Die afgeschreven pedaalridder? Geef hem de ruimte!

Bas Tooms voelt juist sympathie voor de „kwetsbare groep” die wil afvallen.

Eigenlijk kunnen mannen van middelbare leeftijd niks goed doen. Ze kopen een rode sportwagen of gaan voor een handicap en kopen voor duizenden euro’s aan golfclubs. En nu is ook de fietsende middelbare man aan de beurt. De mamil. Maar is deze variant van een midlifecrisis nou echt zo erg?

Nee. Sterker nog, het is een van de meest nobele varianten van het cliché over middelbare mannen. En gezonde. En misschien wel goedkoopste. In het weekend hijsen deze mannen zich in het lycra om – weer of geen weer – een rit te maken. Om af te vallen, om gezond te blijven.

Wanneer zij het niet flatterende lycra aangetrokken hebben en het buikje zien waar ze van af willen, bewegen ze zich naar de garage. Daar geen enorme sportwagen, maar een tienduizenden euro’s goedkopere fiets aan de muur.

En daar gaat de mamil. Met vrienden de weg op. Daar zouden de problemen beginnen.

Want deze mannen in lycra hebben nogal wat kenmerken. Ze zijn van middelbare leeftijd, hebben matig tot ernstig overgewicht, rijden tegen de 40 kilometer per uur, zijn slecht gehumeurd en een gevaar voor anderen op het fietspad.

Zelfs als verdienstelijk amateurwielrenner tik ik de 40 kilometer per uur gemiddeld niet aan. Een mamil zoals hierboven beschreven wel? Ik moet ze nog tegenkomen. Die middelbare mannen zijn zich daar ook van bewust: vandaar het slechte humeur.

En ja, het ontbreekt menig wielrenner aan goede manieren op de weg. Maar dat heeft weinig te maken met de leeftijd van de rijder. Op het moment dat wielrenners de weg op gaan – zeker in groepen – dan wanen zij zich king of the road. Het moet sneller, risico’s worden voor lief genomen: zo lang er maar een goed gemiddelde gereden wordt.

Recreatieve wielrenners zijn hier de dupe van. En de mamils. Juist die groep moeten we in bescherming nemen.

Het zijn afgeschreven pedaalridders die zich, ondanks het slechte imago, in het lycra hijsen. Een kwetsbare groep die wat aan haar fysiek wil doen. Deze weekendwarriors – doordeweeks rijden ze niet – moeten we de ruimte geven. Als we dan toch een groep van de fietspaden in het weekend moeten weren, dan is het wel de groep gemotoriseerde, gepensioneerde fietsers. Die mogen doordeweeks.