Gedonder op de Veluwe

Op ons hoofd vinden we het mooi, uitgevallen is het vies. Een tentoonstelling in het Centraal Museum toont onze dubbele verhouding met haar.

Foto’s AP / Bloomberg

Is het gereformeerde geloof de grootste vloek van Nederland? Als je kijkt naar de hoeveelheid afrekenliteratuur en in navolging daarvan ook films die er inmiddels over het christelijk extremisme zijn gemaakt zou je bijna gaan geloven van wel.

Het nadeel is dat al die boekverfilmingen vooral een soort bewegende plaatjesreeksen moeten zijn ter illustratie van wat al die honderdduizenden lezers zich in hun hoofd ook al min of meer hebben voorgesteld, maar zelden een eigen visie geven op het verfilmde materiaal. Ben Sombogaart probeert dat wel, zijn Knielen op een bed violen is een soort horrorfilm met veel donderwolken en dreigende muziek. Dat moet ook wel, want veel voorgeschiedenis zit er niet bij. In enkele flashbacks wordt duidelijk dat hoofdpersoon Hans Sievez geplaagd moet worden door een enorm schuldgevoel. Er is iets niet pluis met de dood van zijn vader. Heeft hij daar misschien zelf de hand in gehad?

Een andere reden is er niet te bedenken waarom hij zo vatbaar is voor een Mefistofeles-achtig komisch mannetje met bolhoed dat op een dag in zijn tuin staat en hem met iets wil chanteren. Maar met wat? En waarom is deze goedmoedige kettingrokende tuinder met leuk zoontje en lieve vrouw met wie hij een heus seksleven heeft daar zo vatbaar voor?

Het blijkt allemaal tamelijk weinig met de bestseller van Jan Siebelink van doen te hebben, maar ook niet substantieel genoeg voor een afgeleide interpretatie. Het was waarschijnlijk heiligschennis geweest om het boek echt om te vormen tot een soort Salem op de Veluwe, maar de vreemde rituelen en de zwarte wolk van mannenbroeders doen er wel aan denken.

    • Dana Linssen