Wordt de winkelstraat elders in Europa ook steeds leger?

Waar je ook kijkt in Europa: de winkelstraten zijn veranderd. Vooral in de middelgrote steden hebben ondernemers last van de online concurrentie en grote winkelcentra net buiten de stad.

België

Het economische gemodder van de laatste jaren heeft België minder hard geraakt dan Nederland. Faillissementen bleven beperkt – de winkels van Scapino, Photo Hall en diepvriesketen O’Cool sloten tussen 2013 en 2015 definitief de deuren. Maar de meeste winkelketens doen het goed volgens retailexpert Gino Van Ossel van de Vlaamse Vlerick Business School.

De klappen in de markt – veroorzaakt door snel veranderend consumentengedrag – hebben de Belgen ruim twintig jaar geleden al opgevangen, zegt Van Ossel. „Naar Amerikaans voorbeeld zijn toen de zogeheten ‘baanwinkels’ begonnen: mode- en meubelzaken openden filialen langs buitenwegen van grote steden.”

Het hoort volgens de expert bij de typisch Belgische „slordige lintbebouwing”. In Nederland gelden strengere regels over ruimtelijke ordening bij de bouw buiten de stad, „maar in België doet men maar wat. Met lagere huurprijzen buiten het centrum maken winkeleigenaars minder kosten.”

Ook de Vlaamse Standaard-boekhandelketen heeft weinig last van terugloop. Van Ossel: „Boeken online bestellen doet een Vlaming niet graag. Sowieso is e-commerce hier minder populair dan in Nederland.”

Online is in Nederland vooral zo succesvol door „het camping syndroom”, zoals de retailexpert het noemt. „Jullie vertrouwen elkaar snel, zoals op de camping, en laten de aankopen gewoon bezorgen bij de buurman als je zelf elders bent. Een Belg heeft liever niet dat zijn buur weet wat hij allemaal koopt.”

Duitsland

De snelheid waarmee in Duitsland nieuwe digitale diensten op de markt komen, leidt „tot een omslag in de binnensteden”, zei Carsten Linnemann, voorzitter van de MIT, de invloedrijke middenstandsorganisatie van de CDU. Opvallende nationale faillissementen zijn er recentelijk niet geweest, en op de A-lokaties in grote steden als Hamburg, Keulen, München, Dresden en Leipzig is niets aan de hand, zegt Tine Fuchs, die voor de Duitse Industrie- en Handelskamer de ontwikkelingen in de binnensteden volgt. Maar in middelgrote en kleinere steden komen wel steeds meer winkels leeg te staan. Fuchs ziet twee hoofdoorzaken: grote warenhuisketens als Karlstad, Woolworth en Horten hebben in veel steden filialen in het centrum gesloten, en daardoor hebben omringende winkels minder klanten. Daarnaast is het winkelen via internet volgens haar in Duitsland extra aantrekkelijk omdat je de rekening pas betaalt als je hebt besloten wat je wilt hebben. Wie vijf paar schoenen bestelt en er vier paar terugstuurt, hoeft geen geld terug te vragen, maar betaalt slechts één keer één paar.

Frankrijk

Afgelopen januari luidde de Franse detailhandelsfederatie Procos, die 260 bekende Franse winkelmerken verenigt, de noodklok: opnieuw was de leegstand verder opgelopen. Stond in 2001 nog 6,3 procent van de winkels in de Franse binnensteden leeg, in 2014 was dat 8,5 procent.

Dat komt niet zozeer door failliete ketens, zoals in Nederland, maar door kleine middenstanders die uit de markt geprijsd worden door internethandel en de steeds grotere centre commerciaux aan de rand van de stad.

Lokale gemeentebesturen proberen van alles om het tij te keren. Zo is in de stad Le-Puy-en-Velay (18.000 inwoners) van gemeentewegen een website opgezet om kleine lokale bedrijven de mogelijkheid te geven online te verkopen. De regering-Hollande heeft in 2014 een wet aangenomen die exorbitante huurverhogingen voor winkels en kleine ondernemers moet tegenhouden. Maar of dat iets helpt is niet zeker: niet alleen winkels, ook bewoners vertrekken steeds vaker uit het centre ville naar de periferie: in middelgrote steden staan niet alleen winkels, maar vooral ook veel huizen leeg.

Groot-Brittannië

In het Verenigd Koninkrijk gaat het voor het eerst sinds jaren weer goed met de winkelstraat. Tegen alle verwachtingen in besteedden de Britten in januari 2,3 procent meer dan in december. Het British Retail Consortium meldde dat nog 8,7 procent van de winkels leegstond.

Dat was 14,6 procent in 2012 – het rampjaar voor de Britse ketens. Toen sloot slijterijketen Oddbins, en stootten babywinkel Mothercare, chocolaterie Thorntons, electronicawinkel Dixons en witgoedzaak Argos tientallen winkels af. Dat raakte vooral kleinere steden.

Het beeld in winkelstraten is wel veranderd. In sommige steden – met name in Noordoost-Engeland en Wales, zijn panden weliswaar bezet, maar met de poundshops, waar alles één pond (1,27 euro) kost, bookmakers en liefdadigheidwinkels. De laatsten – ruim 10.000 in het hele land - zijn een Brits instituut: ze verkopen tegen een schijntje gedoneerde tweedehandskleding en – spullen, en haalden daar vorig jaar 290 miljoen pond mee op voor goede doelen.

Spanje

In de winkelstraten van de grote Spaanse steden heerst vooral Inditex. Het bedrijf achter het modemerk Zara, wist ondanks de recessie met een tactiek van hoge omzetten in een laag segment voortdurend te groeien. De kledinggigant beschikt in Spanje over honderden winkels met merken als Pull & Bear, Massimo Dutti en Bershka. Volgens Inditex-topman Pablo Isla is een strategie van ‘multi-concept, multi-growth’ de basis van het succes. Grondlegger van Inditex is Amancio Ortega. Hij opende de eerste Zara- winkel in La Coruña. Een kleine halve eeuw later is Inditex met 6.777 winkels actief in 88 landen, waaronder ook Nederland.

El Corte Inglès – wat betreft uitstraling vergelijkbaar met V&D – krabbelt juist net weer een beetje op, na een zware periode in de crisis. De grootste warenhuisketen van Europa biedt werk aan 91.437 mensen. In 2014 wist de keten voor het eerst sinds 2010 weer een lichte groei in de verkopen te realiseren.De bescheiden nettowinst kwam uit op 118 miljoen euro. Vergelijkbaar met de resultaten van 1988.