Kinderombudsman: asielopvang voor kinderen onder de maat

Kinderen van asielzoekers worden niet goed opgevangen, stelt de kinderombudsman. Ze missen structuur.

Marc Dullaert, kinderombudsman Foto ANP

De opvang van vluchtelingenkinderen in de noodopvang is onder de maat en de verblijfsduur veel te lang. Als deze kinderen niet sneller de zorg, het onderwijs en de stabiele woonsituatie krijgen die ze nodig hebben, raken zij op een achterstand die ze wellicht niet meer kunnen inhalen.

Kinderombudsman Marc Dullaert trekt harde conclusies in zijn vanmorgen verschenen rapport ‘Wachten op je toekomst. Kinderen in de noodopvang in Nederland’.

Door het gebrek aan opvangplekken worden veel kinderen opgevangen in tijdelijke locaties en moeten zij vaak verhuizen - in 2015 was zeven tot acht keer vrij normaal, vaker kwam ook voor. Ze moeten steeds van school wisselen. Net gearriveerd op een locatie moeten ze bovendien te lang wachten voor ze naar school kunnen. „Terwijl school juist de structuur biedt die deze kinderen nodig hebben”, schrijft de ombudsman.

De omstandigheden in noodopvanglocaties zijn van dien aard dat een enigszins normaal gezinsleven lange tijd niet mogelijk is. Er is weinig privacy omdat kamers worden gedeeld. „Kinderen missen hierdoor een plek waar zij zich beschut en beschermd kunnen voelen.” Daarnaast biedt een noodopvanglocatie weinig mogelijkheden om te spelen, sporten, huiswerk te maken en te ontspannen. Ook kan er niet gekookt worden.

De wachttijden voor een behandeling van een asielverzoek zijn door de grote toestroom flink toegenomen. Ook de procedure zelf duurt maanden langer dan voorheen. Als er ook nog een procedure moet worden gestart voor gezinshereniging, kan het in totaal meer dan twee jaar duren voordat kinderen en ouders weer bij elkaar zijn. Deze termijnen zijn volgens de kinderombudsman onacceptabel lang.