Naast de bijen hebben ook andere wilde bestuivers het lastig

foto iStock

Allerlei soorten wilde bijen, vlinders, kevers, vogels en vleermuizen zijn belangrijk voor de bestuiving van landbouwgewassen zoals koffie, meloen, amandel en appel. Maar een toenemend aantal van die ruim 20.000 soorten bestuivers wordt met uitsterven bedreigd. Dat verlaagt de opbrengst van fruit, groenten, noten, oliën.

Dat concludeert een nieuw orgaan van de Verenigde Naties, genaamd IPBES, dat zich richt op het belang van biodiversiteit en ecosysteemdiensten. Het is in 2012 opgericht en wil een brug slaan tussen wetenschap en politiek. Het levert nu zijn eerste rapport af.

Het rapport bundelt de wetenschappelijke kennis op het gebied van bestuiving in de landbouw. De laatste tien jaar is duidelijk geworden dat naast de honingbij ook allerlei andere, in het wild voorkomende soorten hiervoor cruciaal zijn. Driekwart van alle voedselgewassen is, in ieder geval voor een deel, afhankelijk van bestuiving. Volgens het rapport vertegenwoordigen die gewassen een waarde tussen de 235 en 577 miljard dollar (216 en 529 miljard euro).

Oorzaak van de achteruitgang in de soortenrijkdom van bestuivers is meervoudig, licht Koos Biesmeijer toe. Hij is een van de hoofdauteurs van het rapport en wetenschappelijk directeur van het Naturalis Biodiversity Center in Leiden. „De intensivering van de landbouw met zijn monocultures, en inzet van bestrijdingsmiddelen, speelt een belangrijke rol”, zegt hij. Maar ook invasieve exotische soorten, ziekten en klimaatverandering.

Oplossingen zijn bijvoorbeeld het aanleggen rond akkers van stroken met wilde planten, en het gebruik van bestrijdingsmiddelen verminderen.

Biesmeijer zegt dat dit rapport meer voor hem betekent dan een publicatie in het prestigieuze wetenschappelijk tijdschrift Science. „De politiek is er zo nauw bij betrokken. Het heeft grotere impact.”