig vanuit de noodzaak in een democratie van open debat. „Ze zijn ook bang niet tegen hen opgewassen te zijn. Populisten geven steeds simpele antwoorden. Dat maakt een discussie niet makkelijk. Maar je moet die wel voeren.”

SPD gaat niet in discussie

Sigmar Gabriel, leider van de sociaal-democratische SPD, heeft volgens Der Spiegel intern gezegd dat de meeste SPD-politici niet in staat zijn met de AfD te discussiëren. Ook zijn partij kampt met weglopers naar de AfD, en het is een schrikbeeld voor Gabriel dat de AfD in Saksen-Anhalt groter zou kunnen worden dan de SPD. Het verschil was in een recente peiling nog maar 1 procent.

De AfD-sprekers in Merseburg zullen weinig debatten winnen. Hun teksten zijn uitgeschreven. Tegen het „systeemkartel” van partijen die de AfD willen buitensluiten. Voor meer agenten en meer directe democratie. Voor meer trots op het goede uit de Duitse geschiedenis.

„We willen geen revolutie op straat”, onderstreept de regionale lijsttrekker André Poggenburg. „Er is plaats voor mensen die de Duitse waarden overnemen. Maar we zijn tegen ongecontroleerde migratie.” Hij krijgt beleefd applaus. En dan, na meer dan een uur in de snijdende wind, is de verkiezingsbijeenkomst voorbij. „Laat u op weg naar huis niet provoceren, laat u niet ophitsen”, drukt de organisator het publiek op het hart. Maar iedereen wil naar binnen. Na vijf minuten is het pleintje leeg.

    • Marc Leijendekker